‘Aantal gepensioneerden stijgt van 3 naar 4 miljoen’

Dat schreef Eerste Kamerlid Martin van Rooijen (50Plus) deze week in Trouw.

Foto Bart Maat / ANP

De aanleiding

Senator Martin van Rooijen schreef deze week een opiniestuk in dagblad Trouw waarin hij een vurig pleidooi hield tegen de zogeheten fiscalisering van de AOW. Dat oude voorstel, om gepensioneerden voortaan ook een AOW-premie te laten betalen, dook onlangs weer op in een advies van een groep topambtenaren voor een volgend kabinet.

Van Rooijen heeft drie redenen om daar fel op tegen te zijn: hij is Eerste Kamerlid voor 50Plus; hij is voorzitter van de Koepel van Nederlandse Verenigingen van Gepensioneerden en hij is 74 jaar – en ontvangt dus zelf al geruime tijd een AOW-uitkering.

In het artikel Wie nu bijna 50 is, houdt later weinig AOW meer over betoogt hij dat gepensioneerden nu al als belastingbetaler een steeds groter deel van de AOW financieren. Dat aandeel zal „ook zonder fiscalisering van de AOW hard stijgen”, onder meer doordat de populatie groeit. „Het aantal gepensioneerden stijgt de komende jaren van 3 naar 4 miljoen”, schrijft de voormalig staatssecretaris van Financiën in het kabinet-Den Uyl (toen nog namens de KVP, een van de voorlopers van het CDA).

Waar is het op gebaseerd?

Desgevraagd verwijst Van Rooijen naar de bevolkingsprognose van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), editie 2014.

Maar eerst het antwoord op de vraag: wat is een gepensioneerde? Is dat iemand die gestopt is met werken en een welverdiende pensioenuitkering geniet? Of iemand die de wettelijke AOW-leeftijd heeft bereikt? Niet alle AOW’ers hebben immers een aanvullend pensioen van een pensioenfonds.

Van Rooijen erkent dat ‘gepensioneerde’ een gecompliceerd begrip is, omdat er verschillen bestaan in de ingangsdatum van het pensioen en er volledige pensioenen bestaan en deelpensioenen. Van Rooijen zegt in zijn artikel in Trouw de definitie ‘AOW’er’ gebruikt te hebben.

En, klopt het?

De bevolkingsprognose van het CBS uit december 2014 maakt een inschatting van het inwonertal naar leeftijdscategorie voor de jaren 2014-2060. Uit een van de vele grafieken blijkt dat het aantal AOW’ers inderdaad op dit moment iets boven de 3 miljoen ligt en in de komende jaren behoorlijk zal stijgen, tot 3,9 miljoen in 2040. Behalve door de toenemende vergrijzing is ook het opschuiven van de AOW-leeftijd (naar 67 jaar in 2021) hiervan de oorzaak.

Het CBS hanteert ook een tweede categorie: 65-plussers, die wegens die opschuivende leeftijdsgrens dus niet allemáál AOW’ers zijn. Deze bevolkingsgroep ontwikkelt zich om die reden net iets anders dan de mensen met een staatspensioen: van 2,9 miljoen in 2014 tot al 4 miljoen eind jaren twintig. Vorig jaar bracht het CBS een update van de bevolkingsprognose. Daarin wordt het aantal 65-plussers in de jaren na 2030 iets naar boven bijgesteld, maar ook nu wordt de 4 miljoen al in 2027 bereikt.

Omdat Van Rooijen van AOW’ers zegt uit te gaan, kijken we ook nog naar de databank van de Sociale Verzekeringsbank, die de AOW-uitkeringen uitbetaalt. Die cijfers zijn iets preciezer dan die van het CBS, en ietsje anders. Al in 2011 telde Nederland 3,02 miljoen AOW’ers. En pas in 2031 springt het aantal door de grens van 4 miljoen heen, naar 4,01 miljoen.

Conclusie

AOW’ers of 65-plussers, de ontwikkeling van de bevolkingsgroep ‘gepensioneerden’ komt min of meer overeen met het aantal dat Van Rooijen in zijn opiniestuk noemt. Hij heeft, zegt hij, „vooral willen aangeven dat het aantal ouderen enorm stijgt”. We beoordelen zijn stelling als waar.

Ook een bewering zien langskomen die je gecheckt wilt zien? Mail nrccheckt@nrc.nl of tip via Twitter met de hashtag #nrccheckt