Hockeykeepster Sombroek bewijst: ze is shoot-outspecialist

Hockey Keepster Joyce Sombroek redde tijdens de shoot-outs de kans op het derde goud op rij. Ze is een specialist: geen scherper paar ogen dan die van haar.

Koen Suyk/ANP

Acht seconden. Zoveel tijd heeft een hockeyster om een stilliggende bal van de 23-meterlijn in het doel achter de keepster te werken in een serie shoot-outs. Voor de aanvalster lijken ze in een flits voorbij, voor de doelvrouw duurt het een eeuwigheid. Joyce Sombroek (25) weet er alles van. Zij was er woensdag in Rio hoogstpersoonlijk verantwoordelijk voor dat de Nederlandse hockeyvrouwen voor de vierde achtereenvolgende keer de olympische finale mogen spelen, nadat ze in de halve finale tegen Duitsland vier van de zeven shoot-outs tegenhield. „Joyce is de beste keepster van de wereld”, zei Naomi van As onomwonden over haar ploeggenoot bij Laren.

Ze hadden doodsangsten uitgestaan, want Nederland scheerde langs de rand van de afgrond na het gelijkspel in reguliere speeltijd (1-1). De trotse olympisch kampioen van 2008 (Beijing) en Londen (2012) was woensdagmiddag in een snikheet Centro Nacional de Hóquei centimeters verwijderd van uitschakeling.

Totdat Sombroek opstond als de reddende engel. Net als vier jaar geleden in Londen, ook in een serie shoot-outs in de halve finale, toen tegen Nieuw Zeeland. Destijds was ze de jongste van de ploeg, nu is ze routinier. „Ik heb tot alle goden op de berg gebeden”, riep Van As naderhand. Op was ze. Van de spanning, de hitte, de angstige momenten tijdens de shoot-outs.

Cillessen

Ja, het is een specialisme, beaamt Sombroek, die de afgelopen jaren geen mogelijkheid onbenut liet om een betere keepster te worden. Keep chasing the one percent is niet voor niets haar motto. Elke procent die ze beter kan worden, wil ze aangrijpen. Ze trainde met oud-ijshockeybondscoach Tommie Hartogs, omdat de shoot-outs in die sport al langer voorkomen. Sombroek deed speciale oogtrainingen, ging op bezoek bij Ajax om te onderzoeken hoe Jasper Cillessen en keeperstrainer Carlo l’Ami werken, en ze liep mee met de nationale handbalploeg. Geen scherper paar ogen binnen de hockeyselectie dan die van de doelvrouw van Laren.

Er gaan hele toernooien voorbij waarin Sombroek wedstrijden lang nauwelijks iets te doen krijgt. Tijdens het WK in Den Haag (2014), waar Nederland vrij eenvoudig wereldkampioen werd, kreeg ze geen enkel doelpunt tegen. Des te moeilijker om op te staan als de nood aan de man is. Franzisca Hauke had een onverwachte Duitse finaleplaats op haar stick, maar in haar zware bepakking bleef Sombroek uiterst koelbloedig in de cirkel, waar de temperatuur was opgelopen tot 35 graden. „Op zo’n moment ben ik totaal niet bezig met de uitslag of de stand”, zei Sombroek na het zinderende slot. “Tijdens de shoot-outs weet ik echt niet hoeveel het staat. Ik concentreer me op de dingen waar ik invloed op heb. Ik ben bezig met rustig blijven, proberen in de flow te komen, afwachten. En op het moment dat de bal vrijkomt: gaan.”

Ze traint er vrijwel dagelijks op, zo’n tien shoot-outs per training. Het leverde haar een schat aan ervaring op. “Acht seconden lijken kort, maar het is lang. Het is verleidelijk om te gaan, als keepster. Maar de speelster is degene die het moet doen, en dat in acht seconden. Dus ik probeer zoveel mogelijk te vertragen, de druk bij de speelster leggen. Ik moet vooral rustig blijven, mijn ademhaling omlaag brengen, al is dat best pittig als het zo warm is.”

Black-out

Sombroek redde er het olympische toernooi mee voor haar ploeg en bondscoach Alyson Annan, die duizend doden was gestorven langs de kant. De voormalig wereldhockeyster van het jaar was tijdens de wedstrijd zo druk bezig geweest met coachen dat ze na het laatste fluitsignaal dacht dat er nog een kwart te spelen was.

„Even een black-out, denk ik. Dat kan gebeuren. Ik heb mijn excuses aangeboden.”

De speelster hadden even raar opgekeken toen Annan zei dat ze nog vijftien minuten hadden om het duel te beslissen, maar lang duurde de verwarring niet, zei Van As.

„Ze was even in de war. Maar we zijn een team, we laten ons niet van de wijs brengen door zoiets.”

Ellen Hoog miste haar eerste shoot-out, maar dat was niet nog een gevolg van het misverstand, zei ze. „Nee, ik ga me pas vlak voor mijn shoot-out concentreren.” Hoog schoot vervolgens, net als vier jaar geleden in Londen, de beslissende shoot-out raak en sleepte Nederland naar de vierde olympische finale op rij.

De speelsters, en Annan, waren zielsgelukkig met de finaleplaats, maar uiterst ontevreden over hun eigen spel tegen Duitsland. Met name het eerste kwart was ronduit slecht en inspiratieloos. “Nederland onwaardig”, zei aanvoerder Maartje Paumen, maker van de enige Nederlandse treffer in reguliere speeltijd. Ze was achteraf vooral opgelucht. Dat het weer op shoot-outs aankwam om de finale te bereiken, vond ze onnodig. „Maar we hebben veel vertrouwen in onze eigen shoot-outs, en in Joyce. We hebben de laatste tien series gewonnen, denk ik. Dan moet je vertrouwen geven aan de vijf die hem gaan nemen. En aan Joyce. Zij heeft ons gered, superknap.

Maar het zal in de finale een stuk beter moeten dan wat Nederland tegen Duitsland liet zien, zegt Paumen.

„Het is geen oefenwedstrijd. We zullen in de finale echt veel scherper moeten zijn, met alles.”

Nederland speelt in de finale tegen Groot-Brittannië dat in de halve eindstrijd Nieuw-Zeeland vrij eenvoudig met 3-0 versloeg. Dat wordt een herhaling van de EK-finale vorig jaar. De Britse vrouwen wonnen toen na…shoot-outs.