Jonah Hill: vlees geworden ongemak

Jonah Hill Hij is vooral bekend van zijn bijrollen, waarvoor hij al twee Oscarnominaties kreeg. Maar de 32-jarige acteur Jonah Hill is meer dan een komische, dikke ‘angry nerd’.

Efraim Diveroli (Jonah Hill) en David Packouz (Miles Teller) op weg naar het grote geld van de wapenhandel in War Dogs. ©

De doorgesnoven rechterhand van Leonardo DiCaprio spelen, die onder invloed van quaaludes zijn geslacht tevoorschijn tovert als er een aantrekkelijke vrouw een feestje binnenwandelt. Jonah Hill (1983) noemt zijn rol als Donnie Azoff in The Wolf of Wall Street (2013) vaak het hoogtepunt van zijn carrière, en veel critici zullen hem gelijk geven. Het leverde de acteur zijn tweede Oscarnominatie op voor beste mannelijke bijrol.

Donnie Azoff eet een goudvis om een punt te maken:

Jonah Hill heeft vele noemenswaardige pogingen ondernomen andere types te spelen dan de hilarische sidekick, hier van Leonardo DiCaprio. Hij speelde onder meer een geniale sportstatisticus in Moneyball, waarvoor hij eveneens een Oscarnominatie ontving. Maar bij het brede publiek is de Amerikaan vooral bekend als de acteur die de show steelt met bijrollen als sociaal onaangepast maatje of gefrustreerde huisgenoot.

Zijn vroege rollen van de mollige comic relief waren niet per se zijn eerste keuze, zegt Hill als we hem ontmoeten in Beverly Hills. „In het begin pak je echt elke job die je kan krijgen. Maar nu benadruk ik films met creatieve smaak.”

Aan het imago van over the top sidekick zal War Dogs, dat vanaf deze week in de bioscopen draait, geen verandering brengen. Hill is er Efraim Diveroli, een angstaanjagend gewetenloze crimineel die zijn ‘beste vriend’ David Packouz (Miles Teller, Whiplash), de internationale wapenhandel insleept. Windeieren leggen deze rollen Hill niet, hij verdiende de afgelopen jaren miljoenen als politiepartner van Channing Tatum in komedies als 22 Jump Street. Volgens zakenblad Forbes hoort Hill bij de top-30 van bestbetaalde acteurs van het moment.

Bekijk de trailer:

Schaamteloosheid en slapstick

Het is niet moeilijk te zien waarom een komedieregisseur als Todd Phillips de acteur dolgraag cast als Diveroli. Het is Hills derde rol als bestaand karakter – maar ditmaal ontmoette de acteur hem niet – Diveroli weigerde mee te werken aan de film. Waarschijnlijk vermoedde de oud-crimineel – met reden – dat Hill hem niet in een positief daglicht zou plaatsen.

Wat vindt NRC van War Dogs? Lees de recensie.

Het zou best kunnen dat zijn personage alsnog belt, zegt Hill grijnzend. Als War Dogs het goed doet. „Dat overkwam me ook met The Wolf of Wall Street en Moneyball. Ze willen niks met de film te maken hebben tot ik word genomineerd voor een Oscar. Dan is het opeens van: oh, heb je nog twee tickets?”

Hill is een van de weinige Hollywoodsterren met – als hij niet op dieet is – een behoorlijk stevige lichaamsbouw en hij is niet vies van schaamteloosheid en slapstick. Zo heeft zijn patserige Diveroli een opmerkelijk verwijfd lachje. Verder heeft de acteur ‘last’ van wat hij recentelijk in The New York Times een ‘resting bitch face’ noemde, een gezicht dat er standaard arrogant en geïrriteerd uitziet en hem een gemeen, onvoorspelbaar randje geeft.

Regisseur Phillips, bekend van de bromancefilm The Hangover, waarin een groepje vrienden na een avondje Las Vegas wakker wordt zonder herinneringen maar met een tijger in de badkamer, brengt via Hill veel lucht in het behoorlijk verontrustende waar gebeurde verhaal van War Dogs. De film vertelt het verhaal van een stel twintigers die ontdekken dat kleinere bedrijven kunnen meedingen naar de wapencontracten voor het Iraakse en Afghaanse leger en een kans zien om rijk te worden.

Hills doorbraak als een van Hollywoods favoriete sidekicks begint bij puberkomedie Superbad (2007). De toen 23-jarige acteur speelde er een laatstejaars op een middelbare school die nogal obsessief bezig is met seks en hierdoor samen met zijn beste vriend, de goeiige Evan (Michael Cera), in de problemen komt. Hill had drie jaar eerder zijn acteerdebuut gemaakt in I Heart Huckabees (2004) met Dustin Hoffman, nadat hij in New York bevriend was geraakt met diens kinderen.

De joodse Jonah Hill Feldstein groeide op in een gegoed milieu in Los Angeles – zijn vader was accountant van Guns N’ Roses – en besloot, nadat hij had ontdekt dat een carrière als skater er niet inzat, een schrijf- en regieopleiding in New York te volgen. Hij merkte dat hij acteertalent had en kwam in het vizier van producent en regisseur Judd Apatow. Zo belandde hij in diens vaste ensemble: hij speelde in Superbad, Knocked Up (2007) en Funny People (2009).

Hill, die besefte dat typecasting op de loer lag, liet popcornkomedies daarna even aan zich voorbijgaan en koos films die variatie brachten, zoals Cyrus (2010), waarin hij als enig zoontje de strijdt aanbindt met de minnaar van zijn moeder. Voor zijn rol in The Wolf of Wall Street accepteerde hij het minimumloon. Intussen schreef en (co)produceerde hij; zijn regiedebuut komt eraan.

Boze nerd in Hollywood

Een behoorlijk divers cv voor een acteur van 32, maar daar hoor je Hill niet snel over opscheppen. In 2013 waste hij een iets te jolige interviewer van Rolling Stone de oren met de opmerking dat acteren in grappige films hem niet verplicht domme vragen te beantwoorden. Hij benadrukte vervolgens zijn uitzonderlijke status van komiek in Oscarwinnend drama. Zo belandde hij steevast in lijstjes van ‘Hollywoods meest arrogante figuren’, liefst geïllustreerd met een foto samen met zijn bulldogje Carmela.

Maar bij recente misstappen, zoals een homofobe uitval tegen een paparazzo in 2014, ging Hill meteen door het stof. En tijdens ons groepsgesprek blijft hij goedmoedig: geen vraag lijkt hem te gortig. Of hij nog wat kilo’s aankwam om de dikke, zwetende Diveroli te spelen? Met een glimlach knikt hij. „Dat was goed voor dit personage.” Na een korte stilte klinkt Hill even scherp: „Het was dus een keuze, oké?” Dan is de glimlach weer terug. Jonah Hill werd wel groot als vlees geworden ongemak, als echte boze nerd wil hij toch niet bekendstaan.

Met medewerking van Diederik van Hoogstraten.