De laatste gevangenen van ‘Gitmo’

Guantánamo Bay

Een diplomatiek offensief begint resultaat op te leveren: landen in de Golfregio nemen relatief grote aantallen Guantánamo-gevangen op.

Onder Obama is het aantal gevangenen met driekwart teruggebracht

Opnieuw lukt het de Verenigde Staten om gevangenen uit Guantánamo Bay naar de Verenigde Arabische Emiraten te sturen. Maandagnacht maakte het Amerikaanse ministerie van Defensie bekend dat dit land vijftien gedetineerden opneemt. Vorig jaar namen de VAE al vijf gevangenen op, aldus het Pentagon. In 2008 nam het land al de eigen staatsburger Abdulah Alhamiri op.

Een van de redenen dat het president Obama niet zal lukken de gevangenis te sluiten, zoals hij tijdens zijn verkiezingscampagne en bij zijn aantreden beloofde, is dat zo weinig landen hem tegemoet willen komen bij het opnemen van Guantánamo-gevangenen. Waarom de VAE de uitzondering vormen, en waarom zij nu ineens bereid zijn zo veel gevangenen op te nemen, is niet helemaal duidelijk.

Staatspersbureau WAM heeft het nieuws niet gemeld, en overheidsfunctionarissen in het land geven geen commentaar.

Wel zijn de VAE een belangrijke bondgenoot van de VS en een grote afnemer van Amerikaanse wapens. Er zijn duizenden Amerikaanse militairen gestationeerd op de luchtmachtbasis Al-Dhafra, die werd gebruikt voor de oorlogen in Irak en Afghanistan en voor de bombardementen op terreurbeweging Islamitische Staat. De haven van Dubai wordt veel gebruikt door Amerikaanse marineschepen.

Het is onduidelijk wat er met de gedetineerden is gebeurd die eerder door de VAE zijn opgenomen. Vermoedelijk hebben ze een soort rehabilitatieprogramma doorlopen.

Er zijn tot nu toe geen berichten naar buiten gekomen dat ze slecht behandeld worden, zei Clive Stafford Smith, directeur van Reprieve, een Britse actiegroep die een van de vrijgelaten Jemenieten bijstond. „Naar wat ik heb gehoord, worden ze best goed behandeld”, zei Stafford Smith tegen persbureau AP. „Ze mogen niet reizen en ook geen communicatie van enige betekenis onderhouden. Maar verder gaat het goed met ze. Arabisch is de voertaal en het is best dichtbij huis.”

Na het vertrek van de vijftien naar de VAE staan nog twintig mensen op de wachtlijst voor een transfer. Maar vrees dat ze weer de wapens zullen opnemen na hun vertrek uit Guantánamo vertraagt hun vrijlating. Inlichtingendienst DNI brengt elke zes maanden een rapport over oud-gedetineerden uit. Volgens het laatste rapport, dat in maart werd gepubliceerd, heeft 17,5 procent van de 676 vrijgelaten gevangenen zich „opnieuw beziggehouden” met vijandige acties.

Dat percentage is de laatste jaren overigens wel gedaald. Onder president George W. Bush hebben 111 van de 532 vrijgelaten gedetineerden (21 procent) de wapens opgepakt, terwijl dat slechts gold voor 7 van de 144 gedetineerden (5 procent) die onder Obama zijn vrijgelaten. Dat lagere percentage zou het gevolg zijn van betere screening in de VS en beter toezicht in landen waar ze naar toe gaan. Maar dat stelt critici niet gerust.