Weinig last van familie Hassan

Asielzoekers In Oss werd fel geprotesteerd tegen de komst van asielzoekers. Nu die er zijn, blijkt van de gevreesde problemen geen sprake.

Foto Hans van der Poel/Novum

Het vijfjarige zoontje van de Syrische Nour en Zahed Hassan vliegt in zijn nieuwe woning in Oss van de bank naar de tafel. Hij pruttelt Nederlandse woordjes. „Bloemetje, tafel, zon, maan”, zegt hij. Dan knipt hij met een lamp. „Aan, uit, aan, uit.”

De woning van de familie Hassan, in de Jonkers van Ossstraat, was in maart nog het centrum van heftige protesten. De buurt was tegen de komst van mannelijke statushouders, asielzoekers met een verblijfsvergunning. Er werd tot tweemaal toe een steen door de ruit gegooid van het toen nog onbewoonde huis. Nu woont het Syrische gezin er drie maanden in alle rust, vertelt vader Zahed. „Onze buren zeiden toen we hier kwamen wonen: pas een beetje op, er zijn veel protesten geweest. Maar onze kinderen spelen buiten met de andere kinderen en iedereen groet me vrolijk als ik de straat op ga.”

De afgelopen maanden was het in Oss soms wel elke dag raak. In verschillende straten gingen boze burgers met spandoeken voor een huis staan, als protest tegen de komst van statushouders. Meerdere woningen werden bekogeld met stenen, vaak moest de politie ingrijpen om de boel weer rustig te krijgen. Inmiddels verbiedt de gemeente Oss demonstraties in de wijken: te veel overlast.

Enkele weken terug nog werden er stenen gegooid door de ruiten van een huis dat bedoeld was voor drie Syrische statushouders. De gemeente hing bewakingscamera’s op.

Nul last

„In Oss pikken bewoners de beslissingen van autoriteiten niet zo snel, dat is altijd al zo geweest”, zegt Gé Wagemakers (VVD), als wethouder verantwoordelijk voor de huisvesting van vluchtelingen. Maar, zo ziet hij, opvallend genoeg blijft het rustig op het moment dat de statushouders eenmaal in een wijk wonen. „We hebben hier sinds 2015 ruim tweehonderd statushouders in huizen ondergebracht. Er is mij niet één incident bekend op het moment dat zij eenmaal in een Osse wijk wonen. Tijdens de demonstraties werd geroepen dat de vluchtelingen verkrachters zijn, daar is niets van gebleken.”

In de Jonkers van Ossstraat, waar ooit ruim tweehonderd mensen voor het huis stonden te demonstreren, is het nu opvallend rustig, vertellen buurtbewoners. De gemeente kwam de demonstranten in deze straat tegemoet door een gezin te plaatsen en niet vier mannen, maar toch verbaast het sommige omwonenden hoe weinig last ze hebben van de familie Hassan. „Ik zie ze af en toe lopen, of fietsen, en dat is het”, zegt bewoner Mark Ouwens. „Het is niet zo dat ik eens lekker bij ze op de koffie ga, maar we hebben nul last van die mensen. En ik zeg je eerlijk: ik heb ook meegedaan aan die demonstraties.”

Ook in andere straten in Oss zijn er weinig incidenten, zeggen bewoners. In de Reigerstraat lagen in maart de ramen van het hoekhuis er nog uit, en stonden er teksten als ‘zeg nee tegen dit beleid’ op de woning. Na de komst van een Syrisch echtpaar is er geen protest meer geweest. „Ze spreken geen Nederlands, maar geen kwaad woord over die mensen, echt niet”, zegt overbuurman Toon, die zijn auto staat te wassen. „Ze fietsen, zeggen netjes hallo. Er zijn hier genoeg andere bewoners die voor meer overlast zorgen.”

Eritreeërs

Even verderop, in de Braakstraat, is geen gezin geplaatst, maar drie mannen uit Eritrea. Dat zorgde vooraf voor de nodige onrust in de straat. Medewerkers van BrabantWonen en VluchtelingenWerk werden bedreigd toen zij de buurt kwamen inlichten over de komst van de Eritreeërs. De angst bestond dat de drie Afrikanen niet zouden kunnen omgaan met de homoseksuele geaardheid van de naaste buren. De statushouders zitten er nu drie weken; echte incidenten zijn er nog niet geweest. Wel zijn er klachten, vertelt een buurvrouw. „De maden kruipen uit de vuilnisbak, ze blijven tot heel laat op en soms gluren ze door de schutting. Ik voel me soms een aapje in mijn eigen tuin. Nee, ik spreek die mensen er niet op aan, dat is de taak van al die instanties die ze hier zo graag wilden hebben.”

Elvis-imitator Frank Anthony, die een eindje verder in de straat woont, en ook tegenstander was van de komst van de mannen, denkt dat veel onrust in Oss door de gemeente voorkomen had kunnen worden. „Het is communicatie. Je kunt niet even aan de deur komen en zeggen: ‘Goedemiddag, hier komen drie vluchtelingen.’ Mensen worden daar opstandig van. Die hebben zoiets van: dat zullen wij nog wel eventjes zien.”

Tempo maken

Het is een les die Oss heeft moeten leren, erkent wethouder Wagemakers. „Die heftige demonstraties blijken vaak niet over vluchtelingen te gaan. Mensen zijn boos op de woningcorporatie of op de gemeente, en de nieuwe bewoners zijn dan de druppel. We hebben daar fouten in gemaakt, we kijken nu beter wat de situatie is in een wijk waar we statushouders neerzetten.”

Dat proces zorgt er wel voor dat Oss achterligt; van de 244 statushouders die de gemeente een huis moet geven, zijn er nu 102 geplaatst. „We moeten tempo maken en worden nu ook onverbiddelijker”, zegt Wagemakers. „Als we beslissen dat er ergens statushouders komen, dan komen ze er gewoon. Want het verleden leert dat veel lawaaiige protesten lang niet altijd betekent dat de komst van vluchtelingen gedoemd is te mislukken.”