De mooie cijfers van de oorlog tegen de IS, kloppen ze wel?

Dwars Carolien Roelants is Midden-Oostenexpert en scheidt hier elke week de feiten van de hypes.

In totaal 45.000 strijders zijn geëlimineerd, meldden de Amerikanen vorige week. Foto Reuters

Het nieuws van het oorlogsfront is de afgelopen maanden nogal somber geweest voor de Islamitische Staat. Dat is heel vervelend voor een organisatie die beoogt de hele wereld goedschiks maar veel liever nog kwaadschiks – beter voor het langeretermijneffect – aan zich te onderwerpen. Dus vorige week kwamen ze in een nieuwsbulletin met een heel andere invalshoek: ‘Kijk eens wat een kapitaal die machtige tegenstanders ervoor overhebben om ons te raken! Zo gevaarlijk zijn wij!’

Zijn cijfers heeft de IS eenvoudig van het Amerikaanse ministerie van Defensie overgenomen. Meer dan 8 miljard dollar melden de Amerikanen en de hunnen te hebben uitgegeven aan de luchtaanvallen sinds die twee jaar geleden begonnen, 11,9 miljoen per dag. Dat ging op aan ruim 14.000 aanvallen, gerekend tot en met 27 juli. Wat de IS niet heeft overgenomen zijn de triomfantelijke winstcijfers van het Pentagon van Operatie Inherent Resolve (‘Integrale Vastbeslotenheid’? Wist u dat de operatienamenbedenker daar weken over heeft nagedacht?). Tot en met 31 mei zijn 26.374 doelen vernietigd of beschadigd, waarvan 6.545 gebouwen en 7.824 gevechtsstellingen. En 8.233 „andere doelen”, wat die ook mogen zijn.

Die 8 miljard over twee jaar zijn wel veel dollars maar ook weer niet zo veel, vergeleken met de 5,3 miljard dollar die Saoedi-Arabië van maart 2015 tot januari 2016 heeft uitgegeven aan zijn oorlog in Jemen, die volstrekt ten onrechte Operatie Restore Hope heet. Een kleine 20 miljoen per dag! Bij lage olieprijzen! Wil dat dan zeggen dat de Houthi-rebellen nog gevaarlijker zijn dan de IS? Nee, dat is natuurlijk onzin. Met cijfers kan je alle kanten op.

Neem het aantal IS-strijders dat zou zijn gedood bij de luchtaanvallen. Generaal MacFarland, die de anti-IS-coalitie leidt, zei vorige week dat in totaal 45.000 „vijandelijke strijders van het slagveld zijn geëlimineerd”, van wie 25.000 in de laatste elf maanden. Er zijn er nog maar 15.000 over, van minderende kwaliteit. Impliciete boodschap: bijna einde oefening voor de IS.

Ik ben altijd benieuwd hoe de Amerikanen aan dit soort cijfers komen. Want ze hebben geen mensen op de grond daar bij de IS, die ter ontmoediging erg ruw omgaat met spionnen. Ze hebben natuurlijk drones, maar ik maak me sterk dat die niet kunnen zien hoeveel jihadisten precies zijn meevernietigd of -beschadigd in die 6.545 vernietigde of beschadigde gebouwen.

En ik ben niet de enige die zich dat afvraagt. Volgens een interim-rapport van het Congres, ook van vorige week, zijn militaire analisten op het hoofdkwartier in Tampa van mening dat hun commandanten een veel te optimistisch beeld van de oorlog tegen de IS presenteren. Dat gebeurt vaker in oorlogstijd. De Saoediërs begonnen hun oorlog in Jemen zelfs met de boodschap dat ze snel klaar zouden zijn. Nee, nog afgezien van alle andere kanten van het IS-fenomeen, ook de luchtoorlog is nog lang niet gewonnen.