Vijf tips om te beleggen met een schoon geweten

Vijf tips voor beleggen

Wie zijn geld duurzaam wil beleggen, heeft weinig baat bij een rondje Google. Zo ongeveer elke financiële instelling presenteert zich als aanbieder. Gouden tip: bedenk waarom je een duurzame belegging wilt.

Illustratie XF&M

Vaak is zoekmachine Google een goed beginpunt. Maar dat geldt niet voor wie duurzaam wil gaan beleggen. Rabobank, Achmea, Triodos, ASN, ING, Theodoor Gilissen‎, Binck, Van Lanschot: zo ongeveer elke denkbare financiële instelling komt naar voren als je ‘duurzaam beleggen’ invoert als zoekopdracht.

Een oerwoud van aanbieders dus.

Veel wijzer word je niet van al die websites, anders dan dat de ene financiële instelling kiest voor een bos als illustratie van duurzaam beleggen en de ander de voorkeur geeft aan een bellen blazend kind. Een stappenplan voor wie een betere basis zoekt voor zijn keuze.

1. Bedenk waarom je duurzaam wilt beleggen

Dit is de gouden tip van VBDO (Vereniging van Beleggers Voor Duurzame Ontwikkeling), de enige vereniging voor duurzame beleggers in Nederland. „Als consument moet je eerst echt bedenken waarom je duurzaam gaat beleggen en daar vervolgens je beleggingen op selecteren”, zegt VBDO-onderzoeker Frank Wagemans die gespecialiseerd is in duurzaam en verantwoord beleggen.

Hij onderscheidt drie drijfveren. Ethische overwegingen zijn de eerste. Hier gaat het om mensen die hun geld niet over de rug van anderen willen verdienen; zij willen niet beleggen in tabaksfabrikanten, wapenfabrikanten of bedrijven die het niet zo nauw met de mensenrechten nemen. Een andere reden om duurzaam te beleggen is de wens een verschil te maken, zegt Wagemans. Daarbij wordt belegd in bedrijven die de wereld verbeteren, bijvoorbeeld bedrijven die zich toeleggen op de productie van windenergie.

De laatste reden om duurzaam te beleggen is puur financieel. Uit verschillende onderzoeken van de Harvard Business School blijkt namelijk dat bedrijven die duurzaamheid hoog in het vaandel hebben, winstgevender zijn.

2. Definieer het begrip duurzaam

Duurzaam is een begrip waar veel onder kan vallen en dat voor vrijwel niemand hetzelfde betekent. Financiële instellingen als Robeco en ING omschrijven duurzaam als investeren in ondernemingen die rekening houden met mens, milieu en maatschappij. Maar dat vervolgens invullen is makkelijker gezegd dan gedaan. Het is daarom goed om na te gaan wat je zelf duurzaam vindt.

Dat beleggingen in kolenmijnen en in producenten van clustermunitie niet duurzaam zijn, daarover is vrijwel iedereen het eens.

Maar vanaf een bepaald punt wordt het lastiger. Rabobank schrijft bijvoorbeeld op haar website dat investeren in bedrijven in de gokindustrie niet duurzaam is. Maar tegelijkertijd zijn er gokbedrijven die hoog scoren op duurzaamheidslijstjes. Onlinegokbedrijf Unibet bijvoorbeeld krijgt op het gebied van duurzaamheid een AAA-rating van het onafhankelijke onderzoeksbureau MSCI en zegt zoveel er zoveel mogelijk aan te doen om de CO2-voetafdruk zo klein mogelijk te maken.

3. Bedenk je beleggingsvorm

Beleggen kan op verschillende manieren. In Nederland zijn de twee populairste beleggen via een beleggingsfonds en beleggen via aandelen. Het grote verschil tussen die twee is dat je bij een beleggingsfonds het werk en geld uit handen geeft aan bijvoorbeeld Robeco. De fondsmanager daar beslist vervolgens waarin dat geld belegd wordt. Eind 2015 hadden Nederlandse huishoudens 77,2 miljard euro in beleggingsfondsen gestoken, ongeveer het dubbele van wat ze in aandelen belegden.

Daarnaast komen er ook geregeld de nodige duurzame beleggingsprojecten bij. Zo kunnen beleggers bijvoorbeeld ‘een stukje’ van een windmolen of zonnepanelenpark kopen. Dit soort beleggingen in specifieke duurzame projecten klinkt positief maar zijn zeker niet zonder risico.

Neem teakhout. Dat zou de ideale duurzame belegging zijn omdat de aanleg van teakhoutplantages de kap van tropisch regenwoud zou tegengaan. Door bedrijven als Goodwood werd geschermd met rendementen van wel 12 procent per jaar. Zo’n 30.000 Nederlanders staken volgens toezichthouder AFM tientallen miljoenen in teakhoutplantages. Door fraude en opgeklopte verwachtingen zagen ze het meeste daarvan niet terug.

4. Maak een selectie

Wie heeft besloten hoe hij wil beleggen, moet vervolgens beslissen waarin. Via een Google-zoekopdracht kom je terecht bij allerlei financiële instellingen die ‘duurzame’ beleggingsfondsen aanbieden. De aanhalingstekens staan er niet zonder reden. Veel beleggingsfondsen dragen het label duurzaam, maar ze zijn het lang niet allemaal.

Een goede bron om kaf en koren te scheiden is de website van onafhankelijk onderzoeksbureau Morningstar. Dat heeft een goede reputatie op het doorlichten van beleggingsfondsen op basis van allerlei criteria en doet dat sinds maart via de Morningstar Sustainability Rating ook op het vlak van duurzaamheid. „Een hele goede stap, die echt transparantie brengt”, vindt Wagemans van VBDO.

Hij raadt beleggers wel aan om ook het prospectus van de fondsen die ze overwegen te bestuderen. Morningstar kijkt onder meer of de bedrijven waarin beleggingsfondsen geld steken, zich aan hun duurzame beloftes houden. Het kijkt niet naar wát een bedrijf produceert. Wagemans:

„Je kunt ook duurzaam olie uit de grond halen, maar olie zelf is natuurlijk geen duurzaam product.”

Wie in aandelen belegt, heeft het een stuk zwaarder om tot een keuze te komen. Zo ongeveer elke beursgenoteerde onderneming heeft tegenwoordig een hoofdstuk in het jaarverslag over hoe ontzettend verantwoord het bedrijf wel niet onderneemt. Maar onafhankelijk gecontroleerd worden die beweringen lang niet allemaal. Zo is er geen handzame database waarin alle aandelen op even grondige wijze beoordeeld staan als de Morningstar-database. Al kan een belegger wel een eind komen met bijvoorbeeld het jaarlijkse rapport van VBDO over de grote bedrijven aan de beurs en de Dow Jones Sustainability Index met ’s werelds belangrijkste bedrijven.

5. Formuleer je beleggingsdoel

Deze laatste stap heeft weinig met duurzaam beleggen te maken, wel met succesvol beleggen. Uit onderzoek van toezichthouder AFM van vorig jaar blijkt dat beleggers zelden een beleggingsdoel formuleren. Dat is zonde, want volgens beleggersvereniging VEB begint succesvol beleggen met het omschrijven van wat je precies wilt bereiken – of het nu het bezit van 100.000 euro over tien jaar is, het sparen voor een pensioen of een zo hoog mogelijk rendement bij een bepaald maximaal risico.

„Het beleggingsdoel is bepalend voor de keuzes die je als belegger maakt, bijvoorbeeld ten aanzien van het in te leggen bedrag”

Dat stelt de VEB. Het doel hoeft niet noodzakelijk zwaar te zijn. Volgens de VEB is „gewoon plezier hebben in beleggen” ook een doel.