Dijsselbloem: fors meer geld voor koopkracht

Hoeveel compenseren koopkracht ouderen en uitkeringsgerechtigden precies gaat kosten wil minister niet zeggen.

Dijsselbloem arriveert bij het ministerie van Algemene Zaken voor de eerste ministerraad na de zomervakantie. Foto ANP / Jerry Lampen

Het kabinet gaat “fors meer” extra geld uittrekken om de dalende koopkracht van ouderen en uitkeringsgerechtigden te compenseren. Vorig jaar kostte een dergelijke reparatie 900 miljoen, voor komend jaar “gaan we hier fors overheen”.

Dat zei minister Dijsselbloem (Financiën, PvdA) na vrijdagmiddag afloop van de ministerraad. Uit een raming van het Centraal Planbureau bleek deze week dat gepensioneerden komend jaar gemiddeld 0,7 procent aan koopkracht inleveren. Voor uitkeringsgerechtigden zou dat bij ongewijzigd beleid 0,1 procent worden.

Volgens Dijsselbloem is het onvoldoende als de koopkracht voor deze groepen na reparatie gelijk blijft. “Het verschil met de hogere inkomens wordt volgend jaar erg groot. Dat moet echt kleiner worden. Een pijler van het regeerakkoord is eerlijk delen en het zou anders heel erg uit elkaar gaan lopen.” Mensen met hoge inkomens zien hun koopkracht met 1,2 procent toenemen: de meeste Nederlanders gaan er volgens het CPB 0,7 procent op vooruit.

De bewindsman wilde niet zeggen hoeveel de reparatie volgend jaar precies gaat kosten. Komende week vinden de ultieme besprekingen over de laatste begroting van het kabinet Rutte II plaats en de details worden op Prinsjesdag bekend worden gemaakt. Als basis voor de begrotingsbesprekingen worden de ramingen van het CPB gebruikt, de zogeheten conceptversie van de Macro Economische Verkenning die deze week verscheen. Daaruit bleek dat de gevolgen van de Brexit de economische groeiverwachtingen voor dit jaar flink temperden. Waar het CPB in juni nog 2,1 procent groei voorzag voor komend jaar, is dat nu bijgesteld naar 1,6 procent. De groei voor dit jaar komt volgens het CPB uit op 1,7 procent.

‘Prognoses erg onzeker’

Dijsselbloem noemde die bijstelling “fors”. “De onderhandelingen met het Verenigd Koninkrijk moeten immers nog beginnen.” Toch zullen de cijfers van het CPB de basis vormen voor de begrotingsbesprekingen:

“Het CPB is natuurlijk onafhankelijk en onze enige bron, dus daar doen we het mee. Maar het is goed om ons te realiseren dat deze prognoses erg onzeker zijn.”

Vorige maand sprak Dijsselbloem in een interview met NRC al de vrees uit dat economische ramingen door de Brexit zouden worden verlaagd. Hij verwachtte dat de gevolgen van het Britse referendum in juni zouden meevallen. ,,Ik ben alleen beetje huiverig dat allerlei instellingen die economische ramingen maken veel te snel hun prognoses aanpassen.” Zeker ook omdat de ramingen van het CPB gevolgen hebben voor de begrotingsbesprekingen. ,,Daarom zeg ik ook tegen die instellingen: doe nou even rustig aan”, aldus Dijsselbloem vorige maand.

Rutte maant tot voorzichtigheid

Premier Rutte was na afloop van de ministerraad terughoud over de geplande koopkrachtreparatie. “De koopkrachtverslechtering voor ouderen proberen we weg te werken. Als dat lukt, is er altijd een klein plusje.” Hij maande tot voorzichtigheid:

“We zitten nog steeds in een fase van breekbaar herstel van de economie en daar komen de effecten van de Brexit nog bij. Daardoor wordt de voorspelde groei naar beneden bijgesteld. En wij zitten met overheidsfinanciën die op orde moeten blijven.”

Rutte noemde het “heel goed” dat Dijsselbloem ernaar streeft dat ouderen hun koopkracht echt zien stijgen. “Ik zou het ook echt geweldig vinden.” Over Dijsselbloems streven – vrijdag uitgesproken- de ongelijkheid in Nederland zo minder te maken leek Rutte minder enthousiast. ,,Dat is een bekend streven van zijn partij. Waar het kabinet het over eens is, is dat er een evenwichtige inkomensverdeling en koopkracht moet zijn.”