Vertrouw uw lezers toch!

Recensie

Hoe ga je om met de veellagigheid in een roman? Zowel Barney Norris als Deborah Levy hebben daar duidelijke ideeën over. Uit angst te luchtig te zijn, vullen ze hun ballonnen met zand.

Foto AP

Soms krijg je de indruk dat schrijvers zich geïntimideerd voelen door hun eigen beroep. Mij overkwam dat bij lezing van twee boeken die onlangs verschenen: Hot Milk van Deborah Levy (1959) en Five Rivers Met On A Wooded Plain van Barney Norris (1987). Beide auteurs doen ontzettend hun best om hun tekst belang en betekenis mee te geven – en het resultaat is een zwaarte die de lezer aan de grond houdt. Uit angst te luchtig te zijn, vullen ze hun ballonnen met zand.

Toch kunnen ze wel wat.

Levy haalde met haar vorige roman, Swimming Home, de shortlist van de Booker Prize en met Hot Milk staat ze nu op de longlist van die prijs. Norris is een bekroonde toneelschrijver die met Five Rivers Met On A Wooded Plain zijn romandebuut maakt. Maar ze zwoegen waar ze zouden moeten zweven.

Five Rivers van Norris speelt zich af in Salisbury en bestaat uit vijf verhalen van vijf verschillende vertellers.

Wat die verhalen verbindt is een verkeersongeluk waarbij al die vertellers op verschillende manieren betrokken zijn. Het boek begint met een introductie waarin de vorming wordt beschreven van de beboste vlakte waarop vijf rivieren elkaar ontmoeten en waarop later de stad Salisbury verrijst. Dat gebeurt op een poëtisch bedoelde, al te gedragen toon waardoor je meteen weet: wat volgt zal een allegorie zijn op het menselijk bestaan en de tekorten daarvan. Dat zijn gedachten die je toch liever krijgt wanneer het boek uit is dan wanneer je er nog aan moet beginnen. De zwaarte drukt meteen al op je schouders.

De monologen van Norris’ personages zijn in potentie overtuigend en ontroerend. Maar Norris bederft dat effect doordat hij zijn personages niet met rust durft te laten. Hij geeft iedereen een eigen toon, hij heeft een goed oor voor spreektaal, maar tegelijk gebruikt hij zijn personages om informatie over te dragen op de lezer. Over de geschiedenis van Salisbury bijvoorbeeld. Niet elke verteller heeft de noodzakelijke kennis om dergelijke informatie te verstrekken, en dat leidt dan tot wringende constructies als: ‘Ik las ooit ergens dat…’ Ook de gegevens die de vertellers over hun eigen leven verstrekken, komt vaak geforceerd over, omdat ze dingen die ze zelf al lang weten, enkel en alleen voor het nut van de lezer benadrukken. Zo worden de personages spreekbuis van de schrijver, terwijl het juist omgekeerd moet zijn: de schrijver als spreekbuis van zijn personages.

Levensechter

Er spreekt ook te weinig vertrouwen in de lezer uit. Juist door hem niet alles voor te kauwen, wordt de lezer tot ingewijde. Monologen worden er alleen maar levensechter op als er veel te raden overblijft. Zo is het bijvoorbeeld nergens voor nodig om in de laatste, behoorlijk plechtstatig getoonzette monoloog de verteller expliciet de vijf verhalen van het boek met de genoemde vijf rivieren te laten verbinden. Ook wordt daar de levensbevestigende, humanistische tendens van het boek al te duidelijk onder woorden gebracht, zodat iets wat een mooie ondertoon had kunnen zijn, een kwezelig slotakkoord wordt.

Universum

In Hot Milk beschrijft Levy hoe een volwassen dochter met haar zieke moeder naar de Zuid-Spaanse kust trekt, op zoek naar genezing. Meteen op de eerste pagina valt de laptop van de dochter, en de rest van het boek loopt er een barst over haar scherm, waarop een foto van het heelal staat. Haar universum is gebroken, zoveel is duidelijk.

Ook in de rest van de roman legt Levy het er qua symboliek dik bovenop. Dochter, aan moeder geketend, wil kettinghond bevrijden. De schuld van haar Griekse vader (te weinig aandacht) wordt verbonden aan de Griekse staatsschuld. Alles is veelbetekenend bij Levy, net als Norris doet zij het werk dat het verhaal had moeten doen. Het is alsof ze hun verhaal niet genoeg vertrouwen, niet op eigen benen durven zetten.

Op een gegeven moment maken Levy en Norris gebruik van hetzelfde stijlmiddel: ze onderbreken hun verhaal met korte, in een ander lettertype gezette fragmenten waarin naamloze personages aan het woord komen. Raadselachtig, mysterieus maar toch vooral pretentieus – verwoede maar mislukte pogingen het verhaal naar een hoger, meer literair niveau te trekken.

Zowel Norris als Levy denken blijkbaar dat het zo hoort, bij literatuur. Het moet raadselachtig, een beetje plechtstatig en symbolisch zijn, en zeker niet te licht. Ze denken dat de schrijver het werk moet doen, maar dat is niet zo, dat moet je aan het boek en de lezer overlaten.