Ngo’s dachten in Nederland veilig te zijn, maar dat pakt anders uit

Intimidatie

Ngo’s dachten in Nederland veilig te zijn. Maar dat pakt anders uit, blijkt nu een juriste bedreigd wordt.

Het Internationaal Strafhof (links) is met het Joegoslaviëtribunaal (linksonder) en het Vredespaleis (rechts) een symbool van Den Haag als juridische hoofdstad. Foto Martijn Beekman/ANP

Nederland wilde ze allemaal in Den Haag hebben. Grote internationale instellingen, bij voorkeur juridische. Die geven allure en passen bij de reeds gevestigde reputatie. „Het bevorderen van de internationale rechtsorde deden we al in de tijd van Hugo de Groot, en dat doen we nog steeds”, zei het ministerie van Buitenlandse Zaken eerder tegen NRC.

Nederland zet zich ook al lang in voor mensenrechten, wereldwijd. De afgelopen jaren maande Nederland onder meer Tsjaad, Colombia, Libië, Bangladesh en Servië om mensenrechtenverdedigers beter te beschermen. In april haalde Buitenlandse Zaken nog twee mensenrechtenactivisten en hun dochter uit Azerbajdzjan om in Nederland „tot rust te komen”.

En ook de instellingen kwamen. Het Internationaal Strafhof. Het Internationaal Gerechtshof. Het Joegoslaviëtribunaal. Den Haag profileert zich nu trots als ‘internationale stad van vrede en recht’.

Dat veronderstelt dat Nederland voorbereid is op complicaties. Met die internationale instellingen haal je vanzelfsprekend ook internationale problemen binnen. En daar was ook op gerekend, getuige de gastlandovereenkomst die Nederland met het Internationaal Strafhof sloot. Daarin is expliciet vastgelegd dat Nederland onder meer verantwoordelijk is voor de veiligheid van mensenrechtenactivisten die met het Hof werken.

Maar wat gebeurt er dan als in eigen land een buitenlandse mensenrechtenverdediger met de dood wordt bedreigd? De jurist Nada Kiswanson werd weggestuurd toen ze in februari aangifte deed op het politiebureau. Ga maar naar huis, kreeg ze te verstaan. Er werd geen proces-verbaal opgemaakt. Ze kreeg geen veiligheidsadviezen. Niet eens het gevoel dat ze serieus werd genomen.

Lees ook het hele verhaal over de bedreiging van Kiswanson: Ze dacht dat Nederland veilig was

Trauma

Kiswanson levert het Internationaal Strafhof namens Palestijnse mensenrechtenorganisaties materiaal aan voor het ‘vooronderzoek’ dat het Hof uitvoert naar mogelijke oorlogsmisdrijven door Israël in Palestina. De jurist wordt sinds een half jaar ernstig en regelmatig bedreigd. De intimidaties richten zich voornamelijk op haar huis, nabij Den Haag, en verwijzen naar haar werk voor het Hof.

Het is voor zover bekend voor het eerst dat een mensenrechtenactivist die werkt met het Strafhof in Nederland wordt bedreigd. „Dit was een wake-upcall voor Nederland”, aldus een bron bij het Strafhof. Maar het Hof, grote organisaties als Amnesty International en een advocatenkantoor moesten de Nederlandse autoriteiten wel wakker schudden. Zij bestookten Buitenlandse Zaken en het Openbaar Ministerie dit voorjaar met alarmerende brieven en telefoontjes.

Met succes. Intussen nemen de Nederlandse autoriteiten de kwestie hoog op, blijkt uit gesprekken met betrokkenen. De ministers van Buitenlandse Zaken en van Veiligheid en Justitie zijn op de hoogte, net als de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV). Het OM neemt de zaak naar eigen zeggen „zeer serieus”. Er loopt strafrechtelijk onderzoek. En de jurist krijgt „bewaking en beveiliging”.

Cruciaal

Maar het Strafhof wil dat de Nederlandse overheid ook algemene veiligheidsmaatregelen voor de toekomst treft, aldus een woordvoerder. Hij noemt niet-gouvernementele organisaties (ngo’s) „van cruciaal belang voor het werk van het Hof”. Dat leunt zwaar op informatie van ngo’s bij de beslissing om een strafrechtelijk onderzoek te beginnen.

Het Hof kampt ook met een trauma van de stukgelopen strafzaak tegen president Kenyatta van Kenia. Die zaak sneefde onder meer doordat getuigen in Kenia werden bedreigd. Binnen het Hof bestaat de angst dat eventuele toekomstige bedreigingen uit Russische en Israëlische hoek ook de onderzoeken naar mogelijke oorlogsmisdrijven in respectievelijk Georgië en Palestina zullen schaden. Daar ter plaatse – of in Nederland.

Het Hof moet een onafhankelijke positie ten opzichte van de ngo’s betrachten en heeft beperkte middelen. Maar omdat de Nederlandse autoriteiten aanvankelijk zo traag leken te reageren, heeft het Strafhof de bedreigde Kiswanson zelf maar geadviseerd over beschermingsmaatregelen, zoals het beveiligen van haar e-mail. Het Hof heeft bovendien uit eigen beweging Buitenlandse Zaken en de gemeente Den Haag geadviseerd ngo’s bij elkaar te zetten in één gebouw of straat en preventief beveiliging voor hen te regelen.

Reputatie

Ook mensenrechtenorganisaties willen preventieve protectiemaatregelen. In de internationale gemeenschap van ngo’s hebben de bedreigingen van Kiswanson tot grote onrust geleid. Amnesty International sloot tijdelijk zijn kantoor in Den Haag, net als drie andere ngo’s die met het Strafhof werken. Uit angst, en voorzorg – niet als statement.

„Maar voor ons is dit wel een heel belangrijke kwestie”, aldus Wilco de Jonge, manager mensenrechtenbeleid van Amnesty Nederland. „Mensenrechtenactivisten mogen in Nederland niet worden bedreigd, ook niet in de toekomst. Dat is niet alleen slecht voor ons, maar ook voor de Nederlandse reputatie.”

De Jonge is bij Buitenlandse Zaken op gesprek geweest en keerde niet erg hoopvol terug. „Ze nemen de bedreigingen van Kiswanson nu gelukkig serieus. Maar de notie dat mensenrechtenactivisten in Nederland gevaar lopen, daar wil de overheid nog niet aan. Ze noemden de bedreiging van Kiswanson een incident. Het bredere belang leek in Den Haag nog niet doorgedrongen.”

Die indruk deelt de Coalitie voor het Internationaal Strafhof (CICC), een organisatie die ngo’s ondersteunt die met het Hof werken. De CICC heeft zo’n 2.500 leden in 150 landen. „Onze leden worden continu bedreigd. In Kenia, Colombia, Mexico, Georgië, en noem maar op”, zegt directeur William Pace. „Maar in Nederland is dit helemaal nieuw. We dachten: we zitten hier wel goed. We zijn naïef geweest, net als het Strafhof en de Nederlandse autoriteiten.”

De CICC is naar aanleiding van de bedreiging van Kiswanson bezig algemene veiligheidsprotocollen op te stellen, en hoopt daarbij op hulp van de Nederlandse overheid. Maar de organisatie krijgt „tot nu toe niet echt antwoord, helaas”.

„De eerste reactie was: regel het zelf maar”, aldus Pace. „Voor grote organisaties als Amnesty is dat logisch, maar voor het overgrote deel gaat het om kleine ngo’s met eenmanskantoortjes in Den Haag, zoals dat van Kiswanson. Die hebben niet de expertise. Dat hebben we Buitenlandse Zaken gezegd, maar we krijgen tot op heden weinig respons. Ze geven ons ook niet het gevoel dat we nu op de Nederlandse veiligheidsdiensten kunnen vertrouwen.”

De ngo’s vinden dat Nederland op zijn minst een centraal aanspreekpunt voor bedreigde mensenrechtenactivisten moet hebben en daarbij beveiligde werkplekken kan bieden en ngo’s, relevante overheidsinstellingen en veiligheidsdiensten informatie en training kan verschaffen.

Amnesty eist bovendien dat de Nederlandse overheid „op het hoogste niveau publiekelijk verklaart dat deze ernstige bedreigingen, die mogelijk uit het buitenland afkomstig zijn, onacceptabel zijn op Nederlands grondgebied”, aldus De Jonge.

Gesprekspartner

Minister Bert Koenders (Buitenlandse Zaken, PvdA) noemde de bedreiging van Kiswanson in mei „onacceptabel”. Maar dat was in een niet-geopenbaarde brief aan een koepel van mensenrechtenorganisaties, die hem al twee maanden eerder een brandbrief over de zaak had gestuurd. Koenders beloofde ook maatregelen. Woordvoerders van Buitenlandse Zaken kunnen echter niet zeggen welke acties zijn ondernomen, vanwege het lopende onderzoek van het OM. Ze willen ook niet ingaan op vragen over algemene maatregelen.

Het ministerie zegt alleen dat het „namens het gastland de verantwoordelijkheid heeft om het werk van de bij het Strafhof betrokken ngo’s in brede zin mogelijk te maken”. Buitenlandse Zaken „is daarom actief als gesprekspartner voor het Strafhof en ngo’s, en waar nodig richting het relevante netwerk aan de Nederlandse zijde zoals het OM, NCTV en de politie.”

Het Openbaar Ministerie „treft naar aanleiding van deze zaak geen nieuwe algemene maatregelen ter bescherming van mensenrechtenverdedigers”, aldus een woordvoerder. „Politie en OM kijken altijd op basis van individuele gevallen en personen of er veiligheidsmaatregelen nodig zijn. In die zin is er ook nooit sprake van ‘algemene maatregelen’.”

Wel „werkt het OM aan voorlichting op het gebied van veiligheid in Nederland voor internationale instellingen. Hier is expliciet aandacht voor ngo’s gelieerd aan het Internationaal Strafhof.”