Verrassend besluit May is pijnlijk voor China

Verenigd Koninkrijk

Een Frans en een Chinees staatsbedrijf zouden op Britse bodem een kerncentrale bouwen en exploiteren. Maar het project staat onder druk: premier May twijfelt.

Illustratie Studio NRC

Plotseling, en net zo onverwacht als een warme hoosbui op een Chinese zomerdag, staan de Brits-Chinese relaties en de openheid van het Verenigd Koninkrijk als investeringsland onder hoogspanning.

Oorzaak is het verrassende besluit van de nieuwe Britse premier Theresa May om het contract voor de bouw van de kerncentrale Hinkley Point C voorlopig niet te ondertekenen. Een Frans en een Chinees staatsbedrijf hebben de concessie gewonnen om samen een kerncentrale te bouwen en exploiteren in het zuidwesten van Engeland. Afgesproken is dat ze zelf de 21,4 miljard euro die de bouw kost financieren, maar daar staat tegenover dat de Britten alle energie die wordt opgewekt afnemen tegen een vooraf vastgelegd tarief.

In een ongebruikelijke open brief in de Financial Times waarschuwde de Chinese ambassadeur in Londen dat Hinkley Point C een test is voor de verhoudingen die nu op een „cruciaal historisch kruispunt” staan. Zwaar, ondiplomatiek geschut van de vertegenwoordiger van Beijing.

Ingewijden zeggen dat het uitstel deels met May zelf te maken heeft. Zij wil niet voor financiële en technische verrassingen komen te staan. De regering-Cameron-Osborne, waar zij deel van uitmaakte, keurde het project goed, maar May bemoeide zich zelden met de portefeuilles van haar collega’s.

Gissen naar de motieven

China gist naar de werkelijke motieven van May om het veelbesproken, omstreden contract met het Franse staatsbedrijf Électricité de France (EDF) en het Chinese staatsbedrijf China Global Nuclear Power (CGN) nog niet te tekenen. EDF had al feesttenten en hapjes laten klaarzetten, toen bericht kwam dat de nieuwe Britse premier, Theresa May, het eerst nog eens grondig wilde doorlezen.

Mogelijk speelt haar kabinetschef, Nick Timothy, een rol in dit besluit tot uitstel. Hij schreef in oktober, toen nog niet in deze functie, op de website ConservativeHome, een fel pleidooi tégen Chinese investeringen. Zeker als het ging om nutsvoorzieningen: „Rationele zorgen over nationale veiligheid worden ter zijde geschoven vanwege de wanhopige behoefte aan Chinese handel en investeringen.” Timothy vindt ook dat de Chinezen in ruil voor grote investeringen de Britse kritiek op Chinese schendingen van mensenrechten heeft afgekocht.

Feit is dat de voormalige premier Cameron en zijn minister van Financiën George Osborne spraken over een „een gouden decennium van Brits-Chinese vriendschap”, maar weinig over gevoelige kwesties als de Zuid-Chinese Zee en mensenrechten.

In het Verenigd Koninkrijk bestaat al langer grote kritiek op het project, dat 18 miljard pond (21,4 miljard euro) gaat kosten. Hinkley Point zou moeten voorzien in 7 procent van de Britse elektriciteits-productie. De expertise en financiering komen voor het grootste deel van EDF; het Chinese staatsbedrijf CGN neemt eenderde van de investering voor zijn rekening.

De aanbesteding ging al gepaard met veel gedoe. Maar dat kwam vooral door de deelname van het Franse EDF, dat het meerderheidsbelang heeft. Een financieel directeur stapte op omdat hij de investering onverantwoord vond, de Franse rekenkamer steunde hem in die lezing. Ingenieurs pleitten in een brandbrief voor vereenvoudiging van het ontwerp. De nog niet uitontwikkelde nieuwe techniek zorgde bij twee andere centrales in aanbouw tot verrassingen, en vertragingen.

Mogelijk wil de Britse regering met het uitstel de Fransen onder druk zetten de prijs te verlagen. Zij zou 11 cent per kilowattuur moeten gaan betalen, bijna drie keer zo veel als de marktprijs. Veel ruimte voor alternatieven hebben de Britten echter niet: andere kerncentrales zijn verouderd, de kolencentrales moeten voor 2020 dicht om CO2-doelen te halen, en duurzame-energieprojecten leveren onvoldoende op om in de Britse behoefte te voorzien, en zijn bovendien door beëindiging van subsidies onder de vorige regering soms stopgezet.

Meer dan tien jaar onderhandeld

Voor China is het uitstel pijnlijk, want er is meer dan tien jaar over onderhandeld en het was president Xi Jinping zelf die de aankondiging van de Chinese investering deed tijdens een staatsbezoek aan Londen.

Met belangen in waterbedrijven, levensmiddelenconcerns, voetbalclubs en de makers van Guinness-bier en Johnnie Walker zijn Chinese staatsfondsen en staatsbedrijven grootinvesteerders in het Verenigd Koninkrijk. De Londense zwarte taxi’s worden al jaren door het Chinese Geely gemaakt. Er gaat meer Chinese geld (bijna 35 miljard euro) naar het VK dan naar Duitsland, Frankrijk en Italië bij elkaar. 265.000 Britse banen zijn het directe gevolg van Chinese investeringen.

Voor China gaat het niet alleen om de investering in de kerncentrale bij Hinkley Point, maar ook om reactoren bij Sizewell in Suffolk en Bradwell in Essex. Die worden, zo is de bedoeling, gebouwd met nieuwe Chinese technologie. Om de reputatie van de Chinese technologie te versterken wil China graag kerncentrales bouwen in een land met strenge veiligheidsnormen. Een dergelijk succesvol project kan gebruikt worden om de twijfel over de kwaliteit van kerncentrales van eigen makelij in eigen land weg te nemen en om nieuwe buitenlandse orders in de wacht te slepen.