Rapport: ‘Politie Baltimore discriminatoir’

Het onderzoek werd gestart na de dood van de Afro-Amerikaan Freddie Gray.

Bryan Woolston / Reuters Een vrouw loopt langs een muurschildering van Freddie Gray in Baltimore.

Politieagenten uit Baltimore discrimineren systematisch tegen zwarten, gebruikelijk excessief geweld en worden niet voldoende verantwoordelijk gehouden voor wangedrag. Dat blijkt uit een kritisch rapport van het Amerikaanse ministerie van Justitie dat woensdag gepresenteerd wordt en al naar buiten is gebracht.

Het 163 pagina’s tellende rapport toont dat politieagenten in de Amerikaanse stad veel mensen aanhouden - vaak in arme, zwarte wijken - om dubieuze redenen. Zwarte voetgangers en automobilisten worden buitenproportioneel vaak aangehouden en onderzocht. Zo blijkt dat 84 procent van de mensen die tussen 2010 en 2015 door de politie werden aangehouden zwart zijn, terwijl 63 procent van de bevolking donker is. Evenzo laat het rapport zien dat 95 procent van de mensen die in de vijf jaar meer dan tien keer werden aangehouden, zwart zijn.

Excessief geweld

Ook blijkt uit het rapport dat politieagenten routineus onredelijk en excessief geweld gebruiken, ook tegen minderjarigen en mensen met geestelijke problemen, vaak als het agenten “niet beviel wat deze individuen zeiden”. Daarbij houden de agenten van een van de grootste politiekorpsen van de VS burgers onrechtmatig aan voor het gebruik van respectloze taal.

Het rapport is het resultaat van een jaar lang onderzoek, waarbij onderzoekers bewoners uit Baltimore, politieagenten, advocaten en politici interviewden, met politieagenten meeliepen en rapporten en klachten bestudeerden. Mogelijk dwingt het rapport veranderingen bij het politiekorps af, aangezien het door het ministerie beschreven wangedrag kan leiden tot rechtszaken.

Freddie Gray

Het onderzoek werd gestart na de dood van Freddie Gray in april 2015. De 25-jarige zwarte man raakte zwaar gewond tijdens zijn arrestatie en overleed een week later in zijn cel. Na zijn begrafenis braken grimmige rellen uit in Baltimore, waarbij meerdere politieagenten gewond raakten. Demonstranten vernielden politie-auto’s en winkelruiten. De politie greep hard in.

Gray werd het symbool van politiegeweld tegen zwarte Amerikanen. Zes agenten werden aangehouden voor de dood van Gray, maar niemand van hen werd veroordeeld.

Onrust om politiegeweld houdt aan

Het ministerie van Justitie heeft eerder soortgelijke onderzoeken gedaan naar politiepraktijken in onder andere Chicago, Albuquerque en Ferguson. In die laatste stad werd Michael Brown twee jaar geleden gedood door een politiekogel. Dinsdagavond werd bij een ogenschijnlijk vreedzame demonstratie tegen politiegeweld ingereden op een van de demonstranten, meldt persbureau AP.

Dinsdag gaf de politie van Los Angelas toe dat Donnell Thompson, de zwarte man die op 28 juli doodgeschoten werd, onschuldig was. De politie verdacht hem voor betrokkenheid bij een bankroof, maar Thompson bleek daar niets mee te maken te hebben.

“Zero tolerance” beleid

Het rapport wijt het onrechtvaardige gedrag van de politie deels aan het “zero tolerance” beleid dat in de vroege jaren 2000 werd ingevoerd, maar inmiddels niet meer gebruikt wordt: “het nalatenschap van het zero tolerance beleid beïnvloedt nog steeds de gebruiken binnen de politie en draagt bij aan constitutionele overtredingen.”

De hoogste aanklager van de stad, Marilyn Mosby, zei voor de publicatie van het rapport in een verklaring dat ze verwachtte dat het rapport “bevestigt wat velen in onze stad al weten of zelf hebben meegemaakt.” Ze voegde toe:

“Hoewel het merendeel van de politieagenten goed zijn, weten we ook dat er slechte agenten tussen zitten en dat het korps routineus gefaald heeft in het toezicht houden, trainen en verantwoordelijk houden van slechte agenten.”