Na 24 jaar cel leren pinnen en appen

Levenslang Edwin S. zit een levenslange straf uit. Maar na bijna 24 jaar moet hij kunnen werken aan resocialisatie, oordeelt de Haagse rechter.

Gevangenis De Schie in Rotterdam waar Edwin S. gevangen zit. Foto Jerry Lampen / ANP

Edwin S. heeft nog nooit met een mobiele telefoon gebeld. Toen hij in 1992 de gevangenis in ging, waren mobiele telefoons nog joekels van apparaten, met een batterij ter grootte van een accu, en er was vrijwel niemand die ermee belde. „Mijn cliënt heeft veel ontwikkelingen van het moderne leven gemist”, zei zijn advocaat, José Lindhout, bij een kort geding eind vorige maand.

Leren omgaan met de mobiele telefoon, dat was een van de voorbeelden die Lindhout gaf bij het kort geding voor de Haagse rechtbank, waarin haar cliënt eiste te mogen deelnemen aan resocialisatieactiviteiten in de gevangenis. Hij moet (weer) leren omgaan met een pinautomaat. Leren reizen met het openbaar vervoer. Leren internetten. Hij wil zelf een bankrekening kunnen openen, een uitkering aanvragen, op zoek gaan naar vrijwilligerswerk. Allemaal zaken die een gedetineerde in Nederland stukje bij beetje leert tegen het einde van zijn straf.

Fatale inbraak

Maar Edwin S. is veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf. Hij doodde bij een inbraak de bewoner en schoot ook diens vrouw neer. In beginsel komt hij nooit meer terug in de maatschappij. „Dan is het aanbieden van zulke activiteiten in de gevangenis zinloos”, zegt een woordvoerder van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

Voor de rechtbank maakte de staat in juli een onderscheid tussen resocialisatie en reïntegratie, tussen activiteiten die elke gevangene aangeboden krijgt en activiteiten die betrekking hebben op een spoedige terugkeer in de maatschappij. Aan de eerste soort activiteiten (bezoek, sport, bibliotheekbezoek) kon S. wel deelnemen, aan de tweede niet.

Onder verwijzing naar uitspraken van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en van de Hoge Raad zette de Haagse voorzieningenrechter woensdag een streep door deze redenering. Het Europees Hof in Straatsburg oordeelde in 2013 dat levenslang „zonder perspectief op vrijlating” inhumaan is. Het stelt dat de lidstaten verplicht zijn om de straf na uiterlijk 25 jaar opnieuw te beoordelen in het licht van een mogelijke terugkeer in de samenleving. Nederland is een van de weinige Europese landen zonder herbeoordelingsprocedure.

Staatssecretaris Klaas Dijkhoff (Veiligheid en Justitie, VVD) heeft de Tweede Kamer dit voorjaar laten weten dat hij aan zo’n procedure werkt, waarbij de termijn van 25 jaar het uitgangspunt is.

Op 16 juni kreeg Edwin S. een brief van de directeur van gevangenis De Schie in Rotterdam, waar hij vastzit, waarin hij onder verwijzing naar de staatssecretaris schreef:

„Pas na vijfentwintig jaar kunnen levenslang gestraften in aanmerking komen voor activiteiten gericht op reïntegratie.”

De Haagse rechter oordeelt dat van een reële herbeoordeling van de gevangene en zijn straf geen sprake kan zijn „zonder dat een gedetineerde vóór dat beoordelingsmoment in de gelegenheid is gesteld om deel te nemen aan resocialisatieactiviteiten en daarbij voldoende tijd krijgt om vorderingen te maken”.

Hij haalde een rapport aan dat de verdediging naar voren had gebracht, waarin staat dat gedetineerden die twintig jaar of langer vastzitten, ten minste achttien maanden nodig hebben om vorderingen te maken bij het wennen aan normaal maatschappelijk verkeer.

S. zit nu bijna 23 jaar en 8 maanden vast en zal dus – zelfs als hij nu meteen in de gevangenis aan zijn reïntegratie mag werken – niet op tijd ‘klaar’ zijn voor de termijn van 25 jaar.

Staat krijgt tien dagen de tijd

De staat krijgt nu van de rechter tien dagen de tijd om een resocialisatieplan voor S. op te stellen – en, zo staat ondubbelzinnig in het vonnis: „Waar gesproken wordt van resocialisatieactiviteiten wordt gedoeld op begeleiding die nodig is voor een eventuele terugkeer in de samenleving”.

Een woordvoerder van het ministerie van Veiligheid en Justitie laat weten dat het de uitspraak nog bestudeert. Hij kan wel zeggen dat dit geen ingrijpende gevolgen zal hebben voor andere levenslang gestraften in Nederland.

Er zitten op dit moment 33 Nederlandse gedetineerden een levenslange straf uit. De eerstvolgende kandidaten voor deze activiteiten zijn twee jaar of nog later dan S. in de cel gekomen.