OVSE wordt gekust en beschoten in Oekraïne

Naleving Minsk II-akkoord Rusland en het Westen werken samen bij de controles in Oekraïne. Maar alleen als waarnemer, niet als onderzoeker.

Leden van de OVSE-missie praten in Donetsk met inwoners van de stad. Foto’s Konstantin Salomatin

Die OVSE, met haar dikke witte auto’s en met mooie blauwe scherfvesten. „Hebben de kinderen hier een kogelwerend vest aan?”, zegt een boze vrouw van een jaar of veertig. „Dacht het niet nee.”

Het is duidelijk: in de wijk Koejbysjevski in Donetsk zijn de waarnemers van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE; in het Engels afgekort als OSCE) niet altijd even populair. „Jullie zitten in een duur hotel in het veilige centrum van de stad”, zegt de boze vrouw. „Waarom wonen jullie eigenlijk niet hier?”

De OSCE Special Monitoring Mission to Ukraine ziet sinds vorig jaar toe op de naleving van Minsk II, het staakt-het-vuren tussen de Oekraïense regering en de opstandelingen in de provincies Donetsk en Loegansk. Elke dag trekken OVSE-waarnemers met hun Toyota Landcruisers naar de frontlinie. De dagelijkse rapporten stemmen somber. Ondanks de akkoorden van Minsk II wordt nog elke dag gevochten tussen het Oekraïense leger en de separatisten. De afgelopen maand zijn de beschietingen geëscaleerd.

De OVSE speelt een centrale rol in een conflict dat beëindigd is verklaard, maar nog steeds elke dag slachtoffers eist. De Oekraïense missie heeft nieuw leven geblazen in een samenwerkingsverband van 57 landen dat zijn wortels heeft in de jaren zeventig. Nu er opnieuw een Koude Oorlog woedt in Oost-Europa is de OVSE een van de weinige organen waarin Rusland direct samenwerkt met het Westen. De OVSE-waarnemers in Oekraïne leveren objectieve informatie over wat er gebeurt op de grond. En hoewel de media-aandacht vooral uitgaat naar het overleg tussen Rusland en Oekraïne met Frankrijk en Duitsland als bemiddelaars, speelt de OVSE op de achtergrond een belangrijke faciliterende rol in de onderhandelingen tussen de strijdende partijen.

Een OVSE-verslag vanuit Donetsk, dit voorjaar:

Dat gaat niet bepaald vanzelf, zo liet OSVE-secretaris-generaal Lamberto Zannier eerder doorschemeren. „Het overleg binnen de OVSE stond onder grote spanning”, zei de Italiaan in 2014 in een lezing.

„Vaak ging het er ondiplomatiek aan toe. Soms was er sprake van zware beschuldigingen over en weer.”

In dat licht lijkt het een wonder dat de 57 lidstaten van de OVSE het eens zijn geworden over niet één, maar twee missies: behalve de Special Monitoring Mission zijn er OVSE-waarnemers gestationeerd op de Oekraïens-Russische grens – de zogeheten Observer Mission. OVSE’ers uit de VS en Europa werken samen met Russische teamleden. Hun gezamenlijke rapporten maken minutieus melding van de schendingen van het bestand: vaak honderden per dag. Maar, tot frustratie van velen, meldt de OVSE niet wíé het staakt-het-vuren geschonden heeft.

„De Special Monitoring Mission in Donetsk hoorde in de nachtelijke uren van 31 juli 79 onbepaalde explosies, op een afstand van drie tot vijftien kilometer ten noorden en noordwesten van haar locatie”, zo staat in het overzicht van 31 juli. Maar wie heeft er als eerste geschoten?

Het wordt de OVSE vaak gevraagd, vertelt Marco Kirschbaum, plaatsvervangend teamleider in Donetsk. „Maar dat kunnen wij niet zeggen.” De missie neemt waar en doet geen onderzoek. „Dat valt niet onder ons mandaat. We rapporteren alleen wat we hebben gezien of gehoord.”

De verregaande neutraliteit van de OVSE wordt niet altijd begrepen. In Koejbysjevski, dicht tegen de frontlijn in Donetsk, zijn veel burgers na twee jaar beschietingen de wanhoop nabij. Als de patrouille van de voormalige Duitse beroepsmilitair Timo (zijn achternaam houdt hij om veiligheidsredenen geheim) is uitgestapt, worden ze meteen aangeklampt door bewoners. Ze vertellen over de stress die de nachtelijke beschietingen opleveren. Over de angst dat gevechten weer in volle hevigheid zullen oplaaien. Bijna iedereen vraagt: waarom dóét de OVSE niets? „Dat waarnemen van jullie is allemaal prachtig”, zegt de boze vrouw. „Maar we zien geen resultaten!”

Wantrouwen

Hoewel zowel Oekraïne als Rusland in de OVSE vertegenwoordigd is, wordt de organisatie gewantrouwd. Zowel de separatisten als het Oekraïense leger schenden het bestand. Beide partijen hebben dus iets te verbergen – zware artillerie bijvoorbeeld, die volgens Minsk allang teruggetrokken had moeten zijn.

Bijna elke dag wordt OVSE-waarnemers wel ergens de weg versperd. Op 29 juli werd een OVSE-patrouille onder schot gehouden door rebelllen en gedwongen mee te rijden naar een checkpoint bij Marioepol. Separatisten uitten bedreigingen (‘Ze moeten worden doodgeschoten’), en sloegen deuken in een voertuig met de kolf van een kalasjnikov. Daarna lieten de separatisten de patrouille gaan.

Vooral de opstandelingen in de zelverklaarde ‘volksrepublieken’ Donetsk en Loegansk hebben weinig op met de OVSE-missie. „Ze hanteren een dubbele standaard”, zei de burgemeetser van Donetsk, Igor Martynov. „Ze rapporteren gewoon niet eerlijk.”

De neutraliteit van de OVSE is verder in het geding gekomen door het voorstel van de Oekraïense regering voor een gewapende ‘politiemissie’, die ervoor zou moeten zorgen dat de grens met Rusland weer onder controle wordt gebracht van Kiev – zoals is afgesproken in de akkoorden van Minsk. De separatisten, afhankelijk van militaire hulp uit Rusland, zijn scherp gekant tegen dit plan. Zowel in Donetsk als Loegansk is geprotesteerd tegen een gewapende missie. Beide republieken hielden vorige maand oefeningen, waarin de lokale jeugd werd getraind in hoe ze zich zonder wapens zouden kunnen verzetten tegen een OVSE-macht.

Geen wonder dat verschillende OVSE-waarnemers lieten doorschemeren een dergelijke – licht bewapende – missie niet te zien zitten. „Er is hier nog steeds sprake van een oorlogssituatie”, zo zei een van hen. „Dan doe je niet veel met een pistool op je heup.”

Paatsvervangend teamleider Kirschbaum kijkt wel uit om uitspraken te doen over een eventuele politiemissie. „Ons mandaat is strikt, en moet worden goedgekeurd door alle 57 lidstaten”, zegt de Zwitser diplomatiek.

„Sinds wij zijn begonnen hier, in maart 2014, is er nog geen letter veranderd.”

„Wij zijn neutraal”, zegt patrouilleleider Timo in de wijk Koejbysjevski in Donetsk. „Daarom zijn we ongewapend.” Een auto rijdt toeterend voorbij. „We krijgen allerlei reacties. Soms word je gekust. Maar we zijn ook al beschoten.” Timo wijst naar zijn blauwe kogelwerende vest. „Daarom ziet u dit hier.”