Nog negen dagen om in gouden vorm te komen

Turnen

Na een jaar vol tegenslagen heeft de koele Epke Zonderland zich toch geplaatst voor de toestelfinale.

Epke Zonderland staat volgende week dinsdag voor de derde keer op rij in de olympische toestelfinale aan rek. Foto Sander koning/ANP

Om gek van te worden, zo veel tegenslag ondervond Epke Zonderland het afgelopen jaar. Maar de turner werd niet gek, hij hield zijn hoofd koel, vocht terug na weer een blessure en staat volgende week dinsdag voor de derde keer op rij in de olympische toestelfinale aan rek. En dat is een klein mirakel.

Zijn dieptepunt beleefde Zonderland vorig jaar oktober in Glasgow, waar op de WK rechtstreekse plaatsing voor de Olympische Spelen in Rio de Janeiro op het spel stond. Maar Brazilië leek voor de rekspecialist verder weg dan ooit, nadat hij voor zijn doen een miserabel slechte oefening had geturnd en de finale miste. De olympisch kampioen af door de zijdeur. Pijnlijk.

Eigenlijk was het zowel medisch als sportief onverantwoord dat Zonderland naar de Schotse hoofdstad was afgereisd. Hij was nog lang niet hersteld van een hersenschudding die hij twee maanden daarvoor bij een val tijdens de training had opgelopen. Maar je bent als sportman uit het goede hout gesneden of niet.

Dan doe je, zoals Zonderland, er alles aan om naar de WK te kunnen, eigenlijk tegen beter weten in. De rekspecialist hield zichzelf voor de gek. Hij was niet fit en ver verwijderd van zijn topvorm. Zonderland kon niet turnen zoals hij wilde, maar dat drong pas echt tot hem door nadat hij een voor zijn doen onwaardige oefening had afgeleverd.

Maar ja, wat doe je als de olympische drang sterker is dan de realiteitszin? Dan ga je. Op de WK wilde Zonderland zich rechtstreeks voor de Spelen plaatsen. Hij hoefde alleen maar een medaille aan rek te winnen, dan was hij verzekerd van een reis naar Rio. Voor de olympisch en tweevoudige wereldkampioen normaliter geen probleem, maar wel als de hersenen kort daarvoor flink door elkaar zijn geschud.

Er was weliswaar een alternatieve route naar Rio via de kwalificatie met het Nederlandse team, maar die bood geen zekerheid. Verre van dat. Wilden de Nederlandse turners als team naar de Spelen, dan zouden zij zich onder de twaalf beste turnlanden ter wereld moeten scharen. Zonderland had veel vertrouwen in de afgelopen juli overleden bondscoach Mitch Fenner en zag ook vorderingen bij het team, maar het bleef een onzekere weg.

Uiteindelijk gooiden zijn teammaten in de nationale ploeg hem de reddingsboei toe. Zij hielpen de rekturner in april op het olympisch kwalificatietoernooi in Rio aan de zekerheid van olympisch kwalificatie. De zucht van verlichting moet tot in Friesland voelbaar zijn geweest. Want in de maanden daaraan voorafgaand was Zonderland twee keer aan zijn bijholten geopereerd, ingrepen die zelfs hem wankelmoedig hadden gemaakt.

Kon Zonderland eindelijk aan zijn olympisch oefening werken. Een voorbereidingstijd van vier maanden achtte hij toereikend voor een tweede gouden medaille op rij. Maar toen ging het kort voor de Spelen weer mis. De turner kneusde eind juni twee vingers van zijn rechterhand en die blessure verergerde eind juli, nadat hij diezelfde vingers wederom stootte. Om moedeloos van te worden.

Maar niet Zonderland. Intensieve fysiotherapie zouden hem er wel bovenop helpen, hield hij zich voor. Het ligt niet in zijn aard te panikeren. De rust bewaren is een waardevolle eigenschap van Zonderland. Uiteindelijk arriveerde Zonderland in puike vorm in Rio de Janeiro, maar niet in topvorm. Daaraan kan de arts-in-opleiding nog werken in de negen dagen die resteren tot de finale. Die zal hij hard nodig hebben op zijn oefening met vier vluchtelementen – niet achter elkaar maar met een ‘knip’ ertussen – op gouden niveau te brengen. Maar na zaterdag heeft Zonderland daar het volste vertrouwen in.