Een feeks die zich graag laat temmen

Shakespeare

De komedie Het temmen van een feeks van Shakespeare was altijd omstreden. De versie van schrijfster Anne Tyler biedt nieuwe stof voor discussie over de verhouding tussen vrouwen en mannen.

Het gezinsleven, de relatie tussen ouders en al dan niet volwassen kinderen, de Amerikaanse stad Baltimore – thema’s en locatie zijn vertrouwd in de nieuwe roman van Anne Tyler. Maar Azijnmeisje bevat nog een andere dimensie: het boek is een variatie op The Taming of the Shrew, een vroege komedie van William Shakespeare. Omdat het dit jaar vierhonderd jaar geleden is dat Shakespeare (1564-1616) stierf, heeft de Britse uitgeverij Hogarth een aantal auteurs gevraagd moderne bewerkingen te maken van stukken van de onsterfelijke bard. Eerder verschenen bewerkingen van Jeanette Winterson en Howard Jacobson, nu is Anne Tyler (1941) aan de beurt.

Het stuk dat aan de bron van haar roman ligt dateert van eind 16de eeuw. Het temmen van een feeks is niet onomstreden. Edelman Petruchio trouwt een jonge vrouw met een eigen wil en krijgt haar klein. De slotmonoloog van Katherina, de ‘feeks’ in kwestie, is berucht. ‘Je echtgenoot is je meester, je leven, je verzorger,’ declameert de inmiddels getemde vrouw die eerder nog zo zelfstandig leek.

Onderdanig stelt Katherina dat een vrouw haar gebieder ‘liefde, beminnelijke blikken en ware gehoorzaamheid’ is verschuldigd. ‘Laat je trots varen, er is geen ontkomen aan,/ En leg je hand onder de voet van je echtgenoot.’ Het veronderstelde misogyne karakter van het stuk heeft altijd veel discussie losgemaakt. Al in 1611 verscheen een parodie waarin het Petruchio was die werd getemd.

De oudste dochter runt het gezin

Tyler verplaatst de handeling naar het heden, en wel naar het gezin van weduwnaar Battista, een professor die onderzoek doet naar auto-immuunziekten. Het huishouden wordt gerund door de oudste, ongetrouwde dochter, die tegen de dertig loopt en in een kinderdagverblijf werkt. Ze heeft een scherpe tong, houdt niet van de zachte hand waarmee haar collega’s met kinderen omgaan, denkt overal het hare van – en als ze dan ook nog Kate blijkt te heten, is het duidelijk dat zij in deze versie de feeks is die al dan niet getemd gaat worden.

De bruidegom die naar haar hand dingt, is geen edelman, maar de Russische onderzoeksassistent van haar vader. Deze Pjotr dreigt te worden uitgezet en Kate’s vader ziet maar één mogelijkheid om hem een verblijfsvergunning te bezorgen: een huwelijk met zijn dochter. Hij probeert ‘toevallige’ ontmoetingen te arrangeren tussen de twee, in de hoop dat de vonk overslaat. Pjotr werkt graag mee, de gisse Kate ontgaat de bedoelingen van haar vader totaal. Dat laatste is verrassend, en teleurstellend.

Niet alleen Kate blijkt opeens naïeve kantjes te hebben, ook het proza van Tyler heeft iets kinderlijks. Veel wordt op een al te duidelijke, nadrukkelijke toon uitgelegd. De verwijzingen naar het stuk van Shakespeare zijn aardig, maar erg diep lijkt deze variant niet te graven.

Hoe moeilijk mannen het hebben

Als Kate eindelijk doorheeft welke plannen er worden gesmeed, is ze verontwaardigd, maar uiteindelijk trouwt ze toch met Pjotr. Tijdens het huwelijksfeest houdt ze een monoloog die duidelijk bedoeld is als tegenhanger van Katherina’s slotmonoloog uit Het temmen van een feeks, waarbij de onderdanigheid van de vrouw werd bepleit. De Kate van Anne Tyler benadrukt in haar rede hoe moeilijk mannen het hebben. ‘Als je erover nadenkt, hebben ze veel minder vrijheid dan vrouwen.’ Want mannen verbergen hun gevoelens en moeten zich de hele dag maar groot houden.

Pardon? ‘Mannen hebben het ook niet makkelijk.’ Dat is opeens wel een érg rare omslag. Is dat de boodschap waarmee Tyler haar lezers naar huis wil sturen? Je zou het nog bijna gaan denken, ook omdat er na de bruiloftsscène een epiloog volgt waaruit blijkt dat Kate en Pjotr een gelukkig huwelijk hebben.

Maar toch. Die slotmonoloog van Kate klinkt ál te minzaam, en heeft ook iets pijnlijks. Daardoor wordt haar personage met terugwerkende kracht problematischer. Dat ze misschien minder zelfstandig is dan de lezer aanvankelijk dacht, bleek al uit haar gedrag tegenover haar collega Adam: ze voelt wat voor hem, maar denkt dat ze geen kans maakt en verzwijgt haar gevoelens.

Hoe zelfstandig is ze werkelijk? Dat ze zich nooit aan het gezin heeft weten te onttrekken en de moederrol op zich heeft genomen, is veelzeggend.

Een verborgen gebrek

Haar ongenaakbare houding verbergt misschien juist een gebrek aan zelfstandigheid.

Legt ze zich daarom uiteindelijk neer bij de rol die haar vader voor haar heeft uitgedacht, neemt ze daarom bij haar huwelijksfeest de quasi-zelfstandige pose aan van de wijze vrouw die minzaam het gedoe van de mannelijke helft van de mensheid beschouwt? Erkenning van het leed van anderen kan ook bedoeld zijn om eigen leed aan het zicht te onttrekken.

Hoe die slotmonoloog dan ook is bedoeld, net als het oorspronkelijke stuk van Shakespeare biedt Azijnmeisje genoeg stof voor discussie over sekseverhoudingen en intenties van personage en auteur.

In dat opzicht is Tylers variatie op Shakespeare dan toch geslaagd.