Proces Decembermoorden verdaagd tot november

President Desi Bouterse is hoofdverdachte in de moordzaak.

De Surinaamse president Desi Bouterse, hoofdverdachte in de Decembermoordenzaak. Foto Pieter van Maele / ANP

Het proces over de Decembermoorden in Suriname is vrijdag opnieuw uitgesteld. De Surinaamse krijgsraad hervatte het proces voor het eerst sinds 2012, maar nadat de advocaten van de verdachten zich hadden uitgesproken over de huidige situatie werd de zaak door de rechter tot 30 november opgeschort. Dat melden Surinaamse media.

In november wordt besloten of de zaak wordt voortgezet. De voorzitter van de krijgsraad noemde het verzoek om het proces te staken een fundamenteel verzoek dat diepgaand bestudeerd moet worden. Zowel de aanklager als de advocaat van hoofdverdachte Desi Bouterse hebben gevraagd om het proces stop te zetten. Advocaten van andere verdachten wilden juist dat de zaak werd voortgezet.

Voorafgaand aan de zitting werd er in Paramaribo door actiegroep ‘We zijn moe’ gedemonstreerd, maar dat protest werd gestopt toen de betogers op de ME stuitten.

Amnestiewet

De verdaging lag in de lijn der verwachting. De zaak werd vier jaar geleden geschorst nadat het Surinaams parlement de omstreden Amnestiewet aannam, waardoor de verdachten van de moorden vrijuit gaan. President Desi Bouterse is hoofdverdachte in de Decembermoordenzaak, die in 2007 werd aangespannen. Naast hem staan nog 23 andere verdachten terecht.

De rechter bepaalde dat na het invoeren van de Amnestiewet een nog op te richten constitutioneel hof moet kijken of de wet mag ingrijpen in een lopend proces. Het hof is nooit opgetuigd, maar de rechter schoof in juni alsnog de Amnestiewet terzijde. Diezelfde maand nam de krijgsraad de zaak weer in behandeling. Dat gebeurde na een verzoek hiertoe van nabestaanden van de slachtoffers van de Decembermoorden.

Staatsveiligheid

Oorspronkelijk zou de aanklager op 30 juni zijn eindoordeel uitspreken. Bouterse blokkeerde dit echter door zich te beroepen op de staatsveiligheid, omdat de rechter volgens het staatshoofd de grondwet misbruikt. Daardoor werd het proces tot augustus uitgesteld. Bouterse sprak na de hervatting van het proces in juni van een ‘constitutionele crisis’, een situatie waarvan volgens procureur-generaal Roy Baidjnath Panday en waarnemend president van het Surinaamse Hof van Justitie Iwan Rasoelbaks geen sprake is.

De beruchte moorden werden gepleegd in de nacht van 8 op 9 december 1982, toen Bouterse aan het hoofd stond van een militair bewind dat sinds een staatsgreep in 1980 de scepter zwaaide over Suriname. Die dag werden vijftien tegenstanders van het regime vermoord in fort Zeelandia. De slachtoffers waren actief als advocaat, journalist of vakbondsleider.