Leer economisch zonder Rusland te leven

De Russische elite heeft zich tot mondiale paria gemaakt die niet te sturen is, meent .

De afgelopen jaren wordt Rusland afgeschilderd als een corrupt en agressief land dat geen enkele norm wenst te eerbiedigen – van de olympische gedragscode tot de internationale verdragen. Beide kenmerken zijn van wezenlijk belang om Rusland te begrijpen, maar wat niet mag worden vergeten is de enorme verschuiving van geld naar ideologie die de laatste jaren duidelijk zichtbaar is geworden.

Toen president Poetin in 2000 het Kremlin betrok, stond hij in zijn naaste omgeving bekend als iemand die in de jaren negentig de kas van Sint-Petersburg had geplunderd en wiens vrienden profiteerden van de functies die hij bekleedde. Alexei Miller en Igor Sechin, Arkady Rotenberg en Gennady Timchenko, Yevgeny Prigozhin en de gebroeders Kovalchuk – allemaal uit die tijd.

Een jaar of tien is de kring rond Poetin bezig geweest om de zeggenschap over ‘s lands rijkdom te verkrijgen en de opbrengsten naar het buitenland te sluizen – zoals ook blijkt uit gevallen als de Rossiya-bank en Sergei Roldugin, allebei genoemd in de Panama Papers. In die tijd gingen zakelijke belangen boven alle andere overwegingen. Poetins zakenvrienden waren de invloedrijkste mensen in het land en de drijfveer van het economisch en buitenlands beleid was om het vertrouwen van beleggers aan te jagen en de onroerendgoedprijzen op te drijven. De corruptie was alomtegenwoordig, maar de spelregels waren duidelijk en alles was grotendeels voorspelbaar.

Aan het begin van het volgende decennium gingen ten minste twee wezenlijke factoren een rol spelen. Enerzijds kwamen er door opleving van olieprijzen nog meer petrodollars binnen. Van 2011 tot 2013 ontving Rusland jaarlijks 394 miljard dollar meer olieopbrengsten dan in 1999 en de machthebbers hadden de taak van de zelfverrijking min of meer als vervuld kunnen beschouwen. Anderzijds was Poetin bang dat de Moskouse straatprotesten in de winter van 2011-2012 dan zouden uitlopen op een opstand à la de Oranjerevolutie in Oekraïne. Veiligheid werd daarom Poetins belangrijkste thema. De terugkeer naar het Kremlin was overduidelijk een gooi naar een presidentschap voor het leven.

De Krim-annexatie in 2014 bleek een keerpunt, toen tal van Poetins vrienden hem opriepen het schiereiland niet in te lijven, omdat ze een langdurige en pijnlijke confrontatie met het Westen voorzagen. Poetins beroemde antwoord was dat zij zich druk maakten om hun portemonnee, terwijl hij zich met Ruslands toekomst bezighield. Sindsdien is duidelijk dat er geen weg terug naar de normaliteit is, omdat Poetin nooit als een ongestoorde ‘wereldburger’ van zijn rijkdom zal kunnen genieten. Alles draait nu om veiligheid en geopolitiek.

De samenstelling van het Kremlin-‘kringetje’ is sindsdien ingrijpend veranderd. Sechin en Miller zijn ondergeschikt aan Nikolay Patrushev of Alexander Bastrykin. Poetins ‘oligarchen’ zijn beloond met overheidscontracten, maar hun invloed valt in het niet vergeleken bij die van Alexander Bortnikov of Serguey Shoygou. Twee van Poetins lijfwachten zijn gepromoveerd – de ene tot commandant van de 400.000 man sterke Nationale Garde, de andere tot bestuurder van de regio Tula, beroemd om zijn militaire fabrieken. De orthodoxe geestelijkheid blijkt een van de invloedrijkste pijlers van het bewind.

Veel van deze nieuwe figuren zijn even corrupt als de mensen die Poetin eerder beïnvloedden – maar geen van hen bezit ook maar een spoor van een ‘zakelijke identiteit’. Economische vraagstukken bestaan voor hen gewoon niet. Het kan ze bijvoorbeeld niet schelen hoe de gewone Rus wordt getroffen door de ‘tegensancties’ op voedselgebied. Ze zijn zich niet bewust van de behoeften van bedrijven en kunnen elk geldbedrag voor militaire avonturen uittrekken. Ze proberen de betrekkingen met het Westen niet te normaliseren, omdat ze niet beseffen hoe belangrijk deze voor de Russische economie kunnen zijn. Hoe corrupt de Russische elite in de eerste tien jaar van deze eeuw ook was, ze was wel geheel voorspelbaar – een groep mensen die de westerse taal van het bedrijfsleven verstond.

De nieuwe Russische elite heeft weinig tot geen financiële belangen buiten de grenzen; ze wordt gedreven door negentiende-eeuwse geopolitieke en godsdienstige mythen en denkbeelden en daarom heeft het Westen veel minder kans om er een dialoog mee aan te gaan. Deze mensen hebben zichzelf tot mondiale paria’s gemaakt, ze worden steeds meer door niet-economische motieven gedreven en zijn daardoor minder te sturen. Of de sancties nu worden gehandhaafd of opgeheven, een terugkeer naar de ‘normale gang van zaken’ valt met dit nieuwe Rusland niet als een realistische mogelijkheid te beschouwen.

Het huidige Rusland wordt een steeds autoritairder, gemilitariseerder en zelfs fascistischer land. Zulke gepersonaliseerde naties zijn niet in staat zich te hervormen. Nadat hun leider sterft, kunnen ze alleen maar imploderen. Mijn raad aan Europa is dan ook om te leren economisch zonder Rusland te leven (zoals Finland met succes heeft gedaan na de val van de Sovjet-Unie) en zich op te maken voor een lange reis die er simpelweg op is gericht om Poetin te overleven, want als betrouwbare partner voor het Westen komt deze nooit meer terug.