Niet alleen water, ook kou lest de dorst

Hersenen Meteen nadat we beginnen met drinken, geeft het brein een signaal: ‘geen dorst meer’. Maar de hersenen laten zich foppen door kou.

Olifantje drinkt uit opblaasbad. Foto AFP/ dpa / Hendrik Schmidt

IJsklontjes. Waterijs. Een koel glas witte wijn. Wie dorst heeft op een hete zomerdag, drinkt het liefste koude dranken.

Neurowetenschappers uit San Francisco hebben ontdekt waarom waterijsjes en koel witbier zo dorstlessend zijn: dorstcellen in de hersenen reageren direct op vloeistoffen in de mond. Zodra er water de mond in spoelt, neemt het dorstgevoel af, nog lang voordat het lichaam het heeft opgenomen. En hoe kouder de drank, hoe sterker de afname van de dorst. Donderdag stond het in Nature.

Het dorstgebied in de hersenen is al in de jaren 80 ontdekt; het ligt in het ‘subfornicale orgaan’, diep in het brein. Dat ging niet subtiel: neurowetenschappers sneden het subfornicale orgaan weg bij ratten en zagen dat de dieren zelden dronken, zelfs niet als ze uitgedroogd waren.

Later werden zenuwcellen in het subfornicale orgaan ontdekt die bloed ‘proeven’. Als het bloed te zout is of de bloeddruk te laag, geven deze zenuwcellen het signaal: dorst.

Dorstige muizen

Maar dat is maar het halve verhaal. Het duurt tientallen minuten voordat doorgeslikt water de bloedcirculatie bereikt, terwijl koele dranken al binnen enkele seconden de dorst lessen. De hersenen reageren dus niet alleen op veranderingen in het bloed, ze verwachten ook een verandering. Maar hoe onderzoek je dat?

Met dorstige, genetisch gemanipuleerde muizen. Met lichtbundels konden de Amerikanen zenuwcellen van deze muizen activeren of stilleggen. De onderzoekers zagen dat de activiteit van de dorstcellen afnam zodra een muis begon te drinken. Al bij de eerste lik werden de cellen geremd.

Vervolgens ging het team op zoek naar de doorslaggevende prikkel die de dorstcellen inactiveert. De aanblik van water bleek niet genoeg. En ook het oplikken zelf had geen effect. Wat wel werkte was water zelf. Zelfs zout water schakelt de dorstcellen aanvankelijk uit – later gaan ze weer aan.

Koele mond

En: koud water lest de dorst sneller dan warm water. De onderzoekers konden de dorstcellen zelfs inactiveren door koud metaal in de mond van muizen te brengen. Ze noemen het „raadselachtig” dat dorst vermindert door een koele mond.

Voedsel activeerde de dorstcellen juist, al na de eerste paar happen. Dat verklaart waarom muizen, net als mensen, graag drinken bij eten.

De verwachte dorst en actuele dorst worden dus op hetzelfde plekje in het brein verwerkt. Handig, vinden de onderzoekers. Zo kan lichaam snel vochtconsumptie bijsturen.