Dopingbestrijders onder vuur in Rio

Vergadering IOC

In Rio botsten de topmannen van het IOC en de WADA. Maar beide partijen zijn het erover eens dat de strijd tegen doping hapert.

Voorzitter Thomas Bach deze week tijdens de conferentie van het Internationaal Olympisch Comité in Rio de Janeiro. Foto FABRICE COFFRINI/AFP

Het is crisis in de wereld van antidoping. Het huidige opsporingssysteem functioneert niet, constateert voorzitter Thomas Bach van het Internationaal Olympisch Comité (IOC) met groeiende ergernis. Zonder omwegen wijst hij het wereldantidopingagentschap WADA als hoofdschuldige aan. Craig Reedie, voorzitter van WADA, voelt zich geschoffeerd door Bach, maar moet beschroomd toegeven dat „de strijd tegen doping ten dele hapert”.

Beide mannen botsen tijdens de jaarlijkse, plenaire IOC-vergadering in Rio de Janeiro. Niet voor het eerst, want het IOC heeft al enige jaren kritiek op het functioneren van WADA. Tot nu bleef die hekeling intern, maar sinds de rapporten waarmee WADA eerst ernstige misstanden in de Russische atletiek aantoonde en vervolgens van hogerhand geregisseerde dopingfraude in zo’n dertig andere sporten in Rusland onthulde, voelt Bach zich niet langer geremd publiekelijk kritiek te spuien.

Nu de Russische fraude aan het licht is gekomen, worden schuldigen gezocht. Bach wil voorkomen dat het IOC wordt geblameerd en heeft de vlucht naar voren ingezet. Op zijn eerste persconferentie in Rio bakent hij zijn positie af. Zijn redenatie: „Niet het IOC is verantwoordelijk voor de accreditatie van en het toezicht op antidopinglaboratoria. Niet het IOC is de uitvoerder van het antidopingprogramma. En niet het IOC, maar WADA heeft niets gedaan met vroegtijdige informatie van klokkenluiders over Russische misstanden met doping.”

Krasse taal, tijdens de IOC-vergadering onderstreept door IOC-leden, die met 84 stemmen tegen één – van de Brit Adam Pengilly – het besluit van het IOC-bestuur steunen niet het volledige Russische team voor de Spelen te schorsen. Een aantal IOC-leden volgt Bach openlijk in zijn kritiek op WADA. Alex Giladay uit Israël: „Niet de reputatie van het IOC is geschaad, maar die van WADA.” Nog meer uitgesproken is de Argentijn Gerardo Wertheim: „WADA lijkt meer geïnteresseerd in publiciteit en zelfpromotie dan in het uitvoeren van zijn taak.”

Te magere resultaten

Binnenskamers heeft IOC-voorzitter Bach menigmaal laten blijken Wertheims opinie te delen. Hij vindt dat WADA als regelgever en hoeder van het antidopingsysteem te veel poseert met te magere resultaten. Minder dan 1 procent van alle dopingtesten zijn positief.

Een verontrustend lage score, oordeelt Bach, die al geruime tijd de geesten aan het bewerken is voor ingrijpende veranderingen. Niet de internationale sportbonden, maar WADA wil hij met de uitvoering van dopingcontroles belasten, evenals met het opleggen van straf.

Later dit jaar is er door het IOC een extra vergadering over een hernieuwde aanpak van antidoping gepland. Dan zal duidelijk worden wat de nieuwe rol van WADA wordt en welke bevoegdheden daarbij horen. Tijdens een daaropvolgende antidopingconferentie moet de nieuwe, onafhankelijke antidopingorganisatie zijn beslag krijgen. De tijd dat officials van WADA alleen de dopingregels vastleggen en toetsen is dan voorbij.

Met de realiteit in ogenschouw kan worden beweerd dat het IOC, samen met de overheden voor de helft verantwoordelijk voor de bekostiging van WADA, rijkelijk laat met ingrijpen is. De Russische dopingaffaires zijn de zoveelste incidenten. Daarvoor heeft de Amerikaanse wielrenner Lance Armstrong ongestoord zeven keer de Tour de France op stimulantia kunnen winnen, was er een schandaal rond een Weense bloedbank, waar onder anderen oud-wielrenner Michael Boogerd gebruik van maakte, kon Operación Puerto met grootschalige bloeddoping onder leiding van de Spaanse arts Eufemiano Fuentes worden uitgevoerd en waren er serieuze verdenkingen aan het adres van Keniaanse langeafstandslopers. WADA liet het passeren, met het IOC als tamelijk laconieke toezichthouder. Nu een groot land als Rusland in de fout gaat wordt er pas actie ondernomen. Dat geeft te denken.

De tijd van boterzacht ingrijpen is voorbij. Alle betrokkenen beseffen dat de reputatie maar vooral de geloofwaardigheid van de sport op het spel staat. De internationale dopingaanpak zal robuuster maar vooral beter moeten, daarover zijn de kemphanen IOC en WADA het eens. Ergens moeten de hardliners van WADA en realisten van het IOC elkaar in de nabije toekomst vinden. En de oplossing moet niet verengd worden tot het tackelen van de Russische affaire, want zoals het Amerikaanse IOC-lid Larry Probst zegt: „Stop met het politiseren van het dopingprobleem, maar zorg voor een brede oplossing, want doping is niet alleen een Russisch, maar een mondiaal probleem.”