‘Australië sluit ogen voor lijden van asielzoekers op Nauru’

Australië stuurt asielzoekers naar het eiland, waar ze onder schrijnende omstandigheden verblijven.

Een man protesteert tegen het Australische asielbeleid, waardoor asielzoekers naar Naura of Manus, een vulkaaneiland van Papoea Nieuw Guinea, worden gestuurd. Foto Saeed Khan / AFP Photo

Australië laat meer dan duizend asielzoekers doelbewust onder schrijnende omstandigheden op het eiland Nauru wachten op asiel. Dat schrijven Amnesty International en Human Rights Watch in een rapport dat zij dinsdag publiceerden. De mensenrechtenorganisaties roepen de Australische overheid op de asielzoekers onmiddellijk over te plaatsen naar Australië en het centrum op Nauru te sluiten. Zolang er nog vluchtelingen op het eiland zijn, moet zij toegang hebben tot adequate (geestelijke) gezondheidszorg en moeten mensenrechten gerespecteerd worden.

“Het Australische beleid om asielzoekers die per boot aankomen te verbannen, is extreem wreed,” zei Anna Neistat, die als senior directeur voor onderzoek bij Amnesty International naar het eiland reisde en met vele asielzoekers sprak.

“Weinig andere landen gaan zo ver om doelbewust mensen die veiligheid en vrijheid zoeken te laten lijden.”

Muur van geheimzinnigheid

Zowel Australië als Nauru doen er alles aan de praktijken op Nauru te verbergen. Voor journalisten is het praktisch onmogelijk om op het eiland te werken: een visum kost 8.000 dollar, en slechts twee journalisten hebben sinds januari 2014 een visum gekregen.

Facebook is verboden op het eiland en er zijn extreem vage wetten in werking getreden die asielzoekers gemakkelijk kunnen criminaliseren. Hulpverleners die op het eiland werken, riskeren strafrechtelijke vervolging door Australië als ze informatie over de situatie naar buiten brengen.

Omstreden beleid

Sinds 2012 stuurt Australië asielzoekers die in het land arriveren door naar het eiland Nauru. Onder oud-premier Tony Abbott werd het omstreden beleid van terugsturen van vluchtelingen ingevoerd. Geen enkele vluchteling mocht een voet aan land van Australië zetten. De twee landen hebben een Memorandum van Overeenstemming getekend, waarin Australië belooft alle kosten van het ‘offshoren’ te dekken. Op het arme eilandje van 21 vierkante kilometer wonen tienduizend mensen. Er is weinig werk, en onderwijs- en gezondheidsvoorzieningen zijn schaars.

Asielzoekers die op Nauru aankomen, moeten vaak een jaar in tenten wachten op asiel in een lokaal asielzoekerscentrum, wat ze beschrijven “als een gevangenis”. Families die asiel krijgen, worden in een klein huis, bijvoorbeeld een omgebouwde container, gehuisvest; alleenstaande mannen krijgen een kleine kamer met net genoeg ruimte voor een bed en een plank. Zo’n derde van de 1.200 asielzoekers blijft in de tenten, waar ze geen smartphones mogen gebruiken en onder constante controle staan.

Gepest door lokale bevolking

Alle 84 vluchtelingen die door de organisaties in juli geïnterviewd zijn, gaven aan dat zij of hun familieleden door de lokale bevolking gepest of geïntimideerd werden. Meer dan twintig van hen vertelden dat ze aangevallen zijn. Kinderen die naar lokale scholen gaan, worden gepest door Nauruaanse kinderen, waardoor velen gestopt zijn met school.

De meeste vrouwen durven hun tenten nauwelijks meer te verlaten. Sommige asielzoekers gaven aan dat de omstandigheden op het eiland zo slecht zijn dat ze geen andere mogelijkheid zien dan terugkeren naar hun land van herkomst, waar ze het risico lopen gevangen te genomen te worden.

Het rapport stelt dat de Australische overheid zich zeer bewust is van de schrijnende omstandigheden op Nauru. Verschillende mensenrechtenorganisaties, zoals de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR, hebben het beleid eerder bekritiseerd. Eerder dit jaar staken twee asielzoekers die op Nauru verbleven zichzelf in brand. Ook het Australische besluit baby Asha, die in Australië werd behandeld, terug te sturen naar het kamp op Nauru kreeg wereldwijde media-aandacht en ontving veel kritiek.