Komeet ontstond uit oud en koud puin

Zonnestelsel

Toen de ijsplaneetjes zoals Pluto ontstonden, klonterden restjes samen tot kometen. Dat blijkt uit metingen aan de ‘badeend-komeet’.

De komeet 67P is sinds 2014 onderzocht door de sonde Rosetta, die eromheen cirkelt. Foto ESA

De komeet waar de Europese ruimtesonde Rosetta sinds augustus 2014 omheen draait, bestaat hoogstwaarschijnlijk uit materiaal uit de prille begintijd van ons zonnestelsel. Tot die conclusie komt een internationaal team van wetenschappers op basis van gegevens die Rosetta de afgelopen twee jaar heeft verzameld.

De onderzochte komeet, die officieel 67P/Churyumov-Gerasimenko heet, lijkt qua vorm een beetje op een kolossale badeend. Hij bestaat uit een ‘lijf’ van ruwweg 2 bij 3,5 kilometer en een ‘kop’ van 1,8 bij 2,5 kilometer.

Tijdens haar verblijf bij deze komeet toonde Rosetta aan dat deze heel poreus is en een gelaagde structuur bezit. Dat is volgens de onderzoekers een teken dat komeet 67P een vrij rustige ontstaansgeschiedenis kende. Als zijn geboorte gepaard was gegaan met hevige botsingen, zou het kruimelige materiaal waaruit hij bestaat veel compacter zijn geworden.

Uit eerder onderzoek, waarvan de resultaten in september vorig jaar in Nature zijn verschenen, was al gebleken dat het lijf en de kop van de komeet vrijwel zeker apart van elkaar zijn ontstaan. Ze moeten (lang geleden) met geringe snelheid tegen elkaar zijn gebotst.

Mini-komeetjes

Er zijn aanwijzingen dat er meer van die ‘zachte’ botsingen zijn geweest. Zo vertoont de kop van 67P een drietal flinke bulten, waarvan het vermoeden bestaat dat dit de overblijfselen van andere mini-komeetjes zijn.

Op close-up-foto’s van de komeet is te zien dat hij is opgebouwd uit ontelbare klonten van enkele meters groot. Ook is gemeten dat de komeet tot op grote diepte veel vluchtige gassen bevat. En dat impliceert dat hij onder extreem koude omstandigheden – ver van de zon dus – is ontstaan.

Op basis van deze bevindingen komen de onderzoekers tot de conclusie dat komeet 67P bestaat uit materiaal dat is overgebleven na de vorming van dwergplaneet Pluto en de andere grote ijsachtige hemellichamen voorbij de omloopbaan van de planeet Neptunus. Daarbij zouden bescheiden hoeveelheden korrelig ijsmateriaal zijn achtergebleven. Door samenklontering ontstond de komeet.

Het poreuze karakter van ‘67P’ wijst erop dat dit proces misschien wel 400 miljoen jaar heeft geduurd. Alleen zo’n trage groei kan verklaren waarom de komeet én poreus is én veel vluchtig materiaal bevat. Als het groeiproces veel sneller was verlopen, zou zijn inwendige zodanig zijn opgewarmd dat de vluchtige stoffen ontsnapt zouden zijn.

De beantwoording van de vraag hoe komeet 67P is ontstaan was een van de hoofddoelen van de Rosetta-missie. Wetenschappers waren er nieuwsgierig naar of kometen stille getuigen zijn van het vormingsproces van ons zonnestelsel (4,6 miljard jaar geleden) of dat het gaat om brokstukken van latere botsingen tussen de grotere hemellichamen in de verre buitenwijken van het zonnestelsel. Dat laatste scenario is vrijwel zeker niet van toepassing, althans niet op déze komeet – verreweg de best bestudeerde tot nu toe.

De resultaten van het nieuwe onderzoek zijn gepubliceerd in het augustus-nummer van het astronomische vaktijdschrift Astronomy & Astrophysics. Het zal niet de laatste publicatie op basis van Rosetta-gegevens zijn, maar de missie nadert wel haar einde. Op 30 september aanstaande zal de ruimtesonde een relatief zachte, maar wel fatale buiklanding maken op het oppervlak van komeet 67P. Daarbij zal ze tot haar laatste snik – en van steeds dichterbij – metingen blijven doen.