Rundumhauser

Observatie (5)

Boekenredacteur Sebastiaan Kort spot tijdens de vakantie verschillende typen lezers.

Het was eind jaren tachtig, begin jaren negentig een geliefd vakantieoord voor wie geen geld hád om op vakantie te gaan: Rundumhausen. Oftewel, we blijven in onze vrije weken een beetje rond het huis scharrelen, maar zo’n saaie boodschap gaan we u niet recht in het gezicht opbiechten. Ogenschijnlijk saai dan, want de Rundumhauser, oftewel de thuisblijver, is misschien wel de meest vrije vogel van alle in deze rubriek behandelde zomerlezers.

Allereerst is er de gewichtskwestie: waar de reiziger, en dan met name de wandelende of fietsende reiziger, moet beknibbelen op elk grammetje papier om de vaart erin te kunnen houden, daar kan de Rundumhauser zich zonder bezwaar laven aan een in leder gebonden incunabel. Belangrijker echter, is het complete ontbreken van een fantasie-corrigerende werkelijkheid. Het zwierige Parijs van Hemingway; het raadselachtige Venetië van Thomas Mann: ze blijven zwierig en raadselachtig omdat ze simpelweg niet worden bezocht. De hier beschreven lezer leest, gezeten in eigen tuin, en dommelt af en toe in, maar is hoe dan ook in Rundumhausen, dat zich met recht de hoofdstad mag noemen van het Rijk der Verbeelding.

Verschuilt zich achter de schutbladen van: Marcel Proust, Thomas Mann, Gabriel García Márquez.