Never Enver

©

Wat geef je een dictator voor zijn verjaardag? In het antieke stadje Berat, in centraal Albanië, kwamen ‘vrijwilligers’ in 1968 op het idee om zijn voornaam, Enver, met witte kalk op een droge berghelling te schrijven. Tien dagen lang zeulden ezels manden met witte kalk omhoog. De letters werden alle vijf honderd meter hoog en zestig meter breed. Het resultaat is een opmerkelijk landschapskunstwerk.

Voordeel van het cadeau: het kostte geen geld, alleen manuren. Omdat alleenheerser en paranoïde Enver Hoxha het land had getransformeerd tot een autarkische planeconomie was aan alles gebrek. Zonder hulp van andere communistische landen, was er bij de dood van Hoxha zelfs geen Afrikaans land te vinden dat armer was dan Albanië.

In 1994, drie jaar na de eerste vrije verkiezingen in Albanië, besloot de regering de berg schoon te krabben. Het leger bombardeerde de helling met napalm. Nog slechts vaag waren de contouren van de letters te zien. Drie jaar later verzonk het land in chaos: talloze piramidespelen waren geploft waar nagenoeg de hele bevolking zijn geld in had gestopt. De socialisten wonnen de verkiezingen en enkele nostalgische communisten vroegen een boer uit Berat om Enver weer op de berg te schrijven. Tegen betaling. Dat deed hij. Het kostte hem twee weken.

Zelf bezocht ik Berat deze week om enkele weergaloze altaarstukken te bekijken die de orthodoxe priester Onufri in de zestiende eeuw schilderde. Wonderlijk genoeg hebben ze de atheïstische beeldenstorm overleefd die onderdeel was van Hoxha’s ‘culturele revolutie’. De dictator liet alle moskeeën en kerken sluiten. Duizenden liet hij er slopen. Maar niet de prachtige byzantijnse kerkjes van Berat.

Juist daarom is het wrang dat in de jaren negentig het kunstwerk in zijn naam – en van zijn naam – kapot moest. Het roept de vraag op die ook speelt bij de bestrijding van terrorisme: hoeveel wil je op je vijand lijken? Als strijders van IS vijanden onthoofden, legitimeert dat het martelen van Afghaanse en Irakese gevangenen op geheime locaties? Moeten alle monumenten kapot die Hoxha eren omdat hij zijn eigen bevolking terroriseerde en zelf alle beelden vernielde die niet zijn glorie of die van partizanen of het communisme zongen?

Misschien wel. Hoxha was een exceptioneel weerzinwekkend heerser en het is wellicht wreed om overlevenden van concentratiekampen uit de buurt van Berat dagelijks te confronteren met zijn naam, hoog tegen de hemel geschreven.

Daarom is het goed nieuws dat de geschiedenis van deze ‘land art’ nog niet compleet was met de hersteloperatie. Want toen ik in Berat het fort boven het stadje had beklommen, wees een reisgenoot me erop dat er helemaal geen ENVER staat, maar NEVER.

Twitter avatar impro_celo IMPRO CEĻOJUMI Kalnu Albānijā, ko kādreiz rotāja tās dikTatora Hodžas vārds ENVER, tagad rotā vārds NEVER http://t.co/36dlL8959F

Wat bleek? Dezelfde boer als die van de restauratie in 1997 heeft in 2011, op instigatie van een documentairemaker, de eerste twee letters omgedraaid. Sindsdien memoreert het kunstwerk het eigen, nationale verleden én neemt er afstand van. Bovendien is het nu, met zijn Engelse woord, een product van de eigen tijd, waarin metersgrote billboards van multinationals hoog tegen berghellingen staan opgesteld. Met zijn interventie heeft de boer er een artistiek commentaar op gegeven, dat misschien zelfs fijnzinnig mag heten.

Pieter van Os reist met zijn gezin door Oost-Europa.