Hasj-hersenen: kleuren zien en soms stemmen horen

Effecten cannabis

Stevige cannabisgebruikers hebben vaker schizofrenie dan matige of niet-cannabisrokers, maar wat is oorzaak en wat gevolg? Cannabis is in elk geval minder schadelijk dan alcohol.

©

Wie veel cannabis rookt, vrijwel iedere dag, maandenlang, heeft hersens die er wat anders uitzien dan de breinen van niet-, of sporadische cannabisgebruikers. Het is het duidelijkst bij mensen die jong aan de wiet gingen. Hun hersenen waren nog in de groei.

Die subtiele hersenveranderingen zijn zichtbaar op hersenscans. Maar wat betekenen ze? Ontstaan ze echt door cannabisgebruik? Of gaan mensen met al wat afwijkende hersenen cannabis gebruiken? Is het oorzaak of gevolg? Dat staat niet vast.

Wel is zeker dat regelmatige cannabisrokers relatief vaker schizofrenie (een hersenziekte) krijgen dan matige of niet-cannabisrokers. Ook hier is de vraag of het oorzaak of gevolg is. Hoewel de (populaire) pers en politici die cannabis willen verbieden domweg beweren dat cannabis schizofreen maakt.

Schizofrenie is een ziekte die vaak bij jong-volwassenen aan het licht komt. De onrust, het stemmen horen, begint vaak een paar jaar voor de eerste psychose er is en de diagnose wordt gesteld. Het is niet uitgesloten dat mensen die de onrust van schizofrenie voelen aan de cannabis gaan om rustig te worden en te vluchten uit de bedreigende alledaagse werkelijkheid.

Commentaren en reviews in de medisch-wetenschappelijke tijdschriften houden de onzekerheid over de rol van cannabis bij schizofrenie in stand. Er is „dringende behoefte om vast te stellen of deze hersenafwijkingen de oorzaak of het gevolg van cannabisgebruik zijn”, schreef Francesca Filbey op 6 juli in een commentaar in het Journal of the American Medical Association (JAMA). Filbey is verslavings- en cannabisonderzoeker aan Texas University in Dallas.

In Nederland wordt de tevreden wietroker geen strobreed in de weg gelegd. Alleen de bevoorrading van de winkels is illegaal, wat een steeds groter maatschappelijk probleem wordt. Ongeveer 850.000 van de 15- tot 65-jarigen Nederlanders rookten in het afgelopen jaar wiet of hasj. Dat is 7,7 procent van de bevolking in die leeftijdsgroep. En 490.000 (4,5 procent) mensen gebruikten de afgelopen maand nog. Een kwart van alle Nederlanders heeft ooit een stickie gerookt. Het zijn cijfers uit de Drugsmonitor 2015 van het Trimbosinstituut.

Een zevental verslavingsonderzoekers, waaronder Janna Cousijn van de Universiteit van Amsterdam, deed onlangs een oproep om beter onderzoek te doen naar de verschillen tussen cannabisgebruikers. „Vooral hersenveranderingen die duiden op verslaving – veel meer dan de veranderingen door gebruik alleen – voorspellen waarschijnlijk of het slecht afloopt met een cannabisgebruiker”, schreven ze in een opinie-artikel in het wetenschappelijke tijdschrift Frontiers in Behavioral Neuroscience (10 mei 2016).

Niet iedere cannabisroker wil steeds een nieuwe portie, ook al roken ze best veel. Vooral cannabisrokers met problemen in het dagelijks leven hebben last van hunkering (craving). „Het is belangrijk om de hersenaanpassingen bij mensen met een cannabisgebruiksstoornis te onderscheiden van die bij recreatieve, niet-problematische gebruikers”, schreven de onderzoekers.

Hun bezwaar is dat in veel oud onderzoek alle cannabisgebruikers op een hoop geveegd zijn en vergeleken met mensen die hun geest niet met cannabis verruimden. Of die slechts incidenteel hasj of marihuana rookten. In afwachting van de resultaten van jaren durend onderzoek naar hersenziekten en cannabis zouden die gegevensbestanden opnieuw kunnen worden bekeken en samengevoegd om krachtiger resultaten te bereiken. Cousijn en collega’s riepen ook op tot samenwerking.

Autorijden is gevaarlijk

Die grote onderzoeken waar iedereen op wacht gebeuren bij flinke groepen kinderen die, pakweg, van hun geboorte tot hun 25ste levensjaar regelmatig worden onderzocht. Pas dan zal blijken of de latere cannabis-probleemgebruikers vooraf al speciale kenmerken hebben.

Als we het weten „kunnen we mensen die gevoelig zijn voor cannabismisbruik opsporen en vroeg ingrijpen”, schreef Filbey.

Maar goed, die kennis ontbreekt. Wat we weten is dat jongeren met een genetische aanleg voor schizofrenie vaker blowen, als ze de ziekte (nog) niet hebben. Wat onderzoekers ook denken is dat veelblowende jongeren met zo’n aanleg hun eerste psychose eerder krijgen.

Schizofrenie is een langetermijneffect. Bij gebruik is cannabis geestverruimend, geeft rust en ontspanning – kleuren en muziek worden mooier – en maakt aardiger en lacherig. Daartegenover staat dat cannabis ook angstaanvallen en misselijkheid kan veroorzaken. En de cannabisgebruiker heeft vaak een wat vreemd beeld van de werkelijkheid. Autorijden is gevaarlijk.

Van de 850.000 cannabis-gebruikers zijn er ongeveer 29.300 verslaafd aan cannabis en nog eens ruim 40.000 mensen roken zoveel dat ze er last van hebben in hun dagelijks leven. Samen zijn 70.000 mensen in de problemen door cannabis. Dat zijn cijfers uit de NEMESIS-studie, die psychiatrische ziekten onder de Nederlandse bevolking inventariseert. Eén op de twaalf van die tevreden rokers is dus een probleemroker.

Is dat veel? Is dat weinig? NEMESIS telt 170.000 Nederlanders die problemen hebben met drugsgebruik of eraan verslaafd zijn (verslaafd is een lastig definieerbaar begrip). Cannabis is de meestgebruikte drug en dat is te zien in de verslavingscijfers. Het alcoholprobleem is groter. De Jellinek-verslavingskliniek schat dat er ruim een miljoen probleemdrinkers in Nederland leven. Jaarlijks komen er ongeveer vier maal zoveel probleemdrinkers bij dan -blowers bij: 81.300 tegen 21.400.

Alcoholische drank, met zijn beursgenoteerde fabrikanten en legale lobby-organisatie voor ‘verantwoord gebruik’, is in ieder geval vele malen schadelijker dan vrij verkrijgbare cannabis.