Kernenergie

EDF zet omstreden bouw Britse centrales door

De raad van bestuur van de Franse elektriciteitsgigant EDF heeft donderdagavond ingestemd met de bouw van twee nieuwe kernreactoren in het Verenigd Koninkrijk.

De nieuwe centrale in Hinkley Point aan de Britse westkust gaat 18 miljard pond kosten, ongeveer 21 miljard euro. Het grootste deel wordt opgebracht door EDF zelf. Een Chinese investeerder neemt een derde voor zijn rekening. Het gaat om EPR-reactoren, techniek van de zogeheten derde generatie. De centrale in Hinkley Point moet gaan voorzien in 7 procent van de Britse elektriciteit.

De aanleg van de kerncentrale is zowel in Frankrijk als in het Verenigd Koninkrijk zeer omstreden. Enkele uren voor het besluit viel, trad een van de 18 leden van de raad van bestuur af. In zijn ontslagbrief noemde Gérard Magnin de aanleg „financieel riskant” en „een stap in de verkeerde richting”. Hij zei te hebben gehoopt dat EDF – voor 85 procent staatseigendom – zich meer zou gaan richten op groene energie. Afgelopen maart stapte ook de financiële topman van EDF al op omdat hij Hinkley Point een te groot en te langdurig risico vond voor het bedrijf.

In april van dit jaar lekte een interne brief uit van een aantal ingenieurs van EDF die het ontwerp van de nieuwe EPR-reactor „veel te complex” noemden. Zij wezen erop dat de nieuwe reactor nog nergens feitelijk in bedrijf is. Er zijn er drie in aanbouw, twee in Finland en in het Franse Flamanville. Ook de ingenieurs waarschuwden voor het financiële risico dat EDF met de onderneming zou lopen.

De financiën van het Franse elektriciteitsbedrijf zijn allerminst robuust. Door tegenvallers bij de bouw van de Franse en Finse EPR-centrales kampt EDF met een dalende winst en een schuld van zo’n 40 miljard, terwijl er tot 2025 zeker 50 miljard euro nodig is voor het onderhoud van de reeds bestaande 58 Franse kernreactoren. Het bedrijf probeert door de uitgave van extra aandelen 4 miljard euro op te halen.

Ook in het VK bestaat grote kritiek op het project vanwege de kosten. De Britse overheid betaalt 11 eurocent per kilowattuur, bijna drie keer zoveel als de marktprijs, die op dit moment iets meer dan 3 cent bedraagt.