Corridor moet burgers belegerd Aleppo uitweg bieden

Syrië

Syrië en Rusland zetten een opvallende stap in de strijd om Aleppo. De rebellen van Al-Nusra breken onderwijl met hoofdfiliaal Al-Qaeda.

De strijd in Syrië lijkt een nieuwe fase in te gaan. Niet voor het eerst tijdens het vijf jaar durende conflict zijn Syrië en bondgenoot Rusland het Westen een stap voor. Zonder de Verenigde Naties op de hoogte te stellen, kondigde Sergej Sjoigoe, de Russische minister van Defensie, aan een humanitaire corridor te openen voor burgers in het rebellengebied in Aleppo.

Drie weken geleden veroverde het Syrische leger de enige toegangsweg naar het oostelijke deel van de stad, waarna het rebellen niet meer lukte om goederen naar binnen te smokkelen. Om de naar schatting 250.000 burgers te ontzien, zijn Rusland en Syrië van plan drie openingen te bieden zodat burgers niet langer „gegijzeld worden door terroristen”. Waar de honderdduizenden burgers naartoe moeten, is onduidelijk. De Turkse grens is al maandenlang dicht.

Een vierde doorgang is bedoeld voor rebellen die hun wapens inleveren en zich overgeven. Aan hen heeft president Assad amnestie beloofd.

In een andere ontwikkeling heeft de jihadistische rebellengroep Jabhat al-Nusra, een van de felste tegenstanders van Assad, laten weten te breken met moederorganisatie Al-Qaeda. De leider van Al-Qaeda, Ayman al-Zawahiri, liet donderdag via een audioboodschap weten dat de Syrische jihadisten „zonder enige aarzeling” de verbintenis mogen verbreken. Al-Nusra kondigde aan haar naam te wijzigen in Jabhat Fatah al-Sham.

Het is een belangrijke stap in haar strategie. Er gingen al geruchten dat leiders van Al-Nusra niet langer onderdeel wilden zijn van de terreurbeweging. De globale jihad van Al-Qaeda was een last. Al-Nusra wil zich profileren als Syrische groepering die strijdt tegen Assad en daarom ook zou moeten deelnemen aan vredesoverleg, dat in augustus moet plaatsvinden. Een deel van de Syrische oppositie is daar voorstander van.

Tot nu toe beschouwden de Amerikanen de jihadisten weliswaar als een terreurgroep, maar gingen ze niet over tot bombardementen. Belangrijkste reden was dat Al-Nusra door zijn militaire successen tegen Assad een gewilde bondgenoot is van vele rebellengroepen, inclusief diegene die gesteund worden door de VS.

De opmars van Al-Nusra baart de VS zorgen. Bij overleg tussen de Amerikaanse minister Kerry en de Russische president Poetin, anderhalve week geleden, werd afgesproken dat de VS en Rusland een gezamenlijk front tegen Al-Nusra zouden vormen. Het is de vraag of dit er nu nog komt.