Tientallen doden door aanslagen IS in Noordoost-Syrië

De explosie was zo krachtig dat een nabijgelegen Turks grensdorp ook werd getroffen.

Aanslag van Islamitische Staat in Qamishli. Foto Delil Souleiman/ AFP

In de Syrisch-Koerdische stad Qamishli zijn op woensdag bij twee bomaanslagen zeker 48 doden gevallen en 170 gewonden. Dat meldt persbureau Reuters op basis van de Syrische staatstelevisie en het Syrisch Observatorium voor de Mensenrechten.

Terreurgroep Islamitische Staat (IS) heeft de verantwoordelijkheid opgeëist.

Explosie richt ook schade aan in Turkije

Een autobom ontplofte bij het kantoor van de veiligheidsdienst van de PYD, de belangrijkste Koerdische partij. Vele gebouwen raakten verwoest. Een andere bom was bevestigd op een motor.

De explosie was zo krachtig dat de nabijgelegen Turkse grensdorp Nusaybin ook werd getroffen. Twee mensen raakten daar lichtgewond.

Grote delen van het noordoosten van Syrië zijn in handen van de Koerden. In maart riepen zij dit gebied, ook wel Rojava genoemd, uit tot federale regio.

In een boodschap heeft Masoud Barzani, de president van Iraaks-Koerdistan, de aanslag veroordeeld, zo meldt het Koerdische mediakanaal Rudaw.

“Ik ben enorm bedroefd vanwege de terroristische aanval gericht op onze broeders en zusters in Qamishli in West-Koerdistan” [benaming voor Syrisch-Koerdistan].

IS pleegt vaker aanslagen in Koerdisch gebied

In de afgelopen maanden heeft de terreurgroep vaker aanslagen gepleegd in het Koerdische gebied van Syrië. Begin deze maand blies een zelfmoordenaar zich op in Hasaka waarbij 16 mensen omkwamen. Vorige week bliezen een aantal militanten, vermoedelijk van IS, een Assyrische kerk in Qamishli op.

Ondanks dit geweld is Qamishli een relatief veilige stad in Syrië. Veel Koerden uit omliggenden dorpen zijn het oorlogsgeweld ontvlucht en hebben zich gevestigd in deze grensstad. De Koerdische strijdgroep YPG, gelieerd aan de PYD, geldt als de belangrijkste bestrijder van IS. Met hulp van westerse luchtsteun hebben ze grote delen van het noordoosten van Syrië veroverd.

280.000 slachtoffers door oorlog in Syrië

De oorlog in Syrië die al meer dan vijf jaar duurt heeft volgens schattingen van het Syrisch Observatorium voor de Mensenrechten aan ongeveer 280.000 mensen het leven gekost. Meer dan 4,8 miljoen Syriërs zijn het land ontvlucht, de meerderheid naar buurlanden Turkije, Libanon en Jordanië. Nog eens 6,4 miljoen Syriërs zijn vluchtelingen in eigen land.

Staffan de Mistura, de speciale VN-vertegenwoordiger voor Syrië, probeert het al maanden vastgelopen vredesoverleg tussen de strijdende partijen ter hervatten. Op dinsdag na een overleg met de Verenigde Staten en Rusland liet De Mistura weten dat de derde ronde van de onderhandelingen in augustus moet plaatsvinden.

Belegering Aleppo

In de tussentijd probeert het Syrische leger de noordelijke stad Aleppo in te nemen. Het leger van president Assad heeft de stad geheel omsingeld en eist dat alle gewapende groepen in het oostelijke gedeelte van de stad hun wapens in leveren en de stad verlaten of daar blijven.

Er leven ongeveer 250.000 mensen in het rebellengebied in Aleppo. Hulporganisaties vrezen dat zij verstoken blijven van voedsel, drinkwater en medicijnen.