Rutte, je dealt met de verkeerde. Zwicht niet voor dictator Erdogan

Opinie Nu de Turkse president zoveel fundamentele waarden met voeten treedt, moeten we de relatie met Turkije fundamenteel herzien, betoogt Alexander Pechthold.

Illustratie Ruben L. Oppenheimer

Onrust. Boosheid. Vertwijfeling. Het is slechts een greep uit de gevoelens die ik dezer dagen ervaar bij de situatie in Turkije en in Nederland. En die ik voelde toen ik maandag het verhaal van de Turks-Nederlandse Saniye Calkin in NRC las. „Wat me het meest pijn doet is dat het Turkse moslims zijn die andere Turkse moslims het licht in de ogen niet meer gunnen”, schreef ze. En dat nota bene in Nederland. Ik heb me sinds de mislukte militaire coup al regelmatig uitgesproken. Nu is het tijd voor een steviger geluid.

Vooropgesteld, de coup vond en vind ik kwalijk. Militair machtsvertoon mag nooit de democratie ondermijnen. Ook niet als die democratie een ondemocratisch leider aan de macht brengt. Maar ik ben getroffen door het schrikbarend hoge aantal mensen dat sindsdien wordt ontslagen of opgepakt. Nog meer dan de getallen werd ik stil van twee bijna identieke beelden. Twee foto’s van honderden Turkse mannen. Opeengepakt. Bijna naakt. De handen geboeid op de rug. Op de ene foto zitten ze gehurkt in een stal, op de andere liggen ze zij aan zij in een gymzaal. Beelden die we kennen uit de donkerste periodes in onze geschiedenis. Beelden waar ik van wakker lig.

Lees hier het verhaal van Saniye Calkin: Houdt u van Gülen?

En ik lig niet zo snel wakker. Tien jaar landelijke politiek hebben me geleerd niet hele nachten machteloos te malen, maar de dag te gebruiken om je macht en invloed aan te wenden om de zorgen van mensen weg te nemen. Twijfels te overwinnen, grenzen te stellen. De situatie in Turkije toont de noodzaak daartoe. Zowel in Nederland als in Europa.

Ik begin met Europa. Dat Erdogan Europa naar zijn hand wil zetten, was te verwachten. Des te onbegrijpelijker dat Europa zich aan hem uitleverde in de vluchtelingendeal. Terecht dat Europa Turkije financieel ondersteunt bij opvang van vluchtelingen in de regio. Ook in ons belang. Daar hadden Rutte cum suis het echter bij moeten laten. Beloftes over visumvrij reizen en versnelde onderhandelingen over toetreding bevuilen de deal. Dat Erdogan zelfs de doodstraf wil herinvoeren – zogenaamd omdat ,,het volk het wil” – laat zien dat dit Turkije niks te zoeken heeft in de EU.

Is er een alternatief? Jazeker! Nu Erdogan zoveel fundamentele waarden met voeten treedt, moeten we de relatie fundamenteel herzien. Laat Europa eensgezind een grens trekken en zeggen: met deze Erdogan willen we zo min mogelijk zakendoen. Stop de versnelde toetredingsgesprekken. Stop de onderhandelingen over visumvrij reizen. Stop met de miljarden aan toetredingsgeld. ,,Spectaculair succesvol”, noemt de VVD de door EU-voorzitter Rutte gesloten deal, omdat de vluchtelingenstroom is afgenomen. Een pyrrusoverwinning. Het is wachten op het moment dat Erdogan de grenzen weer openzet. Voor mij zou het pas spectaculair succesvol zijn als wij als Nederland in Europa durven te zeggen: wij zwichten niet voor een dictator en vangen desnoods zelf weer meer vluchtelingen op.

Niet de eerste keer, overigens, dat Rutte tegen de verkeerde leiders aan schuurt. Vorig jaar stuurde hij de Koning naar Saoedi-Arabië, een land dat mensenrechten met voeten treedt. En tegen de wereldwijde trend leidde hij een zware politieke delegatie naar de Olympische Winterspelen in Sotsji. Om maar te zwijgen over het biertje dat hij Willem-Alexander daar liet drinken met Poetin. Dit alles zogenaamd in het Nederlands belang. Maar welk belang hebben wij precies bij chantage door onbetrouwbare regimes? Chantage met olie van sjeiks, Poetins gas of de vluchtelingen in Turkije.

Stuk voor stuk voorbeelden van een gebrekkig moreel politiek kompas. Terwijl de Turkse crisis ook in Nederland om moreel politiek leiderschap vraagt. De spanningen hebben hun weerslag op mensen met een Turkse achtergrond in Nederland. Hun betrokkenheid is begrijpelijk, bedreigingen niet. In Deventer en Apeldoorn werd brand gesticht. Elders sneuvelden ruiten. Een treurige realiteit. Waar het kabinet bitter weinig tegenover zet. Sociale Zaken spreekt ,,op ambtelijk niveau” met gemeenten. Rutte laat zich helemaal niet zien of horen.

Ondertussen wil de Turkse ambassadeur de hulp van Nederland om de Gülenbeweging aan te pakken. Die hulp kan hij wat mij betreft op z’n buik schrijven. Niet omdat Nederland Gülen steunt – op zijn beweging valt ook genoeg aan te merken – maar omdat wij polarisatie moeten voorkomen. Hard optreden dus tegen bedreigers. En scherp zijn op Turkse Nederlanders die hier vlaggend en toeterend Erdogan verdedigen. Wij juichen een veelkleurige identiteit toe, maar het is onmogelijk als Nederlander hier de vrijheden van onze democratische rechtsstaat te genieten en tegelijk de onvrije dictatuur daar te vereren. Verloochen je afkomst niet, maar verloochen ook je nieuwe thuisland niet.

Lijdzaam toezien is geen optie. Dat zou een gemiste kans zijn. Turkije is een NAVO-bondgenoot, een buurland waar we nauw mee verbonden zijn, ook door de 400.000 Turkse Nederlanders die hier wonen. Het land bewoog een aantal jaren de goede kant op. Anders waren de gesprekken over toetreding nooit gestart. Nu meer druk zetten, betekent dat we Turkije alsnog de goede kant op duwen. Nu grenzen stellen voorkomt dat wij onze waarden weggeven vanwege kortetermijnbelang. Voor Erdogan moet de opvang van vluchtelingen in ruil voor financiële steun voldoende zijn. Zo niet, dan was het hem inderdaad alleen maar te doen om meer grip op Europa en blijkt definitief dat naburige vluchtelingen hem niets interesseren.

Alexander Pechtold, D66-fractievoorzitter.