Informele, stijlvolle zomerhotspot

Klassieke muziek

De tweede editie van festival Wonderfeel was heet, sfeervol en succesvol. Vijfduizend bezoekers stroomden toe naar 100 concerten in de natuur.

Festival Wonderfeel: zomerse klassieke muziek temidden van de weelderige natuur van landgoed Schaep en Burgh. Foto Foppe Schut ©

Een klassiek Lowlands – kun je openluchtfestival Wonderfeel zo omschrijven? Lowlands is met 55.000 bezoekers tien keer zo groot, en ook intiemere popfestivals als Into The Great Wide Open, zijn nog altijd driemaal groter dan Wonderfeel. Dat trok dit weekend met een kleine 100 korte buitenconcerten door 400 vooral jonge musici vijfduizend vooral oudere bezoekers.

Die kleinschaligheid is de eerste charme van Wonderfeel, het zomerse buitenfestival waarop klassieke muziekliefhebbers lang hebben moeten wachten. Vorig jaar was de vuurdoop: drie dagen vol concerten op landgoed Schaep en Burgh. Het weer zat toen tegen en daarmee ook het aantal bezoekers. Maar dit jaar was het alleen vrijdag kort nat, gevolgd door een stomend warm weekend.

Schaep en Burgh is het hoofdkwartier van Natuurmonumenten. Het terrein met zijn vele vaartjes, bruggetjes, open plekken, beschutte bossages en zelfs herten (bij countertenor Oscar Verhaar), een ooievaar (Maarten Ornstein en ensemble) en libellen (pianist Abdel Rahman El Bacha) is Wonderfeels tweede troef. Wandelen tussen de concertlocaties is een attractie voor rustzoekers.

Zelfs de uitverkochte zaterdag voelde rustig aan. Alleen het centrale veld was tijdens belangrijke concerten druk met in het gras neergestreken luisteraars, sporadisch gestoord door het geknisper van een bioburger of het getinkel van een flesje IPA. Bij de meeste concerten stoorde dat niet. Pas bij de echte verfijning van een aan Fauré en Brahms gewijd programma door Cappella Amsterdam onder Daniel Reuss deed het gehamer van een espressopiston opeens hinderlijk aards aan.

Ook inhoudelijk was deze tweede editie met duidelijk geprofileerde programma’s op de verschillende podia sterk. Wie alle potentiële hoogtepuntjes wilde horen moest er vrijdag vroeg bij zijn (de 15-jarige pianist Aidan Mikdad) en zondag tot laat blijven, bij voorbeeld voor de even oude violiste Noa Wildschut. Jong talent was rijk vertegenwoordigd, ook in innemende optredens van violist Pieter van Loenen en pianist Tobias Borstboom (elegante Brahms), het goed op elkaar in gespeelde, in individuele spelkwaliteit iets wisselende Aristo Strijkkwartet (stilistisch geïnformeerde Mozart) of bij pianist Ramon van Engelenhoven (19) met onder andere zijn intelligente uitvoering van Poulencs Novelletes.

Verbeterpunt? De generatiekloof tussen het oudere publiek en de jonge musici schuurt. Maar wat niet is, kan ontstaan. Wonderfeel is zélf jong en de ‘buzz’ van een informele, stijlvolle zomerhotspot kan zich snel verspreiden.