Gülenpanden Nederland doelwit van vernielingen

Tegenstanders Erdogan De Gülenbeweging zat, volgens Turkije, achter de coup. Ze is hier al doelwit van geweld.

Unie van Betrokken Ouders in Apeldoorn, getroffen door brandstichting. Foto Geronimo Matulessy/ANP

Nederlandse panden van de Turkse Gülenbeweging zijn in anderhalve week twaalf keer doelwit geweest van vernielingen. Het gaat van pogingen tot brandstichting tot vernielingen van ramen, vermoedelijk door Turks-Nederlandse aanhangers van president Erdogan. Dat blijkt uit een inventarisatie van organisaties gelieerd aan islamitisch prediker Fethullah Gülen.

Turkije houdt diens beweging verantwoordelijk voor de mislukte coup. Gülenisten worden er massaal opgepakt of ontslagen. In Nederland zijn educatieve en culturele stichtingen van de beweging mikpunt van bedreigingen en geweld.

Zondagnacht is brand gesticht bij de Unie van Betrokken Ouders in Apeldoorn. Op bewakingsbeelden zijn twee mannen met een jerrycan Iedere dag opnieuw is een pand van de Turkse Gülenbeweging in Nederland doelwit van een vernielingte zien die de deur van het pand ondergooien met vloeistof en aansteken. De politie heeft niemand kunnen aanhouden. De nacht ervoor is bij huiswerkinstituut Prisma in Eindhoven een raam vernield. Vrijdagnacht woedde kort brand bij Stichting Gouden Generatie in Deventer, waar al eerder vernielingen waren aangericht. „Er is iedere dag weer een nieuw incident”, zegt Selma Ablak van Platform Zijn, dat samen met andere organisaties de incidenten heeft geïnventariseerd.

In Rotterdam zijn de meeste vernielingen aangericht, waar op twee locaties van stichting Nida vijf incidenten hebben plaatsgevonden. In Utrecht zijn de ramen ingegooid van twee huiswerkstichtingen, Cemin en Secu, net als bij de culturele stichting Animo in Zaandam. De politie roept slachtoffers van vernieling of bedreiging op aangifte te doen. „De situatie in Turkije en de effecten daarvan op de Nederlandse samenleving hebben onze aandacht”, laat een politiewoordvoerder weten.

Marcouch: behandel dit als terrorisme

Tweede Kamerlid Ahmed Marcouch (PvdA) wil dat de politie de zaken behandelt als „terrorisme”.

„Panden worden in de fik gestoken vanuit een politiek motief. Daar is een woord voor: terreur.”

Marcouch vindt dat de Turkse religieuze organisaties Diyanet, Milli Görus en Süleymanci het geweld scherper moeten veroordelen. De organisaties roepen in verklaringen hun achterban op zich aan de wet te houden. „Maar ze veroordelen niet de haatzaaierij die gaande is tegen Gülen-aanhangers”, zegt Marcouch.

Turkse ambassadeur: pak Gülenbeweging harder aan

De Turkse ambassadeur in Nederland, Sadik Arslan, roept in een interview met NRC de Nederlandse regering juist op om de Gülenbeweging harder aan te pakken. „Ze moet niet toestaan dat de onderwijsinstellingen van Gülen worden gefinancierd met geld van Nederlandse belastingbetalers. De meeste scholen die ze leiden, zijn eigendom van de regering”, aldus Arslan. Ook zou de regering de financiële situatie van de beweging moeten controleren, meent de ambassadeur.

Het geweld tegen organisaties van Gülen vindt Arslan een zaak voor de Nederlandse autoriteiten. „Wij hebben iedere Turk in Nederland altijd opgeroepen om vreedzaam te reageren en zijn democratische rechten te gebruiken. Het is aan de Nederlandse regering en de autoriteiten om dit soort gewelddaden te voorkomen.”