Tegen de coup én tegen Erdogan

Turkse oppositie De oppositiepartijen gingen dit weekend de straat op. Ze zijn blij dat de staatsgreep is verijdeld. Maar ze zijn tegen de noodtoestand. Vooral Koerden vrezen dat die wordt misbruikt om hen te onderdrukken.

Op het Taksimplein in Istanbul organiseerde de grootste Turkse oppositiepartij CHP een demonstratie tegen de staatsgreep en voor de democratie. Osman Orsal/Reuters

Ruim een week na de verijdelde coup in Turkije laat de politieke oppositie zich zien en horen. Op het Taksimplein, avond na avond gevuld met aanhangers van president Erdogan, betoogt zondag de grootste oppositiepartij: de republikeinse CHP. Ook zij lopen met grote Turkse vlaggen, aangevuld met afbeeldingen van de grondlegger van de republiek, Atatürk. De beveiliging is flink opgeschroefd.

De slogan is: ‘Wij beschermen de seculiere republiek en de democratie. Nee tegen de coup.’ Een veilige keuze, want daar kan niemand in de Turkse politiek nu tegen zijn. Het stadsbestuur (AKP) heeft de CHP-demonstratie officieel verwelkomd en gratis openbaar vervoer en beveiliging geregeld voor de deelnemers.

De CHP heeft AKP-ers zelfs uitgenodigd met ze mee te lopen, wat enkelen ook doen. Beide partijen hebben opgeroepen geen partijvlaggen te dragen. Het is een ongekende vrijage in de zwaar gepolariseerde Turkse politieke verhoudingen. Vuistgevechten in het parlement zijn niet ongebruikelijk. Nu benadrukken sprekers op het podium op het Taksimplein al de hele week het belang van de eenheid van de bevolking en het land.

Weinig in te brengen

Na de couppoging was er in de politiek sprake van grote eensgezindheid: alle partijen waren opgelucht dat de militaire machtsgreep was mislukt. Maar de tienduizenden arrestaties en ontslagen van militairen, politieagenten, journalisten en ambtenaren leggen de oude breuklijnen in de Turkse samenleving weer bloot. De oppositie vreest dat Erdogan de couppoging aangrijpt om meer macht naar zich toe te trekken en achter al zijn tegenstanders aan te gaan. In het parlement heeft zijn AKP al sinds 2002 een absolute meerderheid, waardoor de oppositie weinig in te brengen heeft.

De betogingen op straat waren tot nu toe vooral een AKP-feestje. Tegenstanders van Erdogan waren bang om naar buiten te gaan. Inmiddels beginnen de andere partijen hun plaats op te eisen en te morren dat het pro-democratiefeest geen pro-AKP feest moet worden.

Perifere locatie

Ver weg van het centrale Taksimplein organiseert op zaterdagmiddag ook oppositiepartij HDP een ‘nee tegen de coup, ja voor democratie’-rally. De HDP is voortgekomen uit de Koerdische politieke beweging en is sinds 7 juni 2015 als partij vertegenwoordigd in het Turkse parlement. Sindsdien is ook het geweld tussen de Koerdische PKK en de Turkse strijdkrachten opgelaaid.

De parlementariërs staan zwaar onder druk en worden mogelijk vervolgd voor het steunen van terreur. Andere partijen werken niet met ze samen. Na de staatsgreep belde Erdogan de leiders van de CHP en de ultranationalistische MHP om ze te bedanken voor hun steun. De HDP belde hij niet, hoewel ook die partij de coup vanaf het begin veroordeelde en een anti-coupverklaring in het parlement ondersteunde. Deze maandag zou er in het presidentieel paleis ook een bijeenkomst zijn waarvoor de CHP en de MHP wel zijn uitgenodigd maar de HDP wederom niet.

De perifere locatie van de HDP-bijeenkomst illustreert de verhoudingen. De partij heeft gekozen voor een stadspark in de arme wijk Sultangazi, waar vooral Koerden wonen. De opkomst is met naar schatting tussen de vijf- en tienduizend partijaanhangers laag. Een voor de hand liggende verklaring daarvoor is angst. HDP-bijeenkomsten zijn al vaker doelwit geweest van aanslagen door Islamitische Staat.

Geen Turkse vlaggen

Het komt ook doordat veel Koerden gemengde gevoelens hebben. Aanwezigen haten de regering vanwege de oorlog in het zuidoosten van Turkije, waar de meerderheid van de bevolking Koerdisch is. Het uitroepen van de noodtoestand roept nare herinneringen op aan de jaren negentig, toen die werd misbruikt om Koerden te onderdrukken. Ze vrezen dat dat nu weer gebeurt. De HDP heeft daarom in het parlement tegen de noodtoestand gestemd.

Hier geen Turkse vlaggen. Alleen de partijkleuren groen en paars. De leider om wie wordt geroepen is PKK-oprichter Abdullah Öcalan, niet Erdogan. Maar zelfs de harde kern van de partij die wel naar het stadspark durfde te komen, zegt blij te zijn dat de staatsgreep is verijdeld. „Dit is de derde coup die ik meemaak”, vertelt Resul Baysugur (61). „Het zou nog veel erger zijn als het was gelukt. Dan werden we nu weer gemarteld.”

Partijleider Selahattin Demirtas benadrukt op het podium dat een staatsgreep verhinderen nog niet wil zeggen dat er echte democratie is. „Daarvoor telt je gedrag na de coup.” De huidige grondwet is geschreven door het leger, na de coup van 1980. Daarin kreeg de Nationale Veiligheidsraad een belangrijke rol, die sinds het aan de macht komen van de AKP in 2002 al sterk is verminderd. Demirtas: „Je bent tegen coups? We staan naast je. Maar schaf eerst die instituties af.”

Geen one-man show

Ook de CHP vindt het een uniek moment om de Turkse democratie te verbeteren. Dat de CHP nu net als de AKP op Taksim demonstreert, vlakt de politieke verschillen allerminst uit, zegt de vice-voorzitter van de CHP-fractie Selin Sayek Boke in Ankara. De CHP heeft net als de HDP tegen het uitroepen van de noodtoestand gestemd. Alleen de ultranationalistische partij MHP stemde met de regering mee omdat ordehandhaving voor deze partij boven alles gaat.

Lees ook dit uitgebreide profiel van de Turkse president: Erdogan, de eeuwige straatvechter

„De noodsituatie is mede opgelost doordat het parlement bijeenkwam en de bevolking de straat op ging”, zegt Boke. „In plaats van een juridische discussie te beginnen, of een debat in het parlement, krijgen ministers nu de macht om per decreet te regeren en het parlement te omzeilen. Dit staat in contrast met hoe Turkije vrijdag heeft gereageerd op de coup”.”

Ze weerspreekt dat de coup de positie van Erdogan als president versterkt en het gemakkelijker maakt om een presidentieel systeem in te voeren, zoals hij en de door hem opgerichte AKP willen. „Na vele maanden functioneerde het parlement vrijdag tijdens de coup als een parlement, met zowel de regeringspartij als de oppositiepartijen. Die ervaring bewijst denk ik voor iedere partij dat Turkije een sterk parlementair systeem nodig heeft. Geen one-man show.”