Zes jaar bij verstek voor vier jihadisten

Vier jihadisten zijn veroordeeld. Bij verstek. Hun straf zullen ze vermoedelijk nooit uitzitten. De vier strijden in Syrië of Irak, waar ze misschien al zijn overleden.

Archiefbeeld van een rechtszaal in Den Haag. Foto Roel Visser / ANP

De Haagse rechter sprak vrijdag vier lege stoelen toe. De stoelen in de rechtszaal waren gereserveerd voor vier mannen tegen wie de rechter een vonnis van zes jaar cel uitsprak. Maar Driss D., Thijs B., Abdellah R., Noureddin B. zijn niet in Nederland en zullen hun straf vermoedelijk nooit uitzitten.

Ze zijn mogelijk overleden, of strijden in Syrië of Irak. In elk geval hebben zij zich aangesloten bij jihadistische strijdgroepen, zoals de Islamitische Staat (IS), die zich “op grote schaal” schuldig maken aan “gruwelijke misdaden”, zei de rechter. Aansluiting zo’n groep betekent dat diegene lid wordt van een terroristische organisatie. En daar past volgens het vonnis een straf van zes jaar cel bij.

Geen advocaat

Het is ongewoon dat verdwenen jihadisten voor de rechter worden gebracht. Tot nu toe zette het Openbaar Ministerie (OM) in op het vervolgen van jihadisten die op Nederlandse bodem de jihad financieren, jongeren ronselen, een uitreis plannen of terugkeren van het slagveld. Voor een netwerk van zeventien extremistische moslims uit Den Haag maakt justitie een uitzondering. Het netwerk bestond uit jihadisten die zowel in Nederland als in Syrië verbleven. Tien van hen werden in december vorig jaar veroordeeld. De zeven overgebleven mannen zaten in Syrië. Drie van hen worden, ondanks hun vermissing, vertegenwoordigd door een advocaat. Deze zaken lopen nog. De andere vier zijn nu veroordeeld tot zes jaar cel. Zij hadden geen advocaat. Dit vormt volgens de persrechter geen belemmering voor een eerlijk proces: wanneer een verdachte had kunnen weten dat hij is opgeroepen voor een zaak, maar niets laat horen, kan het proces gewoon doorgaan.

Samen met twee eerdere gevallen zijn nu zes in Syrië strijdende Nederlanders bij verstek veroordeeld. „Deze mannen zijn een uitzondering, omdat zij onderdeel uitmaakten van een groter onderzoek in Nederland”, zegt de Haagse officier van justitie Anne Katrien Banning in een toelichting.

„Over iedereen die naar Syrië vertrekt wordt een dossier opgebouwd. Uiteindelijk zullen deze mensen allemaal worden vervolgd wanneer zij terugkeren naar Nederland.”

Levend of niet

De lijfelijke afwezigheid van de verdachten leverde dilemma’s op in de zaak van Driss D. Deze jihadganger zou in januari vorig jaar om het leven zijn gekomen, kregen familieleden in Nederland te horen vanuit het strijdgebied. Maar volgens de rechtbank zijn deze vermoedens niet voldoende om ervan uit te gaan dat hij is overleden. Daarom is ook hij bij verstek veroordeeld. Eerder was een soortgelijk bericht over de dood van Syriëganger Soufiane Z. wél reden om de zaak op te schorten. Het verschil is dat hij wel een advocaat had die tot aan zijn vermoedelijke dood was gemachtigd, en Driss D. niet.

Levend of niet, de meeste jihadisten zullen niet gauw terugkeren naar Nederland. En wat heeft een veroordeling dan voor zin? De persrechter sprak na afloop van het vonnis over een afschrikwekkend effect. „Het kan anderen ontmoedigen aan deze strijd deel te nemen. De rechtbank wil hiermee een signaal afgeven dat je een zware straf krijgt. Mogelijk zullen mensen dan denken: als er zo’n zware straf op staat, vertrekken we toch maar niet.”

Er zijn in totaal 260 Nederlanders uitgereisd naar Syrië en Irak.