Mollema geïsoleerd, valt en ‘verneukt’ klassering

Analyse Tour de France

Voor topklassering is ook een topploeg nodig.

Voor de derde keer binnen een jaar tijd verliest een Nederlandse wielrenner in het slotweekend van een grote ronde alle kans op een podiumplaats. Het overkwam Tom Dumoulin in de Vuelta, Steven Kruijswijk in de Giro en het jongste geval heet Bauke Mollema, in de Tour. Net niet goed genoeg, pech na een valpartij, een stuurfout. Maar in geen van deze gevallen was er een vangnet om opgelopen schade op te vangen.

Ergens op de lange en door regen spekglad geworden afdaling van de Montée de Bisanne ging het vrijdagmiddag mis voor Mollema. Hield zich na twee zware dagen op eigen kracht in de Alpen staande tussen de favorieten, hoewel de concurrentie dichterbij kwam. En toen sloeg het noodlot toe. Zat naar eigen zeggen in perfecte positie achter de Fransman Mikaël Cherel, maar was al geïsoleerd geraakt toen hij door een stuurfout onderuitgleed.

„Ik heb het verneukt”, zei Mollema bij de NOS. „Dat gaat niet meer goed komen morgen”, doelend op zijn klassement in de Tour. Hij stond tweede, verloor bijna vier minuten ten opzichte van de concurrenten en vindt zichzelf bij het ingaan van het slotweekend terug op plaats tien. Eigen schuld? „Ja.”

Mollema betrok alle schuld op zichzelf. Hij „blies [zich] op” toen hij op eigen kracht aan de voet van de Mont Blanc terug trachtte te komen bij de grote mannen van het klassement. Maar ploeggenoten dan? Nergens. Geen Fränk Schleck te bekennen, die kwam binnen op zowat een kwartier van de Groninger. En Haimar Zubeldia, knecht nummer twee op bergachtig terrein, kwam pas twee minuten na zijn kopman over de streep. Mollema moest geïsoleerd toezien hoe een historische topklassering in de Tour de France verdampte.

L'histoire se répète dus, zij het met nodige nuanceverschillen. Op 11 september 2015 reed Tom Dumoulin nog in de rode leiderstrui van de Vuelta. Hij werd op de voorlaatste dag naar de zesde plaats verwezen – alleen gelaten, geen renner bij Giant-Alpecin kon hem ten noorden van Madrid nog bijstaan toen de aanvallen van Astana als een spervuur over hem neerdaalden. Zijn marge was maar zes seconden, in zijn uppie niet te verdedigen. Fabio Aru profiteerde optimaal.

Steven Kruijswijk dan in de Giro, nog geen twee maanden geleden. Andere ronde, zelfde resultaat. Werd toevalligerwijs opnieuw door Astana tot het uiterste gedreven op de flanken van de Col d’Agnel, viel in de afdaling in een muur van sneeuw en ijs en was daarna zonder collega van LottoNL-Jumbo lang niet bij machte om het ontstane gat naar Vincenzo Nibali dicht te rijden. Op wilskracht werd Kruijswijk nog vierde, maar hij was met kop en schouders de beste klassementsrenner van de Giro geweest – zijn voorsprong heette een veilige te zijn, niet minder dan drie minuten na etappe achttien. Alweer ging Nederlandse wielerhistorie in rook op omdat er niemand was die Kruijswijk na een geval van pech op sleeptouw kon nemen. De ploeg was bergop niet sterk genoeg, onvoldoende voorbereid op een kopman die zou meestrijden om de hoofdprijs.

Eerlijk is eerlijk: Giant-Alpecin, LottoNL-Jumbo en Trek-Segafredo zijn niet als Team Sky, de ploeg van Chris Froome. Ook hij ging onderuit vrijdag, maar kreeg nog voor hij kon beseffen wat er gebeurd was een fiets aangereikt van zijn ploeggenoot Geraint Thomas.

Sky is er met miljoenen op ingericht om een grote ronde te winnen, in tegenstelling tot de formaties van Dumoulin, Kruijswijk en Mollema – niemand zag bij die drie vooraf aankomen dat een podiumplaats tot de mogelijkheden zou gaan behoren. Ze verrasten steeds vriend en vijand door boven zichzelf uit te stijgen. Top-5, top-10, dat waren de ambities. En daar is niet altijd een keurkorps van eliteknechten voor nodig.

Alleen Wout Poels heeft een topploeg op dit moment, maar hij beult als knecht voor Froome bij Sky. Wijkt nooit van diens zijde op de bergflanken. Op de Mont Blanc was hij vrijdag bergop weer oersterk. De Limburger droomt hardop van het kopmanschap in Vuelta of Giro.

Topklasseringen lijken met al dit talent een kwestie van tijd. Maar wie gaat het daadwerkelijk doen? De Nederlandse klassementsrenners hebben duidelijk gemaakt dat ze een topploeg om zich heen verdienen.