Jager roept ‘brrrrrr-hm’ en vogel brengt hem bij honing

Jager van het Yao-volk in Mozambique met de honinggids ‘Indicator indicator’. Foto Science

Als de Yao, een volk in het noorden van Mozambique, een bepaalde vogelsoort aanroepen, begrijpen deze dieren die roep. Ze wijzen de jagers vervolgens de weg naar wilde honing, verborgen in een boom. Alleen één bepaalde roep leidt tot deze vorm van samenwerking tussen mens en dier, ontdekten zoöloog Claire Spottiswoode en collega’s, van de universiteit van Cambridge (Science, 22 juli).

De vogelsoort in kwestie is bekend als ‘honinggids’ en draagt de Latijnse naam Indicator indicator. Hij fladdert van boom tot boom en blijft hangen bij een honingraat van wilde bijen. Honinggidsen zijn dol op de bijenwas, maar kunnen de raten niet openmaken. Daarvoor hebben zij de hulp van mensen nodig. Als die de honing hebben geoogst, laten ze de was achter voor de vogels.

In dit filmpje laten Yao zien hoe ze honing jagen met honinggids:

De Yao gebruiken steeds dezelfde roep om de aandacht te trekken van de honinggids, een harde trilling, gevolgd door een brommend geluid: ‘brrrrrr-hm’. De Yao die de onderzoekers interviewden, vertelden dat ze die roep van hun vaders hadden geleerd en dat alleen die roep de vogels aan het werk zet.

Spottiswoode en collega’s wilden weten of de honinggids betekenis hecht aan deze roep. Om daar achter te komen volgden zij honingjagers op hun voettochten in het nationale park Niassa.

Driekwart van de keren dat de honingjagers de vogels volgden, werd ten minste één bijennest met honing gevonden. Om te testen of het die ene, specifieke roep was die de vogels in actie bracht, maakten de onderzoekers geluidopnamen van die roep en van twee enigszins afwijkende controlegeluiden.

Een van de onderzoekers trok met twee Yao het park in en speelde met tussenpozen van een kwartier één van de drie geluiden af. Vogels reageerden veel vaker op de roep brrrrrr-hm dan op de twee andere geluiden. De traditionele roep vergrootte de kans dat een honinggids de mannen de weg wees van 33 naar 66 procent en de totale kans dat er een bijennest werd gevonden van 16 naar 54 procent vergeleken met de controlegeluiden.