Dopingfraude: hoe Rusland rommelde en WADA wegkeek

Doping

Vermoedelijk zondag velt het IOC zijn oordeel over deelname van de Russische ploeg aan ‘Rio’. Hoe kon de dopingfraude in Rusland, waar al in 2010 melding van werd gemaakt, jarenlang voortbestaan? „Message received.”

©

In februari 2010, tijdens de Olympische Winterspelen in Vancouver, ontmoette Vitaly Stepanov in een hotel officials van het wereldantidopingagentschap WADA. Als medewerker van Rusada, de Russische dopingautoriteit, en echtgenoot van atlete Joelia Rusanova beschikte hij over inside information van door de staat gestuurde dopingprogramma’s bij atletiek. Stepanov wilde niet langer zwijgen en informeerde de mensen van WADA over de dubieuze praktijken in zijn land. Maar pas vijf jaar later bracht de Duitse onderzoeksjournalist Hajo Seppelt de explosieven tot ontploffing.

Waarom duurde het zo lang voordat WADA, de hoeder van dopingvrije sport, actie ondernam? Zesenhalf jaar verder is maar één verklaring te geven: WADA wilde geen gedoe, geen uitbarsting van dopingnieuws met verwijtbaar gedrag van WADA. Want dat is na zoveel jaren duidelijk: WADA heeft gefaald bij het streven naar de luid gepropageerde schone sport. Hoe is anders te verklaren dat Rusland jarenlang, onder het toezicht van WADA, gedopete sporters kon beschermen?

Was het onwil? Onkunde? Of ontbrak het WADA aan middelen? Dat laatste, zei voorzitter Craig Reedie vorige maand in een interview met deze krant. „Het door de media geschetste beeld dat wij vier jaar niets met die informatie hebben gedaan is onjuist. We werden fragmentarisch geïnformeerd en de beschuldigingen moesten steeds gecheckt worden. Als je met klokkenluiders uit een land als Rusland in zee gaat, moet dat tot harde bewijzen leiden. En die hadden we niet.”

Kan zijn, maar er was wel degelijk sprake van een vleugje onwil, zoals blijkt uit een reconstructie in The New York Times, waarin voormalig WADA-directeur David Howman vertelt dat het niet de bedoeling was zelf onderzoek te doen, maar belastende informatie te verzamelen en door te spelen aan instanties (lees sportbonden) die wel actiebevoegd zijn. Zover kwam het pas nadat Stepanov WADA beu was en – naar verluidt, mede op advies van een WADA-medewerker – journalist Seppelt inschakelde.

Intussen had Rusland drie jaar achtereen, bovenop de contributie van 746.000 dollar, een extra donatie van 1,14 miljoen dollar aan WADA gedaan, onthulde The New York Times. WADA ontkende tegen de krant dat er een verband was tussen die betaling en een speciale behandeling van Rusland. Want aan gedetailleerde informatie over de Russische dopingfraude in de atletiek ontbrak het WADA niet. Sinds zijn openhartigheid in Vancouver had Stepanov naar eigen zeggen wel tweehonderd mails naar WADA gestuurd. Hij informeerde het antidopingbureau over alles wat hij wist. Maar er gebeurde niets. Het enige antwoord dat Stepanov ontving was: ‘Message received.’

Medewerking aangeboden

Stepanov was niet de enige bron. In december 2012 ontving WADA een mail van Darya Pisjkalinkova, de Russische discuswerpster die vier maanden eerder de zilveren medaille had gewonnen op de Spelen in Londen. Zij schreef doping te hebben gebruikt op gezag van de Russische sportautoriteiten. Pisjkalinkova maakte ook melding van een dopingstructuur in haar land. Zij smeekte WADA om een onderzoek en bood haar medewerking aan. In de mail noemde zij Grigori Rodsjenkov, hoofd van de dopinglaboratorium in Moskou, als degene die besmette urine voor schone inwisselde en ze zei er bewijs van te hebben. En wat deed WADA? Niets.

WADA bleef ook doof toen op 11 januari 2014, in aanloop naar de Winterspelen van Sotsji, zijn wetenschappelijk directeur Olivier Rabin een informeel gesprek voerde met Rodsjenkov. Die bevestigde Rabins waarneming dat er regelmatig sprake was van verdachte dopinganalyses in zijn lab. Ik word daar van hogerhand toe gedwongen, zei Rodsjenkov.

WADA kam pas in actie na de uitzending van Seppelts documentaire op 3 december 2014. De sportwereld in schok. En WADA in schok, althans naar buiten toe. Het bestuur begreep dat toekijken niet langer geaccepteerd zou worden. Er werd een onafhankelijke commissie samengesteld om de beschuldigingen te onderzoeken. De voorzitter kwam uit eigen kring: Dick Pound, lid van de raad van toezicht en voormalig voorzitter. En gekend vuurvreter in dopingzaken.

Pound kwam in november 2015 met een vernietigend rapport: er wordt in de Russische atletiek van staatswege geregisseerde dopingfraude gepleegd. De internationale atletiekfederatie IAAF reageerde onthutst, maar legde de Russische bond onmiddellijk een voorlopige schorsing op. Ook de IAAF benoemde een commissie, die onder leiding van de Noor Rune Andersen moest beoordelen of Rusland afstand wilde doen van de verziekte dopingcultuur en verbeteringen zou doorvoeren.

Andersens conclusie na een half jaar werk: in Rusland is amper sprake van verbetering, zelfs niet nadat van overheidswege het dopinglaboratorium in Moskou was gesloten en de dopingautoriteit Rusada onder curatele was gesteld. Geschorste atletiekcoaches die zich met dopingpraktijken hadden ingelaten – om maar wat te noemen – zijn ‘gewoon’ blijven functioneren. De IAAF besloot in juni de schorsing van Russische atleten te handhaven, waarmee hen de weg naar de Spelen in Rio werd versperd. Een maatregel die donderdag door het sporttribunaal CAS werd gevalideerd, nadat 68, naar eigen zeggen schone, Russische atleten olympisch startrecht hadden opgeëist.

Tweede dopingbom

Op 12 mei van dit jaar ontplofte een tweede Russische dopingbom. Rodsjenkov, gevlucht naar de Verenigde Staten, beschreef in The New York Times gedetailleerd hoe het systeem van de Russische staatsdoping werkte. Zijn schokkendste onthulling was de wisselmethode van urinemonsters in het dopinglaboratorium tijdens de Winterspelen in Sotsji.

Rodsjenkovs verhaal werd bevestigd door WADA-onderzoeker Richard McLaren, die bovendien ontdekte dat in Rusland in dertig sporten met urinemonsters is gesjoemeld. In totaal zouden de laatste jaren 634 stalen zijn verduisterd.

Het maandag gepubliceerde McLaren-rapport bewijst dat dopingfraude in Rusland diepgeworteld is. Sinds die onthulling verkeert ook het Internationaal Olympisch Comité (IOC) in de hoogste staat van paraatheid. Moeten Russische sporters collectief worden weggehouden uit ‘Rio’? Bij voorkeur, vindt het IOC, maar een machtig sportland als Rusland uitsluiten van de Spelen heeft verstrekkende (politieke) volgen. Het IOC schoof de hete aardappel dinsdag door om eerst juridisch onderzoek te doen. Maar zondag, als het bestuur naar verwachting opnieuw bijeenkomt, is er geen weg terug.