Als hij wordt gekrenkt, komt het slechtste in hem naar boven

Profiel Recep Tayyip Erdogan

Hij emancipeerde de arme gelovigen en bracht zijn land voorspoed. Maar naarmate Erdogan steviger in het zadel zat, werd hij autoritairder. Wie is de Turkse leider, die zo intens wordt geliefd en gehaat?

De Turkse president Recep Tayyip Erdogan poseert in zijn presidentiële paleis aan de rand van Ankara Foto AFP/ADEM ALTAN

Recep Tayyip Erdogan was zeven toen hij zijn vader zag huilen. Ze woonden in het bergdorpje Güneysu, in het noordoosten van Turkije. Vader Erdogan was streng religieus en had er thuis de wind onder. Hij stemde op Adnan Menderes, die werd gekozen in 1950. Voor het eerst werd een vertegenwoordiger van een echte massapartij premier, een teken van democratisering in Turkije.

Maar op die dag in 1961 werd Menderes het symbool van gesmoorde democratie en teleurstelling. Het leger had de macht overgenomen en hing de gekozen regeringsleider aan de galg. Erdogan vertelde later veelvuldig hoeveel indruk het op hem had gemaakt zijn strenge vader in tranen te zien.

Nadat hij in augustus 2014 de eerste direct gekozen Turkse president werd, beloofde Erdogan de herinnering aan Menderes levend te houden. Zijn boodschap: ik ben rechtstreeks gekozen door jullie, het volk. En daar komt geen leger tussen. De doodstraf had hij afgeschaft.

Nu heeft Erdogan zelf een staatsgreep door het leger en een aanslag op zijn leven moeten afslaan. En staat hij voor de keuze de doodstraf opnieuw in te voeren. Mensen schreeuwen erom naast zijn woning in Istanbul. „We hebben het zelf afgeschaft, maar we kunnen altijd op onze schreden terugkeren en het herintroduceren”, zei hij in een interview met CNN. „Als de leiders in het parlement samenkomen en dit is de uitkomst, zal ik als president het besluit dat het parlement neemt bevestigen.”

Wie is deze president, intens gehaat en geliefd in Turkije en daarbuiten? De leider van een land op het kruispunt tussen oost en west, dat wereldwijd met argusogen wordt gevolgd. Een gekozen leider, maar een die lijkt te zijn vergeten dat hij er ook is voor de 48 procent die niet voor hem stemde. Waarom is hij zo geliefd? Is hij in zijn hart een overtuigd democraat? Of doet Europa zaken met een paranoïde machtswellusteling, die de sharia belangrijker vindt dan de rechtstaat?

In de nasleep van de verijdelde staatsgreep is deze vraag belangrijker dan ooit. Het antwoord is niet gemakkelijk te geven.

Vroom en ijverig

Erdogans levensverhaal wordt in de hagiografieën gebracht als een leidraad voor vrome Turken. Hij was het jongetje dat na school op straat simit verkocht, broodringen met sesam, en het met hard werken schopte tot president. De Anatolische variant op ‘van krantenjongen tot miljonair’.

Het beeld is: deugdzaamheid, vroomheid, ijver. De enige keer dat Tayyip zijn vader ongehoorzaam zou zijn geweest, was toen hij besloot door te gaan met voetballen op hoog niveau, zonder het te vertellen. Zijn vader vond de korte voetbalbroekjes haram', onrein.

Keer op keer wordt dit verhaal de Turken ingeprent. Zoals in de nieuwe dramaserie Sevda Kusun Kanadinda (Liefde is op de vleugels van een vogel). In de eerste aflevering komen drie mannen een klaslokaal binnen. Alle jongens staan op. Maar een van hen gaat zo op in het met gesloten ogen reciteren uit de Koran, dat hij de mannen pas opmerkt als ze goedkeurend knikkend aan zijn lessenaar staan. Als ook hij opspringt om het schoolhoofd te begroeten, zegt die: „Mashallah Kasimpasa”, ‘gezegend Kasimpasa’. Iedere kijker weet nu wie de jongen met het hoge voorhoofd is. Want Kasimpasa is de Istanbulse arbeiderswijk waar de beroemdste levende Turk opgroeide, nadat het gezin terug naar Istanbul verhuisde.

Kasimpasa ligt in het Europese deel van Istanbul, op heuvels pal aan een riviermonding die in de Bosporus uitkomt. Doordat complete dorpen erheen zijn gemigreerd, is de sociale controle gebleven. Maar het leven in de stad is een harde overlevingsstrijd in stinkende stegen. Het is de meest gehoorde verklaring voor Erdogans vechtersmentaliteit en soms grove taal: hij is een straatvechter.

Onbedoeld laat de serie ook Erdogans beperkingen zien. De jongeman die zo zuiver uit de Koran reciteert, is gevormd op religieuze instituten, op de straten van een arme wijk en op het voetbalveld. Aan de imam hatip-school gaat veertig procent van de tijd naar religieus onderwijs. Nog steeds reciteert de president tijdens zijn lange redevoeringen graag uit de Koran of declameert hij verzen uit het hoofd. Maar het ging ten koste van zijn algemene vorming. Erdogan pikt wat Arabisch op, de taal van de Koran, maar geen andere vreemde talen. Imam hatip-studenten kunnen imam worden. Erdogan wordt een politieke voorganger.

Politieke leerschool

Erdogan leert het politieke vak in een tijd van harde tegenstellingen. Van communisten tegen kapitalisten. En van Kemalisten, die Turkije bestuurden als strikt seculiere staat, versus de islamisten die knokten voor hun plek.

Erdogan hoort bij die laatsten. Al tijdens zijn vervolgstudie tot boekhouder sluit hij zich aan bij de islamistische partijen van Necmettin Erbakan, die ook de politiek-religieuze Millî Görüş beweging opzette. Partijen in meervoud, want de een na de ander wordt verboden vanwege het niet respecteren van de scheiding tussen kerk en staat.

Hij valt op door zijn spreektalent, goede bouw en zelfverzekerde uitstraling, en stijgt snel binnen de organisatie. „Hij was in die tijd al ontzettend actief, zowel bij de Refah (Welvaart) Partij als in het voetbal”, vertelt de 70-jarige Recep Yilmaz, die net als Erdogan in Güneysu en Kasimpasa opgroeide.

Het is een politiek turbulente tijd waarin links en rechts elkaar letterlijk naar het leven staan. Een mannenwereldje. De jongens van de jongerenpartij toeren door het land voor het voetenwerk tijdens de campagnes.

Deze leerschool maakt dat Erdogan het politieke spel begrijpt als geen ander, zegt Yasar Yakis, een voormalige Turkse topdiplomaat die Erdogan in 2001 hielp bij het oprichten van de AKP: de Partij voor Rechtvaardigheid en Ontwikkeling. „Hij kende mijn kiesdistrict beter dan ikzelf. Dat stamt uit de jaren dat hij voor Erbakans partij de wijken inging en pasta en suiker uitdeelde.”

Erdogan toont zich een strateeg: hoewel omstreden in zijn partij, zet hij vrouwen in om van deur tot deur te gaan tijdens campagnes. De gehoofddoekte dames komen veel gemakkelijker voorbij de voordeur dan mannen.

En Erdogan werkt hard. Nog altijd maakt hij bij vergaderingen, vaak als enige, minutieus aantekeningen van wat wordt besproken. „In een prachtig regelmatig handschrift”, zegt econoom Emre Alkin, die in een van zijn adviesraden zit. „Pas als hij zijn zin af heeft, kijkt hij weer op en draait zich naar je toe om vragen te stellen”, bevestigt Yakis.

Sharia

Erdogan pleitte als jonge politicus voor invoering van de sharia. Het is de politieke agenda van Erbakan, zijn politieke leermeester. Hoewel hij daar allang van is teruggekomen, wordt hij daarom doorlopend gewantrouwd. Vooral door de vroegere Turkse elite, die onder hem zijn positie kwijtraakte. En in het Westen.

Het zijn vragen die in elk gesprek over Erdogan terugkomen. Is alles wat hij doet slechts een dekmantel? Zouden democratisering, verbetering van minderhedenrechten en toenadering tot de EU slechts een middel zijn? Is al die tijd zijn eigenlijke agenda de islamisering van Turkije, met hemzelf als absoluut heerser?

„Eerlijk waar, ik kan hem niet zien als een meesterbrein dat al eind van de jaren negentig bedenkt: nu word ik eerst een democraat en dan een dictator”, zegt de Franse journalist Nicolas Cheviron. Hij publiceerde dit voorjaar samen met academicus Jean-François Pérouse Erdoğgan, nouveau père de la Turquie?, de meest doorwrochte studie over hem die tot nu toe is verschenen. „Ik zie hem persoonlijk vooral als een pragmaticus en opportunist. Hij is geen groot strateeg, maar wel heel goed in het snel nemen van beslissingen.”

De achterdocht wordt gevoed door Erdogans achtergrond en optreden. Hij heeft geen politicologie gestudeerd en is geen ideoloog. De scheiding der machten vindt hij geen heilige graal. Afhankelijk van het publiek waarvoor hij spreekt, roemt hij het Turkse model van een strikt seculiere democratie, om een volgende keer te spreken over democratie als een ‘rijdende trein’ waar je op en ook weer af kunt springen als de eindbestemming is bereikt.

Erdogan stopte als pleitbezorger van de sharia, nadat hij in de gevangenis was beland. Het is 1998, vier jaar daarvoor is hij gekozen als burgemeester van Istanbul. Een schok voor het strikt seculiere establishment, dat vreest islamitische regels opgelegd te krijgen door de fanatieke vrome nieuwkomer. Die vrees komt niet uit. Erdogan is pragmatisch, serveert bij gelegenheid zelfs alcohol. Hij maakt zich geliefd met verbeteringen in de watervoorziening en elektriciteit in arme wijken.

Een gedicht dat hij reciteert tijdens een politieke speech brengt hem in problemen. Het is van Ziya Gökalp, een nationalistische intellectueel, het staat ook in Turkse schoolboeken. Maar uit Erdogans mond klinkt het verdacht, vindt de rechter. De gewraakte strofe is: „Minaretten zijn onze bajonetten, koepels zijn onze helmen, moskeeën zijn onze kazernes, gelovigen zijn onze soldaten”. Hij wordt veroordeeld tot tien maanden gevangenisstraf.

Nieuwe identiteit

Het zal een keerpunt blijken. Een paar uur na zijn vrijlating houdt hij een speech waarin hij zegt dat hij veel tijd heeft gehad om na te denken. Uit wat volgt, blijkt dat hij moet hebben geconcludeerd dat een politieke partij in Turkije nooit tot een massabeweging kan uitgroeien als religie een te grote rol speelt.

„Toen Erdogan in de gevangenis zat, kwamen ook pr-consultants langs om aan zijn nieuwe identiteit te werken”, vertelt biograaf Cheviron. In die periode brengt Erdogan ook een aantal bezoeken aan de VS, waar hij – vergelijkbaar met aanstormende politici uit Oost-Europa in die jaren – een stoomcursus neoliberalisme krijgt.

Erdogan toont zich eerder pragmatisch dan ideologisch, zoals hij later veel vaker zal doen. Hij neemt afstand van zijn politieke leermeester Erbakan en richt met een handvol gelijkgestemden in 2001 een nieuwe conservatieve partij op, de AKP. Het is voorbij met de speeches waarin de invoering van de sharia wordt bepleit. De emancipatie van het achtergestelde vrome bevolkingsdeel wordt het doel.

Zwarte Turk

Erdogan noemt zichzelf trots een ‘zwarte Turk’, een denigrerende term voor eenvoudige zielen van het platteland, met hun hoofddoeken en bidkettingen. Ze zijn het tegenovergestelde van de bevoorrechte ‘witte’ elite in de Kemalistische en tot in het extreme seculiere staat Turkije. Erdogan maakt er een geuzennaam van.

De AKP boekt in 2002 een klinkende verkiezingsoverwinning. Voor zijn achterban, de mensen zoals hijzelf, volgt een tijd van snelle emancipatie. Een inhaalslag.

Een van de eerste strijdpunten is de hoofddoek. Die was niet toegestaan in het openbaar bestuur en onderwijs, wat verregaande consequenties had in een land waar vrijwel de hele bevolking moslim is. Zijn eigen dochters laat Erdogan in de Verenigde Staten studeren, omdat ze in Turkije niet met hoofddoek naar de universiteit mogen.

„Hij heeft veel taboes doorbroken”, zegt Recep Yilmaz, die bij de kapper in Kasimpasa zit. „Toen mijn eerste zoon in dienst ging en wij als ouders naar het afleggen van de eed wilden, mochten we niet naar binnen. Mijn vrouw draagt een sluier en zoals je ziet heb ik deze kleren.” Hij gebaart naar zijn eenvoudige broek met pijpen ver boven de enkel, baard en slippers. „Toen mijn andere zoon een paar jaar geleden ook in dienst ging, werden we zeer welkom geheten door de soldaten. Dit is wat in Turkije is veranderd.”

Om de emancipatie te bewerkstelligen, werkte Erdogan samen met de Gülen-beweging, met name in het onderwijs. Gülen, de orde van imam in ballingschap Fethullah Gülen, heeft eigen scholen en bijlesinstituten, en sponsort arme studenten met beurzen. Veel van de ambtenaren die onder Erdogan zijn benoemd, komen van Gülen-instituten.

Tapijtverkoper

Turkije groeit en bloeit onder de drie kabinetten-Erdogan (2003-2014). Terwijl de EU steunt onder de financiële crisis, groeit de Turkse economie en daalt de inflatie met sprongen. Er ontstaat een nieuwe maatschappelijke middenklasse van welvarende vrome moslims.

Het maakt Erdogan zeer geliefd onder een grote groep Turken. Ook dankzij zijn populistische stijl. Exemplarisch is Erdogans optreden dit voorjaar, als hij de werkzaamheden aan de derde brug over de Bosporus komt inspecteren. Met een oranje veiligheidsjas aan neemt de president de microfoon en begint een freestyle speech waarin hij İIbrahim Çeçen, de baas van het bouwconsortium, publiekelijk voor het blok zet.

„Ramadan staat voor de deur. Nu – inshallah, hopelijk – geef je ieder van de arbeiders hier een extra salaris.”

Çeçen doet een vage toezegging voor extra geld als de bouw is afgerond, maar Erdogan laat zich niet afschepen. Hij wil een concreet bedrag horen. En daarna een datum waarop het wordt uitbetaald. Hij sjachert door als een tapijtverkoper.

„Laten we het zo doen: voor het begin van de naderende ramadan, is dat akkoord mr. Ibrahim? Hoeveel gaan we per werknemer geven? Laten we iedereen hetzelfde geven. Nu hebben we een belofte. Mijn premier en minister zijn getuigen. Inshallah, we geven ieder van jullie drieduizend lira. De minister zal het in de gaten houden. Drieduizend lira, is dat ok?”

De medewerkers joelen (‘Turkije is trots op u!’) en filmen de dialoog met hun mobieltjes. De bouwondernemer doet er het zwijgen toe en lacht als een boer met kiespijn. Wie opdrachten van de overheid wil, moet het spelletje meespelen.

Rijk

Het is een zeldzaam inkijkje in de Turkse politiek, waarin loyaliteit aan de leider van groot belang is. Wie wil slagen, moet in de gunst staan van de oudere man bovenaan de hiërarchie.

Op buurtniveau is het niet anders. Machtige mannen delen uit, de kleine lieden dingen naar de gunsten van die beschermheren. Als jouw clan aan de macht is, zit je goed.

Erdogan en zijn politieke vrienden worden zelf ook rijk. Terwijl hij burgemeester van Istanbul is, zet hij met compagnons, onder wie zijn broer en zwager, ten minste drie bedrijven op. Nadat er ophef komt over belangenverstrengeling en hij gedwongen moet verkopen, worden zijn zoons opvallend rijker.

Het huwelijk van jongste dochter Sümeyye op 14 mei 2016 met defensie-industrieel Selçuk Bayraktar liet zien hoezeer de nieuwe Turkse politieke en economische elite vervlochten zijn. De getuigen waren politieke vrienden van vader Erdogan, onder wie oud-premier Davutoglu, de premier van Pakistan en de president van Bosnië. Er wordt geen alcohol geschonken en er is weinig vermaak voor de ruim zesduizend gasten die acht uur in de rij moeten staan om het paar te feliciteren.

Broeder Tayyip

Semiha Karaoglu Pacal runt de kleine buurtwinkel tegenover het appartementengebouw waar Erdogan en zijn vrouw Emine na hun trouwen gingen wonen.

Voordat hij naar zijn werk ging, kwam Erdogan hier altijd even binnen en kocht snoep voor buurtkinderen, herinnert ze zich. „Hij is zijn banden met deze buurt, met ons die hem al zo lang kennen, niet verloren. Als hij me ziet dan zegt hij ‘Hoe gaat het met je Semiha, zuster?’” Zelf refereert ze informeel aan hem als Tayyip Abi. Broeder Tayyip.

Karaoglu draagt haar gouden hoofddoek zoals AKP stemmende vrouwen doen, in een dubbele laag en iedere haar bedekkend. Hun stijlicoon is presidentsvrouw Emine Erdogan.

Emine Gülbaran (1955) was met een groepje van de Vereniging van Idealistische Vrouwen op een bijeenkomst waar Erdogan ook sprak. Ze kregen oogcontact. Zes maanden later waren ze getrouwd. Erdogan was toen 24. Emine 23.

Erdogan was veel van huis. Ze hadden de afspraak dat Emine pas bezorgd zou worden als hij zich 24 uur niet gemeld had, schrijft Cigdem Akyol in een recent verschenen, ongeautoriseerde biografie.

Europa

Erdogan was in zijn eerste jaren als premier zeer pro-Europees. Dat strookte met zijn agenda. Ook de EU wilde dat het Turkse leger minder macht kreeg. Ook in de EU mochten vrouwen met hoofddoek gewoon naar de universiteit en in het parlement. Onder zijn leiding voerde Turkije meer op Europa geënte hervormingen door dan ooit tevoren, vertelt Yasar Yakis trots. Hij leidde de onderhandelingen en was kort minister van Buitenlandse Zaken.

De eerste tegenslag liet niet lang op zich wachten. Ondanks waarschuwingen van adviseurs (‘de Europeanen zullen je belazeren’) liet Erdogan zich ervan overtuigen voor het Annan-vredesplan voor Cyprus te lobbyen. In een referendum stemden Turks-Cyprioten vervolgens voor. Maar de Grieks-Cyprioten tegen. Erdogan voelde zich genept.

De verhoudingen verslechterden. Aanvankelijk vond Turkije juist steun in Europa voor zijn hoofddoekbeleid. Maar terwijl de regels in Turkije soepeler werden, besloten landen als Frankrijk ze juist aan te scherpen, schetst Yakis. „Ik denk dat hij er meer en meer van overtuigd raakte dat Europa een club van christenen is en Turkije daarbinnen geen plaats heeft.”

Moslimleider

Erdogan kijkt steeds meer naar het Midden-Oosten. Naarmate de emancipatie van vrome moslims in eigen land vordert, extrapoleert hij dat streven naar de hele islamitische wereld. Hij ziet een rol voor zichzelf die de Turkse landsgrenzen ver overschrijdt, denkt econoom Emre Alkin. „In plaats van 78 miljoen Turken zou hij graag de 1,5 miljard moslims vertegenwoordigen.” Handelsbetrekkingen met islamitische buurlanden worden aangehaald.

Na het begin van de Arabische Lente eind 2010 praat Erdogan graag over het Turkse succesmodel van een moderne seculiere democratie van moslims. Hij laat zich toejuichen in Egypte, waar Turkije openlijk Morsi en de Moslimbroederschap steunt. Hij schoffeert in 2009 bondgenoot Israël door president Shimon Peres op een podium uit te maken voor moordenaar en scoort daarmee bij moslims wereldwijd.

Erdogan spreekt ook de Turken aan die als gastarbeiders zijn uitgewaaierd over Europa. Hij geeft hun zelfvertrouwen. Het land dat ze hebben achtergelaten omdat er geen droog brood te verdienen was, is nu een natie om trots op te zijn.

Hoe vaster Erdogan in het zadel zit en hoe groter de greep van zijn mensen op de overheid, hoe zelfverzekerder ook zijn houding. Turken noemen hem Reis, wat zoiets betekent als ‘hoofd’ of ‘kapitein’.

Erdogan belooft de bevolking een ‘Nieuw Turkije’. Dat droomland moet in 2023, honderd jaar na de stichting van de republiek door Atatürk, voltooid zijn. Het nieuwe Turkije is een van de machtigste economieën ter wereld en ligt vol geweldige infrastructuur. Het wordt strak geleid door een sterke president. Biograaf Cheviron: „Ik denk dat hij zichzelf ziet als iemand met een historische missie: om van Turkije een wereldmacht te maken.”

Onder zijn regeringen krijgen de Koerden meer rechten en verbetert ook de positie van andere minderheden. Leider Erdogan voelt zich sterk genoeg om die gunsten uit te delen. Hij waagt zelfs de omstreden stap om onderhandelingen aan te gaan met de leider van het Koerdische guerrillaleger PKK, Abdullah Öcalan. Het resulteert in een wapenstilstand.

Maar tijdens de verkiezingen in 2014 en 2015 blijken onder de steeds zelfbewustere Koerden ook Erdogans felste tegenstanders te zitten. Erdogan toont zich gekrenkt. En dat brengt het slechtste in hem naar boven. Inmiddels vechten de PKK en het Turkse leger weer.

Erdogan wil intussen zo snel mogelijk een presidentieel systeem invoeren, waarbij de president leiding geeft aan de regering. Als dat lukt, wordt Erdogan zonder twijfel de meest invloedrijke Turk sinds de oprichter van de republiek, Mustafa Kemal Atatürk.

Keerpunt

Biograaf Cheviron noemt 2010 als keerpunt. Het is het jaar waarin de macht van Erdogan en de zijnen totaal wordt. Na een grondwetshervorming kan Erdogan benoemingen doen bij de hogere rechtbanken en verstevigt de AKP de greep op justitie. Veel juristen die zijn opgeleid aan onderwijsinstituten van de Gülen-beweging komen op belangrijke posten. Ze helpen in een serie massaprocessen het machtige leger politiek uit te schakelen.

Erdogan en de AKP hebben alle macht in handen. Er is geen reden meer voor verongelijktheid. De inhaalslag is voltooid. Maar Erdogan blijft zich gedragen alsof hij in een doodlopende steeg in Kasimpasa tegenover een groep grotere jongens staat. „Ze worstelen nog steeds”, observeert econoom Alkin. „Alsof ze de volgende dag hun posities weer kwijt kunnen zijn.”

Gezi

Als in juni 2013 massale antiregeringsprotesten beginnen tegen zijn autoritaire stijl, reageert Erdogan eerst overrompeld en daarna agressief. De beledigde pater familias, die de kinderen ondankbaar tuig vindt. De vrolijke kleurrijke straatprotesten zijn niet volgens de regels van het politieke spel zoals hij dat kent.

De Gezi-protesten vragen om dialoog, creativiteit en flexibiliteit. Om meebuigen en humor. Erdogan kan het niet opbrengen. Zijn regering schildert demonstranten af als goddeloze plunderaars. Bedrijven die demonstranten hebben helpen schuilen tegen traangas, krijgen extra belastinginspecties. De politie wordt ingezet tegen de betogers, die hij terroristen noemt. Er vallen elf doden.

Het jaar eindigt met wat Erdogan volgens biograaf Cheviron ervaart als een dolksteek. Op 17 december 2013 worden arrestatiebevelen uitgevaardigd wegens corruptie tegen 47 hooggeplaatste Turken van Erdogans AKP en de zonen van vier ministers.

Kort daarna lekken via Youtube saillante en belastende geluidsopnames uit, die Erdogan persoonlijk treffen. Op de opnames lijkt te horen hoe hij zijn zoon Bilal gejaagd opdraagt geld uit huis te halen. Volgens Erdogan is de opname een montage, maar hij lijkt verdacht echt.

Alleen echte insiders kunnen de premier afluisteren en arrestatiebevelen tegen ministers uitvaardigen. Erdogan concludeert dat hij door zijn banden met de Gülen-beweging de vijand in huis heeft gehaald. Het is het begin van de poging om de overheid en juridische macht te zuiveren van gülenisten.

Carrière redden

Als ik hem spreek, enkele weken voor de mislukte coup, heeft Yasar Yakis net een brief gekregen van de AKP. De prominente oud-diplomaat en medeoprichter van de partij is geroyeerd. De reden is dat hij door is gegaan met het schrijven van stukken voor een krant die volgens de AKP wordt gefinancierd door ‘de parallelle structuur’, oftewel Gülen.

Yakis vertelt veel positieve dingen over Erdogan. Hij omschrijft hem als een hardwerkend en intelligent politicus. Maar na de arrestaties in december 2013 ging het mis, zegt hij. „Daarna werd het redden van zijn carrière prioriteit.”

Verschillende geïnterviewden halen hetzelfde citaat aan van de Britse negentiende eeuwse historicus Lord Acton: „Macht maakt corrupt en absolute macht maakt absoluut corrupt.” Ze schetsen een klassiek paleisdrama, waarin de eenzame heerser zich heeft laten omringen door ja-knikkers met hun eigen belangen. Waarbij hij in zijn achterdocht de greep op de realiteit verliest. Het is een extra handicap dat Erdogan zijn talen niet spreekt en daardoor minder direct meekrijgt hoe in het buitenland over hem wordt bericht.

Net als de Gezi-demonstranten worden gülenisten door Erdogan voor ‘terroristen’ uitgemaakt. Erdogan presenteert zichzelf en zijn partij als slachtoffers, voortdurend omringd door vijanden en verraders waarvan het land sindsdien gezuiverd moet worden. De beveiliging van Erdogan wordt opgeschroefd.

Vuurproef

Op 15 juli is Erdogan met zijn familie op vakantie in de badplaats Marmaris. Rond acht uur ’s avonds vertelt zijn zwager hem dat er een staatsgreep gaande is. Hoewel de legertop op basis van informatie van de inlichtingendiensten al een paar uur bezig schijnt te zijn die de kop in te drukken, weet Erdogan nog van niets, vertelt hij vijf dagen later in een interview met Al Jazeera.

Een kwartier nadat Erdogan zijn hotel is ontvlucht, wordt dat aangevallen. Het Turkse parlement wordt beschoten vanuit een F16. Erdogan geeft via FaceTime een interview aan CNNTürk en roept Turken op de straat op te gaan en de staatsgreep niet te laten gebeuren. Ze luisteren.

Als Erdogan uren later op Atatürk Airport landt, wacht hem een juichende mensenmassa. Hij beschuldigt Fethullah Gülen van de machtsgreep, en spreekt hem aan. „Genoeg met je verraad aan je land en je volk. Kom terug als je durft.”

Het is het startsein voor een zuivering van (vermeende) Gülen-aanhangers. In drie dagen tijd worden zestigduizend mensen geschorst, gearresteerd of ontslagen. Het is nodig om de medeplichtigen aan de staatsgreep en landverraders eruit te kunnen filteren, zegt de regering. Iedereen met een mogelijke link met de Gülen-beweging blijkt verdacht.

De komende maanden zullen de vuurproef zijn die moeten bewijzen wie Erdogan werkelijk is. Hij wil af van mensen met andere loyaliteiten. Van mensen met een verborgen agenda, die zich slechts voordoen als democraat. Precies waarvan hij zelf altijd is verdacht.