Waar blijven al die killerbody’s?

Afvallen

Dertien weken na de lancering van het dieetboek Killerbody zou je het resultaat moeten kunnen zien. ‘Als ik het kan, kan jij het ook’, schrijft de auteur, Fajah Lourens. Dat blijkt nogal tegen te vallen.

Foto Getty Images

Stel, je valt een kilo per week af, doet dagelijks krachtoefeningen, en naar een feestje op zaterdagavond neem je je eigen maaltijd mee in tupperwarebakjes, zodat je niet aan de zalmwraps en bitterballen hoeft. Als je een vakantie boekt, kies je een appartement, zodat je zelf kunt koken en niet naar restaurants hoeft waar alles in roomboter wordt bereid. Als er op vakantie geen sportschool in de buurt is, maak je ’s ochtends een flinke wandeling op de lege maag. Honger heb je, ja, maar dat hoort erbij als je er goed uit wilt zien in bikini.

Klinkt dit als een extreem dieet? Het boek waarin die adviezen staan, is een besteller. Killerbody van dj en actrice Fajah Lourens is de afgelopen maanden meer dan honderdduizend keer verkocht. In het boek staan tips, recepten, voedingsschema’s en oefeningen voor een gespierder lichaam.

Fajah staat, met talloze foto’s, model voor haar eigen dieet. Op de boekcover draagt ze een grijze sport-bh, haar buikspieren zijn duidelijk zichtbaar. „Als ik het kan, kun jij het ook, staat op de achterkant van haar killerbody-handboek.

Fajah is op dit moment de meest succesvolle van een groep dieetgoeroes die met hun perfecte lichaam een dieet verkopen. Veel van hun boeken kwamen vlak voor de zomer uit. Neem Beweeg! van Arie Boomsma, ‘voor een gezonder en gelukkiger leven’. En Het boek van Jet, een happy & healthy leven, van Jet van Nieuwkerk: ‘niet te streng en al helemaal niet saai’. Rens Kroes, de bekendste van allemaal, kwam vorige maand met haar derde boek met ‘powerrecepten’: On the go. Allemaal met op de boekomslag de auteur als lichtend voorbeeld.

Wie zien we lopen op het strand?

De dieetschrijvers nemen je mee in hun reis naar hun afgeslankte, betere zelf. „Als je mijn foto’s in dit boek en op mijn social media bekijkt, zie je vooral een succesverhaal”, schrijft Fajah in de inleiding. „Maar het verhaal dat daarachter zit zou ik geen succes willen noemen, integendeel”. Ze schrijft over haar deelname aan Expeditie Robinson, een mislukte marathonpoging en de vreetbuien die volgden. „Het resultaat was heel veel cellulite (zo noemt ze cellulitis) en vet”. En daarmee noemt ze zichzelf een voorbeeld voor anderen: „Hopelijk helpt en motiveert het jou, als je net als ik een moeilijke startpositie hebt.”

Maar als meer dan honderdduizend Nederlanders, vooral vrouwen, Fajah’s Killerbody hebben aangeschaft, wat zien we daar dan van terug op het strand? Hoeveel vrouwen paraderen kilo’s lichter, met glanzende abs langs de kustlijn, dertien weken na lancering van het boek? Hoeveel vrouwen zien eruit als Fajah?

Egbert Otten, hoogleraar neuromechanica aan de Rijksuniversiteit Groningen, vindt het verdacht; één rolmodel voor een dieetmethode. „Iedereen reageert verschillend op diëten en training, dat heeft te maken met je genetische opbouw.” Ander startgewicht, andere opleiding, andere opvoeding, andere inkomsten, ander dagritme – Fajah heeft, nu haar boek een besteller is, het geld en de motivatie om fit te blijven. „Dat is een behoorlijke stok achter de deur die anderen niet hebben”, zegt Otten. „Fajah’s lichaam is niet het bewijs dat haar methode werkt.”

Otten zocht foto’s van Fajah terug en zag dat ze nooit echt overgewicht heeft gehad. Fajah had misschien ‘een moeilijke startpositie’, maar ze had wel haar genen mee. Haar bouw is een goede basis voor een killerbody. Vrouwen die bredere heupen hebben, zullen veel moeilijker vet kwijtraken, erkent Fajah zelf ook. „Een streng dieet en veel lichaamsbeweging zijn bij dit lichaamstype belangrijk”, staat in het hoofdstuk waarin ze het ‘endomorfe’ (volle) lichaam beschrijft.

Ga maar eens naar een sportschool, dan zie je hoe moeilijk het is je leven om te gooien, zegt Otten. Hij volgde een jaar lang een groep mensen in de sportschool. Hij zag na een jaar slechts kleine veranderingen in hun lichaamsbouw en uithoudingsvermogen. „Vooral als je een ongezonde uitgangspositie hebt, moet je een lange adem hebben.”

Een hoger doel

Killerbody gaat niet alleen over een paar kilo afvallen, het boek heeft een hoger doel: een strak lichaam. Collega-goeroes, zoals Jet van Nieuwkerk, pleiten voor een happy healthy lifestyle. Fajah doet niet aan ‘happy’ en aan ‘niet te streng’. „Doe alles om je doel te bereiken”, schrijft ze. Niet alleen is haar trainingsschema spartaans, ook haar recepten zijn nogal sober en weinig ‘happy’. Neem haar ‘vegasalade’ met mais, kikkererwten, paprika, walnoten en gekookte eieren: 1.Verdeel de veldsla over twee borden. 2.Verdeel de rest van de ingrediënten over de salade. Dat is zelfs nauwelijks een recept te noemen. Maar als de smaak tegenvalt, weet je in elk geval zeker dat je er niet te veel van eet.

Fajah laat zien hoe ze haar billen traint. Tekst gaat verder de onder video.

Op Instagram klagen haar volgers over honger en vragen ze of het normaal is om je misselijk te voelen. „Je zult honger krijgen, maar dat is juist de bedoeling. Als je wilt afvallen, moet je van het hongergevoel gaan houden”, aldus Fajah.

„Nogal masochistisch”, zegt Kees de Graaf, hoogleraar eetgedrag aan de Wageningen Universiteit. En op den duur weinig effectief. „De eerste paar dagen van een dieet heb je de meeste honger, na enige tijd wen je weliswaar aan een lagere energie-inname. Maar uiteindelijk kunnen mensen honger slecht verdragen, je lichaam vertelt je iets: als je niet eet, ga je dood; honger is een fundamentele drijfveer.”

Een kilo per week afvallen, zoals de boekcover claimt, is veel. Het neigt naar een crashdieet. De Graaf: „Een gemiddeld mens heeft 2.000 kilocalorieën op een dag nodig. Om een kilo af te vallen, moet je 1.000 calorieën per dag minder eten. Dan heb je inderdaad wel honger.”

Beide voedingsdeskundigen zijn overigens niet alleen maar kritisch. De helft van de Nederlanders is te dik. Goedkoop en lekker eten is overal. Voor een euro een appelflap bij de koffie op het station, saucijzenbroodjes voor 50 cent in de schoolkantine. En bewegen doen we steeds minder. Tweederde van de Nederlanders wil wel afvallen, bleek uit een onderzoek van TNS Nipo. Maar of we er iets voor willen doen? „Het lijkt er op dat deze mensen niet méér gaan bewegen om dit te bereiken”, schrijven de onderzoekers.

Hoe kun je dan tegen lifestylegoeroes zijn die beter eten en meer bewegen promoten? „Ik sta aan haar kant. Ik vind het geweldig dat mensen gestimuleerd worden gezonder te leven”, zegt Otten. Fajah is niet opgeleid tot diëtist, maar je ziet, zegt hij, dat ze een team experts achter zich heeft. De diëten voor gevorderden en trainingschema’s zijn bijvoorbeeld samengesteld door een voormalig wereldkampioen bodybuilding. Waarbij je je kunt afvragen of zo’n wereldkampioen de expert is aan wie de gemiddelde Nederlandse vrouw (met ruim maat 44) iets heeft.

De voedingsexperts zeggen ook: zorg dat je nieuwe levensstijl blijvend is. „Met een nieuw dieet of een nieuwe methode verliezen velen in het begin wel een aantal kilo’s, maar de meesten zijn na een of twee jaar weer op hun oude gewicht”, schrijft emeritus hoogleraar voedingsleer Martijn Katan in zijn boek Voedingsmythes, dat niet in de CPNB Top 60 staat.

Lees ook het interview met Martijn Katan: ‘We doen te heilig over groente en fruit’

Het dieet van Fajah is nu precies zo’n dieet dat wat dat betreft weinig slagingskans biedt. Jezelf tijdelijk uithongeren kun je geen duurzame levensstijl noemen. Wie snel gewicht verliest, valt meestal weer terug in zijn oude eetpatroon. Katan: „Het slagingspercentage van afvallers is nauwelijks beter dan bij het afkicken van heroïne.”

Dat de toename van obesitas lijkt af te vlakken en zelfs tot stilstand lijkt te komen, hebben we niet aan dieetgoeroes te danken. Als mensen minder dik worden, schrijft Katan, dan komt dat doordat we iets hebben gedaan aan onze dikmakende omgeving. „Geef kinderen op het kinderdagverblijf kraanwater in plaats van limonade of sap, leg fietspaden aan, (…), er zijn honderden kleine stapjes die we kunnen zetten”, schrijft hij. „Mits we het georganiseerd doen, als gemeenschap, en niet ieder voor zich met diëten en pillen.”