Het museum komt naar je toe

Musea digitaal In je eentje door het Rijks lopen. Een virtuele duik nemen in een schilderij van Breugel. Google Arts & Culture besteedt miljoenen aan kunst.

Een verlaten eregalerij, in je eentje tegenover Rembrandts Nachtwacht: zonder de drukte van andere bezoekers wekken de gangen van het Rijksmuseum een betoverende indruk. Dankzij een samenwerking tussen het Rijksmuseum en Google hoef je niet langer Barack Obama te heten om het museum voor jezelf te hebben. Google is in rap tempo bezig om het Rijksmuseum en vele andere te digitaliseren. Zowel de gebouwen als de collecties.

Virtuele versie Rijksmuseum
In de virtuele versie van het Rijksmuseum, gemaakt met Google Street View, klik je jezelf door de verlaten gangen van het museum, opgebouwd uit scherpe 360 graden-foto’s van het interieur. Jammer dat de beelden niet recent zijn, want Marten en Oopjen hangen nog niet naast De Nachtwacht. Martijn Pronk, die als hoofd publicaties namens het museum betrokken was bij het digitaliseren van het museum, zegt dat hij het belangrijk vindt dat „mensen voor wie het Rijks om praktische redenen onbereikbaar is, nu ook binnen kunnen kijken.”

Recent maakte het Rijksmuseum bekend zijn volledige digitale collectie (200.000 objecten) op Google Arts & Culture te hebben gezet, de kunstdatabase van het Amerikaanse technologiebedrijf dat zelf net de site heeft vernieuwd heeft en een app uitgebracht. Google zegt niets met het programma te verdienen. Volgens het bedrijf is er geen link tussen Arts & Culture en de advertentieprofielen die het opmaakt. Het digitaliseren van de kunst past volgens het bedrijf in de zelfopgelegde missie alle informatie „wereldwijd beschikbaar en bruikbaar” te maken.

Gigapixel
Daarnaast wil Google, dat regelmatig met Europese overheden in conflict ligt over privacy-schendingen en al honderden miljoenen aan boetes moest betalen, laten zien dat het geen slechte bedoelingen heeft. The New York Times berekende deze week dat het bedrijf voor de periode 2015-2017 ruim 400 miljoen euro heeft gereserveerd voor dit soort activiteiten. Ter vergelijking, het Rijksmuseum heeft inclusief huisvesting in 2015 60 miljoen euro uitgegeven.

In de Koninklijke Musea van Schone Kunsten van België in Brussel creëerde Google de zogenaamde Breugel Box: een ruimte met reusachtige videoprojecties van schilderijen van Pieter Breugel de Oude (1527-1569). Bezoekers staan hier schouder aan schouder met de engelen en demonen van het schilderij De val van de opstandige engelen. Ook maakte Google een 360-graden-animatie waarbij met een virtualrealitbril op de figuren van het schilderij letterlijk om de toeschouwer heen bewegen. Een spectaculair schouwspel, dat bezoekers volgens het museum moet verleiden op een andere manier naar het schilderij te kijken.

De basis voor deze presentaties zijn de gigapixel (duizend megapixel) afbeeldingen die Google maakte van twaalf schilderijen van Breugel. „De samenwerking komt voort uit de wens van het museum om in 2019 iets bijzonders te doen met Breugel: het is dan 450 jaar geleden is dat hij overleed”, vertelt Pierre Caessa, programmadirecteur bij het Google Cultural Institute, de tak van het bedrijf waar Arts & Culture onder valt. „Wij leveren de techniek, het museum de kennis over de schilder.”

Kunstwerken digitaliseren
De bedoeling is dat in 2019 alle veertig bekende schilderijen van Breugel, opgenomen in collecties over de hele wereld, opnames zijn gemaakt en dat die worden gepresenteerd in Breugels geboortehuis in Brussel. „De meeste schilderijen van Breugel zijn houten panelen die erg kwetsbaar zijn en dus moeilijk te vervoeren”, zegt Michel Draguet, directeur van de Musea voor Schone Kunsten. „Dankzij het gebruik van nieuwe technologie zullen de toekomstige generaties deze werken kunnen bekijken.”

De musea zijn niet bang dat mensen wegblijven omdat de schilderijen ook thuis te bekijken zijn.

Google is niet de enige die kunstwerken digitaliseert: veel musea hebben de collectie (deels) in hoge of minder hoge resolutie op hun website staan. Verreweg de meeste afbeeldingen van kunstwerken van het Rijksmuseum stonden bijvoorbeeld al langere tijd op Rijksstudio, de website waarop het museum gratis afbeeldingen aanbiedt. „De belangrijkste reden om met Google samen te werken is het bereik”, zegt Martijn Pronk van het Rijks. Arts & Culture bereikt online meer dan veertig miljoen mensen per jaar. De site van het Rijksmuseum trekt jaarlijks zes miljoen bezoekers.

Ook Catrien Schreuder, hoofd educatie van Museum Boijmans Van Beuningen, uitgebreid aanwezig op Arts & Culture, noemt het bereik de belangrijkste reden om met Google te werken. „Het is een soort uithangbord voor de collectie, een andere manier om met onze collectie naar de mensen toe te gaan.”

Rechten
De musea zijn niet bang dat mensen wegblijven omdat de schilderijen ook thuis te bekijken zijn. „Het werkt juist omgekeerd, stelt Schreuder. „Bekend maakt bemind. Hoe meer mensen onze werken kennen, hoe meer er het museum willen bezoeken. De ervaring van het echte werk zien, dat blijft toch iets heel anders dan zo’n haarscherpe digitale kopie.”

De database van Arts & Culture bestaat voornamelijk uit oudere kunstwerken: van Piet Mondriaan (1872-1944) zijn bijvoorbeeld maar vijf kunstwerken te vinden, van Rembrandt (1606-1669) meer dan 2.600. Op recente kunstwerken rusten vaak nog rechten. Het Stedelijk Museum Amsterdam neemt om die reden nog niet deel. „Zolang een kunstenaar niet zeventig jaar dood is, ligt het beeldrecht nog vast”, zegt Annematt Ruseler namens het Stedelijk Museum. Het museum onderzoekt nu welke beelden er wel al vrij van rechten te gebruiken zijn. „Een behoorlijke klus.”

Toestemming vragen

Boijmans Van Beuningen heeft in de Street View-versie van het museum een aantal schilderijen met een waas bedekt. „Dat zijn kunstwerken uit de eigen collectie waarop nog rechten liggen, of werken uit een andere collectie. We zijn er niet aan begonnen alle bruikleengevers toestemming te vragen.”

De afbeeldingen die het Rijksmuseum in de Google kunstdatabase plaatste, bevonden zich dan ook al allemaal in het publieke domein, zegt Martijn Pronk van het Rijksmuseum. „Die afbeeldingen worden dan ook gene eigendom van Google, de rechten waren al vrij. Dat ligt iets anders bij de Street View-opnames van het interieur: die zijn wel van Google.” Wat het bedrijf daarmee op de lange termijn kan en wil doen is niet duidelijk. „Er is wel over gediscussieerd of het goed is op deze schaal foto’s van je interieur af te staan”, zegt Pronk. „Maar het toegankelijk maken van de kunstwerken weegt voor ons zwaarder.”