Een buitenstaander ontlokt zinsbegoochelingen

Felix is veranderd. Hij lag maandenlang in coma, is gedesoriënteerd ontwaakt en noemt zich daarom nu ook Anders. Hij is zijn herinneringen kwijt, zijn zintuigen, zijn gevoel voor verhoudingen, voor goed en kwaad.

Anderen zien hem ineens als buitenstaander. Immers: wanneer iemand zich anders voelt heeft dat niet alleen effect op hemzelf, maar ook op de mensen om hem heen – en daardoor weer op hemzelf. Die kluwen van gevolgen van het buitenstaanderschap laat de Duitser Andreas Steinhöfel (1962) op vele niveaus zien, in zijn jeugdroman Anders. Dat doet hij zo slim en begaafd dat de roman tot de beste jongerenliteratuur over buitenstaanders hoort, ergens op het snijvlak van de verlosserstragedie Lucas (2004) van de Brit Kevin Brooks en de levenspaniek van Meg Rosoffs Het toevallige leven van Justin Case (2007).

We beschouwen buitenstaander Felix/Anders steeds, toepasselijk, vanuit de mensen rondom hem, zijn ouders, vrienden, dorpsgenoten: ze zijn in Steinhöfels verhaal allemaal boeiende, gelaagde personages, die ons naar Felix toe zuigen. Bij hen kan alleen al Felix’ aanblik leiden tot proustiaanse zinsbegoochelingen: ze dichten hem bovenmenselijke kwaliteiten toe. Die toedichting is deels terecht: er kan een beuk op Anders’ hoofd vallen en hij heeft slechts schrammetjes.

Hoe dat kan? Steinhöfel heeft gevoel voor de magie van de realiteit. Hij rijgt de ene eigenaardigheid aan de andere, verdiept en verweeft het verhaal met een lokale volksmythe en laat zijn zinnen soms hallucinant-filosofisch ontsporen. Zo tasten we met de omstanders én met Felix zelf mee naar zijn identiteit – en daarmee neemt Steinhöfel zijn lezers en zijn literatuur buitengewoon serieus.

Dat hij de roman afrondt met een thrillerachtige plot rond een brand in een kippenren, voelt dan misschien wat al te aards. Maar dat is Steinhöfel vergeven: de ontknoping is en blijft een scherpe culminatie van het buitenstaandersthema en de onzekerheid over goed en kwaad. En het onthechte gevoel van die geestverruimende leesmomenten, dat beklijft.