Ria heeft een Syrische buurvrouw

Bij de schoonmaakmiddelen, onbegrijpelijk goedkoop, kijkt Ria me aan alsof ze een verrassing voor me heeft. „De nieuwe buren zijn gekomen”, zegt ze. „Vorige week vrijdag waren ze er opeens.” Ze is in de Action voor een nieuwe zeem van 3,99 euro – „echt leer, voel maar” – en om te dromen van de friteuse die ze hier verkopen. Bakt zonder vet, goed voor de lijn. Kost 49,99 euro, maar toch te duur voor haar.

„Hoe zijn ze?”, vraag ik.

„Keurige mensen. Ze hebben al wat plantjes in de tuin gezet, geraniums, dezelfde als wij. Ik denk” – Ria hangt de zeem toch maar weer terug – „dat ze naar onze tuin gekeken hebben en dachten: hé, dat is leuk.”

Syrische vluchtelingen. Eerder heeft ze me verteld hoe ze over haar hele lijf begon te beven toen ze het hoorde, nachtenlang heeft ze er slecht van geslapen. Haar zuster is jaren geleden verhuisd vanwege haar islamitische benedenburen. Die slachtten schapen in de kelderbox. En een lawaai dat ze maakten.

‘Ik zag ze uit het busje stappen”, zegt Ria. „Een oude vrouw, een jonge man en een kind. Dat kind bleek het neefje van die man te zijn, en die vrouw is zijn moeder.”

„Je hebt dus kennis met ze gemaakt”, zeg ik.

„Nou ja”, zegt ze. „Ik dacht: zij hebben geen gordijnen en wij hebben nog luxaflex op zolder liggen.” Haar man had ze schoongemaakt en bij hen opgehangen. De volgende dag waren ze uitgenodigd voor een kopje koffie. Ria trekt een brede grijns en doet voor hoe ze rondom de tafel op hun allervriendelijkst naar elkaar hadden zitten knikken. „Wat moet je anders als zij geen Nederlands kunnen en wij geen Arabisch?”

Alleen het neefje kan zich al een beetje verstaanbaar maken, en Ria zou willen weten waar zijn ouders zijn, maar ze durft het niet te vragen. „Ze kunnen wel eh...” Ze staat bij de knutselspullen en pakt een doos Mickey Mousestickers, 1,99 euro. „Nou ja, ik bedoel eh... In elk geval, mijn kleinzoon heeft zijn voetbal aan hem gegeven en volgende week gaan ze met mijn man samen vissen.”

Dus kwam de buurvrouw haar een schaaltje rijst in groene bladeren brengen – „heel vies, maar dat heb ik niet gezegd” – en vanochtend stond ze vanuit haar slaapkamerraam ‘oehoe, oehoe’ naar Ria te roepen en naar de vensterbank beneden te wijzen. „Had ze er een paar beeldjes neergezet, net als bij mij. Staat heel leuk, hoor.”

Ze draait de doos met Mickey Mousestickers een paar keer rond en zet die dan toch ook maar weer terug. „De vrouw van de buurman en hun kinderen zitten in een kamp in Turkije”, zegt ze. „Daar maak ik me wel een beetje zorgen over. Dat de gezinnen van al deze mensen ook nog naar Nederland komen. Dan worden het er wel heel veel, hoor.”

Jannetje Koelewijn (j.koelewijn@nrc.nl) vervangt deze weken Jutta Chorus.