Kahn betaalde half miljoen voor merknaam V&D

Faillissement

De opbrengst van de verkoop van de merkrechten voegt weinig toe aan de boedel van de curatoren van de failliete warenhuisketen.

De vestiging van V&D in Hilversum sloot begin dit jaar voorgoed de deuren na het faillissement van de winkelketen. Foto Jerry Lampen/ANP

Een half miljoen euro. Zoveel bleek het merk V&D uiteindelijk toch nog waard.

Na een maandenlange zoektocht naar een koper van de failliete warenhuisketen zag geen enkele partij een doorstart van V&D zitten. Uiteindelijk verkochten de curatoren de merkrechten van V&D vorige maand alsnog aan CoolCat-oprichter Roland Kahn, zijn zakenpartner Jaco Scheffers en oud-Hema-baas Ronald van Zetten. Zij zetten V&D voort als webshop.

Het drietal wilde niet zeggen hoeveel ze hadden betaald voor de merkrechten, maar in het tweede faillissementsverslag over V&D, dat de curatoren woensdagochtend hebben gepubliceerd, staan wel financiële details over de deal. De ondernemers hebben 500.000 euro betaald. Daarnaast gaat de helft van de winst die ze tot november maken naar de curatoren. Als de winst dan tegenvalt en lager uitkomt dan 4 miljoen euro, wordt deze periode met nog eens een half jaar verlengd.

La Place bracht zestigvoudige op

Die half miljoen is voor de curatoren natuurlijk mooi meegenomen, maar maakt weinig indruk in vergelijking met andere bedragen. Zo ontvingen de curatoren het zestigvoudige voor de merkrechten van La Place, de restaurantketen van V&D. Supermarktketen Jumbo legde daar in februari 30 miljoen euro voor neer. Aan de boedel van de curatoren – het totaalbedrag dat zij sinds het faillissement voor de schuldeisers hebben opgehaald – voegt de half miljoen euro van Kahn en de rest verhoudingsgewijs ook niet bijster veel toe.

In die boedel zit zo’n 54 miljoen euro, zo blijkt uit het verslag van de curatoren. Dat geld is een optelsom van het geld dat V&D nog in kas had (8 miljoen), de opbrengst van de winkelverkopen na het faillissement (44 miljoen), debiteuren die na het faillissement nog facturen betaald hebben (een kleine 2 miljoen) én die half miljoen voor de merkrechten. In de boedel van La Place zit 71 miljoen euro.

Veel meer geld komt er voor de schuldeisers waarschijnlijk ook niet meer bij, zegt curator Kees van de Meent in een toelichting aan de telefoon. „We hebben nu het grootste deel te gelde gemaakt van wat te gelde gemaakt kon worden.”

Dat is nooit genoeg om alle schuldeisers hun geld terug te geven, want dat zijn er nogal wat. Allen willen geld zien en hebben daartoe in totaal 2.175 vorderingen ingediend – tot nu toe. Er komen nog „dagelijks” nieuwe bij, schrijven de curatoren in hun verslag. Aan hen de taak het geld in hun boedel eerlijk te verdelen.

De grootste schuldeiser is eigenaar Sun Capital, het private-equitybedrijf uit Florida dat V&D in 2010 voor 50 miljoen euro kocht. Behalve eigenaar was Sun op het laatst ook V&D’s ‘bank’. In die rol heeft Sun leningen aan de warenhuisketen verstrekt en zogeheten pandrechten gekregen op bijvoorbeeld voorraden. Sun vindt daarom dat het recht heeft op 80 miljoen euro uit de boedel, blijkt uit het verslag.

Curator Van de Meent voorziet echter nu al dat Sun dat bedrag niet helemaal terug zal krijgen, hoewel naar verwachting wel een „substantieel deel”.

Maar eerst onderzoeken de curatoren of het wel terecht is dat Sun die pandrechten heeft geclaimd – dus of het wel of geen recht heeft op de gevraagde miljoenen.