Onvoorbereid, maar als ze naar Rio mogen, staan ze wel klaar

Waterpolo

De Nederlandse vrouwenploeg mag vanwege het Russische dopingschandaal mogelijk alsnog naar Rio. Bondscoach Arno Havenga zoekt op vakantieplekken naar zijn speelsters.

Bondscoach Arno Havenga van de Nederlandse waterpolovrouwen tijdens het olympisch kwalificatietoernooi afgelopen maart in Gouda. Daar wist zijn ploeg zich niet te plaatsen voor de Spelen van Rio. Foto Koen van Weel/ANP

Amarens Genee is het moeilijkst te bereiken. Zij is op vakantie in Scandinavië. Zonder telefoon. De andere speelsters van de Nederlandse waterpoloploeg waren wel bereikbaar op hun vakantieadres, of ze zijn gewoon thuis. „Ik hoop ze woensdag, uiterlijk donderdag in Zeist te hebben voor de eerste training”, zegt bondscoach Arno Havenga. Hij betwijfelt of ze echt gaan, naar Rio, maar misschien is dat vooral om zichzelf en zijn speelsters te beschermen tegen nóg een teleurstelling.

Hij zat dinsdag een paar uur lang klaar om de groepsapp van zijn selectie weer te activeren met een Rio here we come, maar het geduld van Havenga en zijn vrouwenteam wordt nog enkele dagen op de proef gesteld. „Het wordt een moeilijk verhaal”, zegt hij zodra bekend wordt dat het IOC de beslissing over een Russische uitsluiting heeft uitgesteld.

Maar stel, Rusland wordt geweerd uit Rio, dan is Nederland erbij, als eerste reserve. En die kans wil Havenga niet laten lopen. „Je bent gek als je dit negeert. Liever te veel dan te weinig trainen.”

Deens voetbalelftal

Er is haast geboden. Als het doorgaat, dan wordt de olympisch kampioen van 2008 over anderhalve week in Rio verwacht. Ongetraind, onvoorbereid en zeker niet honderd procent fit. Sportief gezien ongekend voor een serieuze olympische campagne. Maar werden de Deense voetballers ook niet Europees kampioen in 1992, toen het land tien dagen voor het toernooi werd opgeroepen wegens de terugtrekking van Joegoslavië? „Ik heb vandaag al van iemand een linkje gekregen over dat EK”, lacht Havenga, fervent voetbalfan.

Maandagmiddag, zegt Havenga, na de publicatie van het rapport-McLaren waarin de systematische Russische dopingfraude wordt beschreven, pakte hij het wedstrijdschema van Rio er maar eens bij. Australië, op 9 augustus, zou de eerste tegenstander zijn. „Ja, natuurlijk heb ik dat bekeken. In de poule zitten ook Italië en Brazilië.”

Het zou een wonderbaarlijke ontsnapping zijn voor de ploeg die in maart zo dramatisch de olympische droom had vergooid, nota bene in Gouda. Nadat Nederland in januari de eerste kans op Rio had gemist door onverwacht verlies in de EK-finale in Belgrado tegen Hongarije, eindigde de ploeg in het olympisch kwalificatietoernooi in het Groenhovenbad als vijfde in plaats van vierde. Ontroostbaar waren ze, de vrouwen die kort daarvoor nog zilver haalden op het WK in Rusland.

Wel trainen, niet te hard van stapel

Ook al is er drie weken voor de Spelen nog steeds geen zekerheid, vanaf woensdag zwemmen ze weer in het nationale trainingscentrum in Zeist. „Als het doorgaat kunnen we trainen tot en met volgende week zaterdag. Wel met een rustdag ertussen, want je wilt geen blessures krijgen. Of ik ze woensdag allemaal al in Zeist heb weet ik niet, maar donderdag wel.”

Het is even zoeken naar zijn speelsters, die na het waterpoloseizoen uitwaaierden over Europa. „Volgens mij zit Vivian Sevenich in het buitenland, Debbie Willemsz ook, maar dat weet ik niet helemaal zeker. Maud Megens is net terug, dacht ik. Ik hoop – voor ons en voor haar – dat we Amarens Genee in Scandinavië kunnen bereiken. Maar het schijnt dat haar zus dat kan, via de telefoon van haar vriend.”

Mocht het allemaal doorgaan, dan zou de ploeg rond 2 augustus naar Rio kunnen vliegen. Havenga: „Maar ik vraag me af of ze het durven, zo’n beslissing. Ik vind het wel terecht, ja. Ervan uitgaande dat dat systeem voor de hele Russische ploeg geldt, dan gaat er dus een ploeg naar Rio die zich op oneerlijke wijze heeft gekwalificeerd. Dan is het terecht dat de eerstvolgende gaat. Dit zou niet de leukste manier zijn om je te kwalificeren voor zo’n toernooi. En het is ook niet de leukste manier om je voor te bereiden. De lol, de energie die je erin steekt, de ellende die het ook met zich meebrengt – dat is ook de charme van zo’n olympisch toernooi. Maar als we gaan, zul je dit je leven nooit meer vergeten. En je zult het ook nooit meer meemaken.”