De rapper die zegt dat hij rappen haat

Interview Schoolboy Q (29) sleept je op zijn nieuwe album de uitzichtloze realiteit van zijn jeugd in. De Amerikaan is een van de sterkste straatrappers van het moment, maar rapt vooral uit economische noodzaak. ‘Ik kan niet tien jaar in een cel zitten. Ik hou die gangstershit niet vol.’

Foto Andreas Terlaak

Quincy ‘Schoolboy Q’ Hanley (29) uit Los Angeles is geen geboren rapper. „Ik haat rappen”, zegt hij op het kantoor van zijn platenmaatschappij in Londen. „Ik haat raps schrijven. Ik hou niet van het werken aan een album. Je voelt druk, je bent kwetsbaar en stelt jezelf steeds vragen: ‘Moet dit naar buiten? Ben ik mans genoeg het hierover te hebben?’ Het voelt als werk.”

Vooral het begin van een nummer staat hem tegen, zegt Schoolboy Q – een van de sterkste straatrappers van dit moment. „Nadenken over het concept, over eerlijkheid en of mensen het gaan waarderen. Na acht tekstregels begin ik er een beetje plezier in te krijgen. Wanneer na uren, dagen, maanden, jaren het album eindelijk klaar is, is het een zucht van verlichting. Dan pas kan ik ervan genieten.”

Rap is geen passieproject voor Schoolboy Q. Het was een laatste strohalm om zijn leven op orde te krijgen. Hij zat in 2007 zes maanden vast voor een overval op een huis – een inbraak die serieuzer werd nadat de bewoners thuis bleken te zijn. „Het is niet dat ik de deur intrapte, ofzo.” Zijn straf was laag omdat hij geen wapen bij zich had en voor het eerst in aanraking kwam met Justitie. „En ze konden ook niet bewijzen dat ik bij een gang zat.” Maar voordat de rapper een akkoord sloot, hing hem een straf tot tien jaar boven het hoofd. „Dat vooruitzicht was wat ik nodig had om mijn leven om te gooien. Mijn dochter is nu zeven”, zegt hij. „Als ik zie hoeveel ze heeft gedaan en geleerd; ik kan me niet voorstellen hoe het is al die tijd in een fucking kooi te zitten. Ik kan niet tien jaar in een cel zitten. Ik hou die gangstershit daar geen tien jaar vol. Ik zou breken en huilen en alles. Ik zou gek worden.”

Na je straf blijf je misdadiger

Na zijn straf had Schoolboy Q een zware misdaad en twee strikes op zijn naam. Een normale baan vinden, lukte niet. Het is een situatie waarin veel van zijn vrienden zitten, vertelt hij. „Ze hebben hun straf uitgezeten, maar de overheid registreert ze als misdadigers waardoor ze nergens aan de bak komen. Als ik niet was gaan rappen, weet ik niet waar ik nu zou zijn. Niemand wilde me aannemen. En ik kan mijn familie niet onderhouden van een tienerbaantje voor acht dollar per uur.” Hij hing rond met de rappers van Top Dawg Entertainment en begon zes jaar geleden wat te verdienen als achtergrondrapper voor Kendrick Lamar. Schoolboy Q groeide uit tot een ongecompliceerde artiest die de luisteraar inmiddels al een paar topalbums lang met trage raps de uitzichtloze realiteit insleept waarin hij opgroeide, en waarin zijn vrienden nog steeds overleven. Rechtstreeks naar 51st Street, bij Figueroa en Hoover Street, waar hij zich als 12-jarige jongen aansloot bij de sinds de jaren zeventig actieve bende 52 Hoover Gangster Crips.

Op zijn sterke, nieuwe Blank Face LP zet hij direct de toon: ‘Minderjarig/ wiet roken/en alcohol/oma veegt de patronen van de oprijlaan.’ Schoolboy Q is een beeldende schrijver, geïnspireerd door grote verhalenvertellers in de hiphopscene als Nas en Ghostface Killah. Ook in de korte films in aanloop naar zijn album, staat een door drugs, wapens, gangs en politieklopjachten ontwrichte werkelijkheid centraal. De rapper en zijn vrienden rennen voor politie en honden, duiken in de buurt onder, overvallen zonder helder plan een schimmig pandjeshuis, genieten kort van wegwerpwelvaart als Rolexen en belanden in de bak. Schoolboy Q brengt zijn dochter naar de schoolbus. Zijn dochter zet hem op transport naar de gevangenis.

Het is een bekend universum maar Schoolboy Q geeft er met gevoel voor detail een unieke, felrealistische draai aan. Het is geen speelfilmwerkelijkheid. Hij kiest zonder pardon het perspectief van de gangsters en dealers naar wie hij vroeger opkeek, maar neemt ook kritische afstand („Crips en Bloods zijn de oude en de nieuwe slaven”). Hij is geen poseur. „Ik heb gevechten gewonnen en verloren, ik ben bestolen en heb dingen gestolen. Wanneer je mij hoort rappen over Crips en Bloods, vertel ik je waar ik vandaan kom.”

Voormalige drugsverslaving

Hij houdt niet van rappers die alleen negativiteit verspreiden, zegt hij. Hij maakte zelf indruk met een track over hoe zijn voormalige drugsverslaving zijn sociale leven vernietigde, maar is fel tegenstander van rappers die doen alsof ze drugsverslaafd zijn „alleen maar omdat iedereen dat nu doet. Ik rap over mijn leven; niet om negatieve energie te delen. Maar ik haat volledig positieve rappers net zo goed. ‘Ik ben zo positief! Ik kan niets fout doen! Ik poets mijn tanden twee keer per dag!’ Nerd-rappers die je vertellen wat ze op het nieuws zien in plaats van over wat ze zelf meemaken.”

Als jongetje wilde hij politieagent worden, vertelt de rapper. „Net als ieder ander kind. Maar een paar maanden later was ik al voor de politie aan het vluchten, ramen aan het inslaan en dingen aan het stelen. En na mijn straf zou ik geen agent meer kúnnen worden. Als ik niet in Californië zou wonen, mocht ik niet eens stemmen.” Hij groeide op met de politie als vijand. „Ze kijken anders naar ons, ze veroordelen ons. Er zijn ook agenten die gewoon hun werk goed willen doen. Maar de meesten zijn klootzakken. Zo worden we opgevoed: fuck niet met de politie.”

Jarenlang vluchtte Schoolboy Q voor de politie. „Soms rennen we wanneer we niets gedaan hebben, omdat we bang zijn dat zíj iets gaan doen. Of omdat we in onze proeftijd niet in aanraking mogen komen met politie. Maar mensen kunnen veranderen. Je kunt niet bevooroordeeld zijn als agent. Jij hebt voor deze baan gekozen. Je wéét dat niet alle zwarte mensen roven, stelen, oplichten en moorden. Dat iemand een tatoeage heeft of een blauwe hoed draagt, maakt hem nog geen misdadiger. Geef ons ook wat ruimte.”