Het trotse Turkse leger heeft een genadeklap gekregen

Machtsstrijd De Turkse generaals waren door president Erdogan al getemd. Nu lijden ze nieuw prestigeverlies.

Kleren en wapens van soldaten die zich na de mislukte staatsgreep hebben overgegeven, liggen op de brug over de Bosporus. Foto Gokhan Tan/Getty Images

Het Turkse leger was tot vrijdagavond de nationale trots. Groot, machtig en iedereen wist waar de troepen voor stonden. Het leger zorgde voor de eenheid van het land. Waar politici nog wel eens zwalkten, was de legerleiding in ieder geval duidelijk: Turkije is een seculiere republiek waarin iedereen Turk is en Turks spreekt. Minderheden moeten niet meer willen dan dat. Anders zullen ze het voelen. Het leger is nationalistisch.

Het leger was ook professioneel. Turkije was in 1952 een van de eerste landen die toetraden tot de NAVO. De Turkse republiek geeft veel geld uit aan defensie, in 2015 ruim 15 miljard dollar. Meer dan de ‘NAVO-norm’ van 2 procent van het bruto nationaal product.

Het Turkse leger is groot. Met ongeveer 640.000 man (dienstplichtigen en beroepsmilitairen bij elkaar) in 2015 is het na de Verenigde Staten het grootste leger binnen de NAVO. En het Turkse leger is getraind.

De militairen, dienstplichtigen en beroepsmilitairen, worden frequent ingezet. In tegenstelling tot de meeste NAVO-legers gebeurt dat vooral in eigen land en tegen eigen burgers. Het afgelopen jaar is weer intensief gevochten tegen het Koerdische guerrillaleger PKK. En tegen Koerdische opstandelingen en Islamitische Staat in Syrië en Irak. Turkse F-16’s bombarderen met grote frequentie doelwitten in Noord-Irak, waar de PKK bases heeft. Speciale eenheden kammen woonwijken uit op zoek naar terroristen en boobytraps.

Een vernederend proces

Tot 2011 was het leger ook oppermachtig. Als een regering geen orde kon houden of in de ogen van de generaals te religieus was en de scheiding van kerk en staat bedreigde, grepen ze in. In 1980 voor het laatst met tanks door de straten, zoals vrijdagavond opnieuw is geprobeerd.

Het leger herschreef na 1980 de grondwet en gaf zichzelf veel macht, en het parlement weinig. Het is een erfenis waar Turkije nog altijd mee worstelt. Met grote steun van de bevolking en aangemoedigd door de EU hebben de regeringen-Erdogan er sinds 2002 voor gezorgd dat het leger onder het bevel van de regering is gekomen. Na een reeks massa-arrestaties en omstreden rechtszaken tegen de legertop nam die legertop in 2011 demonstratief ontslag. De tijd was voorbij dat de generaals zich gedragen als de echte bazen van het land.

Het temmen van het leger door de regering was een vernederend proces, maar de reputatie van het instituut bleef overeind. Het leger was nog altijd een machtsfactor. Samen met een deel van de juridische macht vertegenwoordigden de militairen het oude establishment en boden tegenwicht aan de door Erdogan gedomineerde regering.

De gebeurtenissen dit weekend lijken de genadeklap in die machtsstrijd. Het leger liet zich van haar slechtste kant zien. Hoewel het bezetten van bruggen en een luchthaven er aanvankelijk indrukwekkend uitzag, hebben Turken van hun roemruchte leger hogere verwachtingen. Dit was een slecht doordacht plan met onduidelijke doelen van een verdeeld leger zonder duidelijke leiding. De uitvoering was dermate knullig dat het er bij een deel van de burgers niet in wil dat dit hún militairen waren die probeerden de macht te grijpen.

President Erdogan zag een unieke kans om de machtsstrijd te beslechten. Zaterdag werden duizenden militairen en juristen opgepakt.

„We kunnen verwachten dat hij dit als een excuus gebruikt om genadeloos de dunne ruggengraat van de oppositie te pletten en voor eens en altijd de rug van het leger te breken (…)”,

voorspelt hoogleraar Turkse Studies Jenny White van de Universiteit van Stockholm in een opiniestuk op CNN.

Toen de volkswoede vrijdagavond toenam en door politici werd aangezwengeld, lieten de coupplegers zich gemakkelijk overmeesteren. Het leverde unieke beelden op van Turkse militairen die zich in groepjes overgaven. Sommigen werden gelyncht. Politici en burgers noemden ze landverraders. Van nationale trots op het leger was geen sprake. Zaterdag waren tanks om op te klimmen, en voor het maken van historische selfies.