Onstuimig schaakplezier

Niet alle spreuken van Johan Cruijff begreep ik, maar ik was onder de indruk toen ik las wat hij als coach in 1992 gezegd zou hebben tegen de spelers van Barcelona, voordat ze het gras van het Wembley stadion in Londen betraden voor de finale van de Europa Cup I: „Ga naar buiten en geniet.” Dat is groots, op zo’n gewichtig moment.

Veel profschakers zullen zich wel eens hebben afgevraagd of ze nog genoten van het spel. Was het nog wel een spel, of was het een duivelsplicht van routinehandelingen geworden, en had het schaken nog wel iets gemeen met het ‘steeds wenkend en steeds wijkend wonderland’ van hun jeugd?

Als je de vaak buitengewoon avontuurlijke partijen van oud-wereldkampioen Vladimir Kramnik ziet, lijkt het zonneklaar dat hij aan het schaakbord komt om te genieten. Zo was het in zijn jeugd, maar zo was het niet rond 2000, het jaar dat hij wereldkampioen werd door Garry Kasparov te verslaan. In die tijd was hij vooral een technicus.

In een interview zei Kramnik vorig jaar dat het een een bevrijding was geweest toen hij in 2008 zijn titel voor de tweede keer kwijtraakte. Hij kon weer vrijuit spelen, en dat gaat hem goed af. Hij is nu, 41 jaar oud, tweede op de wereldranglijst.

Dezer dagen speelt Kramnik in het Sparkassentoernooi in Dortmund. Op eigen erf, want hij heeft dat toernooi in het verleden al tien keer gewonnen. Het zal deze keer met concurrenten als Fabiano Caruana en Maxim Vachier-Lagrave niet makkelijk zijn.

Het schaakplezier spat er van af in Kramniks partij uit de derde ronde. Eerst twee stukoffers en daarna een dameoffer. Je kunt achteraf met computerbijstand sterk vermoeden dat het laatste offer dubieus was, maar in feite doet dat er niet toe. Kramnik speelde geweldig en zijn tegenstander Rainer Buhmann, die in de kritieke fase met nog een minuut op de klok stand hield, eigenlijk ook.

Vladimir Kramnik- Rainer Buhmann, Dortmund 2016

1. e4 e6 2. d4 d5 3. Pc3 Pf6 4. e5 Pfd7 5. f4 c5 6. Pf3 Le7 7. Le3 b6 8. Dd2 0-0 9. h4 Pc6 10. Lb5 Dc7 Interessanter dan 10...Pxd4, wat wit een duidelijk voordeeltje geeft. 11. 0-0-0 a6 12. Ld3 f5 Na meteen 12...c4 zou het standaardoffer 13. Lxh7+ Kxh7 14. Pg5+ wit een winnende aanval geven en na 12...f6 heeft wit met 13. Pg5 een sterk stukoffer. 13. g4 c4 14. gxf5 De harde aanpak, ook nu offert wit een stuk. 14...cxd3 15. fxe6 Pdb8 16. Pxd5 Dd8 17. Pxe7+ Pxe7 18. Pg5 h6 19. Dxd3 Een tweede stukoffer. 19...hxg5 20. hxg5 Lxe6 21. Dh7+ Kf7 22. d5 Lf5 Ondanks zijn tijdnood vindt zwart de enige zet. Alle manieren om op d5 te slaan zouden snel verliezen. 23. e6+ Dit is niet het beste. Na 23. Dh5+ Lg6 24. De2 zou zwart het heel moeilijk krijgen. 23...Ke8 24. Dxg7 Dc7 25. Th2 Pxd5

Zie diagram

26. Dxf8+ Goed of slecht - eerlijk gezegd denk ik dat het niet goed is - dit is een geweldige zet. Na twee stukoffers komt nu een dameoffer. 26...Kxf8 27. Txd5 Lh7 Waarschijnlijk was 27...Lg6 beter. 28. b3 Wat een rust, wat een beheersing. Met een enorme materiële achterstand doet wit een stille zet. 28...Ke8 29. g6 Dit forceert remise. Nog een stille zet met 29. Kb2 zou wel erg driest zijn. 29...Lxg6 30. Th8+ Ke7 31. f5 Lxf5 32. Txf5 Dc3 33. Lg5+ Kxe6 34. Tf6+ Dxf6 35. Lxf6 Kxf6 Het eindspel is remise. 36. Th6+ Ke5 37. Txb6 Kd5 38. Kb2 Pc6 39. a3 Kc5 40. Tb7 Tg8 41. Th7 Tg2 42. Th5+ Kd6 43. Kc3 Tg3+ 44. Kb2 Tg2 45. Kc3 Tg3+ 46. Kb2 Tg2 Remise.