Hollande zei vast niet wat hij wilde zeggen in die tv-speech

Oorlogstaal, vindt Huib Hudig, die onrecht doet aan de complexe achtergrond van terrorisme.

Illustratie Cristina Sampaio

Op ‘Quatorze Julliet’ vond een afschuwelijke aanslag in Nice plaats waarbij meer dan tachtig mensen om het leven kwamen. De gebeurtenis dompelde Frankrijk in diepe rouw en schokte de wereld. De volgende ochtend reageerde president Hollande met een strijdvaardige televisietoespraak. Hij zei: „Niets zal ons tegengehouden in onze vastberadenheid om het terrorisme te stoppen en we gaan onze acties in Irak en Syrië versterken. We zullen de mensen die ons aanvallen op ons territorium aanvallen in hun eigen land.”

Hollande duidde de aanslag meteen als een externe daad, die met geweld beantwoord dient te worden. Terwijl het geen IS-strijder was, die met bomgordels per rubberboot de Middellandse Zee was overgestoken. Net als bij eerdere aanslagen in Europa was de dader, naar verluidt een in Nice woonachtige Tunesiër, iemand uit de eigen bevolking. Dat maakt het gebeurde angstwekkender, want als iemand ertoe in staat is in Nice, waarom dan niet in iedere stad in Frankrijk, of in een ander Europees land? Dat zijn de vragen die veel burgers binnen en buiten Frankrijk ’s nachts wakker houden. Vragen waar een leider antwoord op zou moeten geven.

Dat deed Hollande niet, zoals hij dat ook naliet in zijn speeches na de aanslagen in Parijs, wat hem op felle kritiek kwam te staan van David van Reybrouck. De Vlaamse schrijver verweet Hollande met zijn oorlogstaal in dezelfde val te trappen als Bush, die zorgde voor verdere escalatie. Van Reybrouck refereerde aan de Noorse premier Stoltenberg – hij pleitte na de aanslag op Utøya juist voor „meer democratie, meer openheid, meer participatie”.

Waarom hield Hollande deze kortzichtige speech? Nu is het ook niet makkelijk om in zijn schoenen te staan. De minst populaire president uit de geschiedenis. Frankrijk: een land in crisis, opkomend rechts, sociale onrust, een verloren EK finale. En dan dit.

Hoe kwam die speech tot stand? Vanuit mijn ervaring als politiek speechschrijver stel ik me er zoiets bij voor:

„Meneer de president! Er is een aanslag geweest, in Nice!”

„Mon dieu. Alweer. Wat verschrikkelijk, die arme mensen.”

„U moet het volk toespreken!”

„Ja, dat klopt. Dat moet. Maar wat zal ik zeggen?”

„Maakt niet uit, meneer de president! Als het maar ferme taal is. Zeg dat we Irak en Syrië gaan bombarderen!”

„Maar dat slaat nergens op, dit was een inwoner uit Nice. Dat is juist het vreselijke. Het is iemand van ons.”

„Hoe bedoelt u ‘van ons’? Hij is in Tunesië geboren.”

„Ja maar hij woont in Nice. Het hadden duizenden anderen kunnen zijn… We zouden een nationale dialoog aan moeten gaan, een stap naar elkaar toe zetten.”

„Dat gaat u hopelijk niet zeggen, daar zit niemand op te wachten. De rechtse partijen streven ons op alle fronten voorbij. Hou het simpel. Kort maar krachtig. Kom op, vite!”

„Oké…”

Waarschijnlijk wilde Hollande de rust binnen de samenleving bewaren, en mensen erop voorbereiden dat er nog meer aanslagen zullen volgen. Politieke overwegingen zullen een rol spelen, nu rechts en extreemrechts links uit de politiek lijken te verdringen. Hij moet sterk zijn. Frankrijk is sterk!

Hollande had ook een andere lijn kunnen kiezen. Niet alleen krachtige maatregelen aankondigen, maar ook oproepen tot reflectie, een moment van nationale bezinning en dialoog. Wie zijn we? Wat betekenen vrijheid, gelijkheid en broederschap voor ons?

Maar dan zou hij ook moeten ingaan op die andere, veel ingewikkeldere vragen. Wat drijft iemand uit onze eigen samenleving tot het plegen van zo’n daad? En hoe voorkomen we dat meer jongeren, die op zoek zijn naar identiteit en zelfrespect en vaak leven in uitzichtloze situaties, radicaliseren? En, als we toch bezig zijn: hoe gaan we om met de mensen die een daad als deze niet goedkeuren, maar hem ook niet veroordelen? Geen van de Europese leiders durft op die vragen in te gaan, ook Hollande niet.

En ik begrijp het. Ik weet het ook niet. Bovendien, wie zit er vandaag nog te wachten op politici die duiden hoe ingewikkeld de problemen zijn? Voor je het weet komt Trump, Wilders of Le Pen je van je stoel trappen. Als ik die speech voor Hollande had moeten schrijven, had ik ook niet geweten hoe je dit even in een paar pakkende oneliners samenvat.

Toch zijn het vragen waarvoor we onze kop niet in het zand kunnen blijven stoppen. De trieste realiteit is dat Hollande, of zijn opvolger, zeer waarschijnlijk nog een herkansing zal krijgen. De ‘plaag van terrorisme’ zal voorlopig een onderdeel blijven van onze levens. Hoeveel bommen we ook gooien op Syrië en Irak.

Ook al is het politiek gezien onaantrekkelijk, uiteindelijk zullen we onszelf die lastige vragen moeten stellen. Hoe gaan we met elkaar om, met al onze verschillen? Wat kunnen we samen doen aan het probleem van segregatie? Wat kun jij als burger doen?

Laten we hopen dat Hollande en de andere Europese leiders die stap snel durven te maken.

Huib Hudig, directeur Speak to Inspire en auteur van Het Speechboekje, een inspirerende speech in 10 stappen