Frankrijk is de wanhoop nabij

Na de bloedige aanslag in Nice sloeg president Hollande opnieuw strijdbare taal uit, maar zijn woorden beginnen sleets te worden.

Een dag na de aanslag wordt gerouwd op de Promenade des Anglais, vlakbij de plaats waar een vrachtwagen op de menigte inreed. Foto AP/ Francois Mori

Aan de Promenade des Anglais is het zelden stil. Het verkeer raast er 24 uur per dag voorbij, tot diep in de nacht klinkt uit de strandtenten en hotels muziek en toeristen uit de hele wereld praten er meestal net iets te hard om boven het andere lawaai uit te komen. Maar vrijdagmiddag is het ijzig stil. De beroemde boulevard die Nice van de Middellandse zee scheidt is al de hele dag verboden voor verkeer. Je hoort nu de golven tegen de rotsen slaan. En dat is een rare gewaarwording, vindt de 32-jarige verpleegkundige Emilie. „Ik wilde naar de zee komen luisteren”, fluistert ze. Waarom?

„Omdat ik even geen meningen meer wilde horen.”

Als ze op de stoep bloedvlekken ziet met daarin de afdruk van een sportschoen, barst ze in tranen uit. Ze is naar deze plek gekomen om beter te begrijpen wat zich donderdagavond heeft afgespeeld, vertelt ze. Ze hoefde niet in het ziekenhuis te werken en voelde zich te moe om het traditionele vuurwerk aan het eind van de nationale feestdag te bekijken. Maar laat op de avond kreeg ze dramatische sms’jes van collega’s die wél dienst hadden over de chaos op de spoedafdeling. „Het is zo onwerkelijk”, zegt ze, de zoveelste sigaret opstekend.

„Zijn we nog ergens veilig? Politici schreeuwen allemaal om het hardst, maar is er iemand die op deze situatie een antwoord heeft?”

Eerbetoon

Foto AP/ Francois Mori

Foto AP/ Francois Mori

Frankrijk is na de nieuwe aanslag in Nice de wanhoop nabij. Vele tientallen mensen zijn vrijdag naar het centrum van de stad gekomen om samen een eerbetoon te brengen aan de slachtoffers of om juist even alleen te huilen. „Het lukte me niet te werken”, zegt de 41-jarige tegelzetter Karim bij de afzetting. Hij wijst naar een op zijn kant liggende buggy aan de waterkant. „Wie zoiets tegen kinderen doet, is geen mens.” Een vriend van hem is zijn vrouw verloren, vertelt hij. “Ze waren met het hele gezin naar het vuurwerk komen kijken. Tijdens het EK voetbal durfden veel mensen ondanks alle veiligheidsmaatregelen niet naar een fanzone, zegt hij.

„Maar deze aanslag laat zien dat onze vrije manier van leven niet opgewassen is tegen mensen die kwaad willen.”

Juist vorige week presenteerde een parlementaire onderzoekscommissie het slotrapport van haar onderzoek naar de wijze waarop de Franse autoriteiten hebben gehandeld voor en tijdens de terreurdaden januari 2015 bij Charlie Hebdo en de supermarkt, en in november bij de Bataclan, het Stade de France en de cafés. Hoewel commissievoorzitter Georges Fenech waarschuwde dat het gevaar op volgende aanslagen nog lang niet geweken was en dat ook als zijn 39 aanbevelingen voor een betere coördinatie van de veiligheidsdiensten worden doorgevoerd het „risico nooit nul” zal zijn, voelde het rapport voor veel mensen wel als een soort afsluiting.

Daar kwam de toezegging van François Hollande in het traditionele interview met de president op de quatorze juillet donderdag nog bij. De drie keer verlengde noodtoestand zou eind juli na de Tour de France ophouden en de militaire missie in eigen land zou worden teruggeschroefd. Frankrijk, zo leek het, kon na het geslaagde EK, waarbij de strenge veiligheidscontroles volgens de verantwoordelijke ministers aanslagen hadden voorkomen, na maanden in een emotionele snelkookpan weer enigszins over tot de orde van de dag.

Maar vrijdagmiddag trok de Franse president in Nice weer een inmiddels bekend register open. „Het wordt een lange strijd”, zei hij nadat hij in de nacht al had laten weten de noodtoestand toch weer te verlengen. Net als vorig jaar probeerde François Hollande de Fransen te verenigen:

„De hele wereld kijkt opnieuw naar ons. We zijn een sterk land dat in staat is alle beproevingen te overwinnen. (…) We hebben de wereld laten zien dat we in staat waren tot eenheid, tot cohesie”, zei hij bij de prefectuur in de stad. „Ik roep ook in Nice op tot eenheid en cohesie, opdat Frankrijk sterker is dan hen die kwaad willen.”

Zie hier het statement van Hollande (tekst gaat verder na de video):


Déclaration du président François Hollande à Nice door elysee

Zijn woorden beginnen sleets te worden. Hollande staat nog altijd op een dieptepunt in de peilingen en heeft ondanks het instituut dat hij vertegenwoordigt niet veel gezag meer over, zeggen politicologen. Hij ligt zowel bij links als bij rechts onder vuur en moest eerder dit jaar diep door het stof toen hij er niet in slaagde om de grondwet te wijzigen voor een van zijn met veel overtuiging in november aangekondigde maatregelen, het afnemen van de Franse nationaliteit van terroristen.

De laatste maanden bereikte de politieke en maatschappelijke polarisatie in Frankrijk een hoogtepunt met steeds gewelddadiger demonstraties tegen economische hervormingen, stakingen en een voor de politie bijna niet meer te bolwerken terreurdreiging. Al maanden lopen agenten, gendarmes en militairen op hun laatste benen, zeggen de vakbonden. De regerende Parti Socialiste ligt ongemeen hard onder vuur: al meer dan honderd lokale kantoren van de partij zijn door tegenstanders vernield.

Stuurloos land

„Dit land is stuurloos”, meent de 56-jarige Bruno Balliana. De zongebruinde ex-verhuizer die sinds zeven jaar in Nice woont zit hier dagelijks op het strand, maar mag vandaag niet langs het politiekordon. Donderdagavond, vertelt hij, heeft hij op de plek waar hij nu een kaarsje brandt een kind zien sterven. „Hij was acht, vertelde zijn moeder. Ik kon niets meer voor hem doen”, vertelt hij aan iedereen die het horen wil. Hij geeft er meteen een politieke analyse bij:

„We zijn bang om de dingen bij de naam te noemen. Het zijn altijd dezelfde gastjes die dit soort dingen doen. De enige die dat keer op keer zegt is Marine Le Pen. We hebben rechts geprobeerd en we hebben links geprobeerd. We zijn de weg kwijt op een moment dat anderen oorlog willen voeren.”

Het contrast met januari 2015 kan haast niet groter. Toen werkte Hollandes oproep tot een „union sacrée”, nationale eenheid, nog. De politieke kopstukken staakten het verbale vuren en marcheerden schouder aan schouder met miljoenen Fransen door de straten. Frankrijk blonk uit in veerkracht, en schaarde zich massaal achter de, na de moord op de tekenaars breed bezongen, ‘waarden van de republiek’. In november bij de volgende reeks aanslagen riep Hollande de verenigde vergadering van Senaat en Assemblée bij elkaar voor stevige maatregelen, waaronder intensivering van de bombardementen op Syrië en de instelling van de noodtoestand. De politieke eenheid hield even stand, maar van veerkracht bij de gewone Fransen was weinig te merken. Angst domineerde.

Foto Eric Gaillard/Reuters

Foto Eric Gaillard/Reuters

„We bemoeien ons met te veel internationale conflicten”, zegt tegelzetter Karim in Nice daarover. „Dat vinden politici mooi omdat ze dan machtig lijken, maar wat hebben wij daar als gewone mensen aan?”

Nu na Nice, minder dan een jaar voor cruciale presidentsverkiezingen, is in de politiek geen enkele terughoudendheid meer. Oud-burgemeester Christian Estrosi, in juni afgetreden maar nog altijd de sterke man van Nice en rechterhand van oud-president Nicolas Sarkozy, stelde toen de lichamen nog op straat lagen al vragen over de in zijn ogen te geringe beveiliging bij de vuurwerkshow. Hij zei te hopen dat de Franse regering zou beseffen „dat Frankrijk in oorlog is.”.

Ook voor Marine Le Pen, die bij de vorige aanslagen langer wachtte met kritiek, hebben de regerende socialisten gefaald. Zo zei ze:

„De oorlog tegen de fundamentalistisch-islamistische plaag is niet begonnen”, zei ze. „Het is urgent om die nu uit te roepen.”

Zie hier het statement van Marine le Pen (tekst gaat verder na de video):

De roep om radicaler optreden en de kans op een diepere kloof tussen moslims en niet-moslims past in de theorie van wetenschappers als Gilles Kepel, de islam- en terreurkenner die zegt dat IS een „burgeroorlog” wil uitlokken door de reactie op terreur te laten escaleren. Kepel was de laatste maanden in een typisch Frans academisch moddergevecht verwikkeld met zijn collega Olivier Roy, die er de stelling op nahoudt dat niet de islam is geradicaliseerd, maar dat „de radicaliteit is geïslamiseerd”. De aanslagen door kennelijke eenlingen in Orlando en nu deze in Nice zijn illustraties van wat hij een “nihilistische revolte” noemt, ‘mass shootings’ met een islamitisch sausje.

Kepel bespeurt juist een „jihadisme van de derde generatie”, waarover sinds 2005 online teksten zijn te vinden: „het uitputten van de veiligheidstroepen en ervoor zorgen dat de samenleving, die totaal van slag is, zich voorbereidt op de logica van een burgeroorlog tussen enclaves van verschillende religies”. Maar de Franse politiek trapt in de val, zei hij vrijdag tegen radiozender France Inter. „Onze politieke klasse is hierbij waardeloos, ze geeft het gevoel alleen in gekibbel geïnteresseerd te zijn.”

Dat gevoel hebben meer mensen, ook aan de Promenade des Anglais, waar herdenken afgewisseld wordt met heftige discussies. „Frankrijk is tot op het bot verdeeld”, zegt verhuizer Balliana ferm. „We hebben van de islam al te veel geaccepteerd, laten we nu optreden”, zegt hij. Verpleegster Emilie, die naar de zee kwam luisteren:

„Laten we vooral ophouden met het woord oorlog. Daarmee geven we dit soort gekken te veel eer.”