De Slowakijeroute en het terrorisme

Wapens Na de Koude Oorlog overspoelen vuurwapens als de Ceská 58 vanuit Slowakije de Europese markt. Waar ze in handen komen van criminelen en, zo blijkt nu, jihadi’s. Europa tracht met wetgeving het gat te dichten, maar dat gaat niet vanzelf.

©

Nietsvermoedend loopt Levi B. op zaterdag 13 juni 2015 bij Opslagman in Nieuwegein naar binnen. Hij heeft een tas bij zich met twee automatische wapens, twee pistolen en een kogelwerend vest. Levi laat de wapens achter in een gehuurde opslagbox en rijdt weer weg. Hij weet niet dat de politie vrijwel alles registreert wat hij doet.

De Fiat van Levi’s vriend Zakaria S. is heimelijk voorzien van afluisterapparatuur. Zo vangt de politie op dat Levi samen met Zakaria aan het schieten is met een automatisch wapen. Een dag later hoort de politie het duo praten als ze onderweg zijn, vermoedelijk over het plegen van een liquidatie, al valt dat woord niet. „Hun komen en doen dang, dang”, zegt Zakaria. „Hup deze in de fik. IJzer [wapen] doe je in de volgende. Wij moeten dan nog naar die waggie [auto].”

Levi: „Doe kanker jezelf.”

Zakaria: „Even eerlijk. Ik ben er niet vies van.”

Levi: „Deze werk?”

Zakaria: „Ja.”

De twee zijn volgens de politie lid van een groep criminelen uit Utrecht en omgeving. Ze worden verdacht van het voorbereiden van onderwereldmoorden. Nadat ze op woensdag 15 juli 2015 samen met zes andere verdachten zijn aangehouden, weet de politie precies waar ze moeten zijn bij Opslagman in Nieuwegein: box 40 en box 161.

De doorzoeking van de boxen leidt tot een grote verrassing. De politie vindt genoeg wapens om een legertje mee uit te rusten: 26 automatische wapens, 61 vuistvuurwapens en 9 handgranaten. Ze waren opgeborgen in twee zwarte kluizen. Naast de euforie om deze zeldzame vangst, is er bij de recherche ook zorg.

Dat heeft alles te maken met een type wapen dat wordt aangetroffen: de Ceská Zbrojovka Vz 58. Er liggen zes exemplaren van dit aanvalswapen. Er is nog iets heel anders aan de hand met dat wapen. Dat hangt samen met de aanslagen in Parijs op 9 januari 2015 en is op dat moment alleen in politiekringen bekend.

De geradicaliseerde moslim Amédy Coulibaly was in het bezit van een Ceská 58 toen hij op 9 januari 2015 vier klanten van een Joodse supermarkt in Parijs vermoordde. Uit onderzoek is gebleken dat het wapen van Coulibaly in Slowakije is gekocht – geheel legaal. De terrorist die in augustus 2015 in de Thalys tussen Amsterdam en Parijs wordt overmeesterd door Amerikaanse militairen, heeft ook een Ceská 58 in bezit.

Is het toeval dat een wapen dat is gebruikt door radicale moslims nu opduikt in de handen van Levi B. en Zakaria S.? De Vlaamse wapenonderzoeker Nils Duquet denkt van niet. „We hebben vaker gezien dat criminelen in de gevangenis radicaliseren en daarna hun oude netwerk gebruiken om wapens te kopen”, zegt hij. „Het beste voorbeeld zijn de broers Khalid en Ibrahim El Bakraoui, mededaders van de aanslagen op vliegveld Zaventem en de Brusselse metro. Zij waren eerder veroordeeld voor misdrijven waarbij zware wapens zijn gebruikt.”

Ook de dader van de aanslag in Nice afgelopen donderdag lijkt een achtergrond in de misdaad te hebben.

De grote vraag is: waar komen de Ceská’s die in Nieuwegein zijn gevonden vandaan? En hoe zijn ze naar Nederland gesmokkeld? Het spoor leidt om te beginnen naar Slowakije. Daar kon tot voor kort iedereen legaal voor een paar honderd euro een Ceská 58 kopen – althans, volgens de Slowaakse lezing van de Europese wapenwetgeving.

Akoestisch

De winkel van Franticek Gajdos zit verstopt in het souterrain van een kleurloos woonblok aan het einde van een doodlopende straat in Partizánske, honderd kilometer van de Slowaakse hoofdstad Bratislawa. Een bord boven de ingang van de winkel laat geen ruimte voor twijfel. „Zbrane, Strelivo, Obrana”, staat er in grote witte letters: wapens, munitie, defensie. Daaronder: www.afg.sk.

Wapenwinkel AFG Security van de familie Gajdos staat sinds de tweede golf van aanslagen in Parijs in november 2015 in de belangstelling. Hoe kan het, vragen rechercheurs, politici en journalisten zich af, dat de Ceská 58 van de terrorist Amedy Coulibaly legaal werd verkocht door AFG Security? Het Openbaar Ministerie vermoedt dat de Ceská’s die in Nieuwegein zijn gevonden hier ook vandaan komen. Nederland gaat participeren in een groot onderzoek naar deze handel in wapens dat nu al loopt in Duitsland, Frankrijk en Slowakije zelf.

De bedompte ruimte van waaruit Franticek Gajdos en vader Franticek senior AFG Security runnen beslaat nog geen 50 vierkante meter. Rechts van de toonbank liggen drie wapens uitgestald die nog het meest lijken op speelgoedgeweren. In een hoek achter de toonbank staat een aantal geweren met lange loop tegen elkaar gestapeld, als een verzameling oud tuingereedschap. Aan de andere kant staat een pop in een oud legeruniform.

Het is nauwelijks voor te stellen dat dit keldertje wordt gezien als het middelpunt van de handel in automatische wapens van criminelen en terroristen. Toch is het zo. Volgens bronnen van het weekblad Der Spiegel schat de Duitse federale politie, het Bundeskriminalamt, dat alleen al via AFG Security 14.000 van deze wapens zijn verkocht. Op de website, die volgens een waarschuwing alleen bedoeld is voor professionele handelaren, wordt nog altijd geadverteerd voor de Ceská 58.

Het wapen, met zijn hoge vuursnelheid, is gemaakt voor het communistische Tsjecho-Slowaakse leger tijdens de Koude Oorlog. Het wapen kan binnen enkele seconden dertig kogels afvuren. Scherpschutters kunnen er echter ook goed mee overweg omdat het wapen ook een semi-automatische stand heeft. Door het ranke uiterlijk, de houten kolf en handgreep, en het gekromde kogelmagazijn wordt de Ceská vaak aangezien voor een AK-47, beter bekend als de Kalasjnikov. Maar behalve het kaliber kogel (7.62) zijn er weinig overeenkomsten.

Een kenner met een beetje gereedschap kan de akoestische Ceská’s binnen enkele uren weer schietklaar maken

Vragen wil Frantisek junior niet beantwoorden. Zijn vader doet de woordvoering maar hij is niet aanwezig, vertelt hij in goed Engels. Frantisek draagt een groen t-shirt waarop een onbestemd wapen en een serie kogels zijn afgebeeld. De Ceská 58? „Dat wapen mag sinds de zomer van 2015 niet meer aan buitenlandse klanten worden verkocht”, zegt hij. „We hebben het ook niet meer op voorraad in de winkel.” Maar via de webshop van AFG wordt het nog wel aangeboden, beaamt hij. Daarna knikt hij naar de deur.

Eind vorig jaar was Frantisek wat openhartiger tegen The Wall Street Journal. AFG Security heeft de wet niet overtreden, vertelde hij. „We hebben deze wapens aan heel veel mensen verkocht, ook buitenlanders”, aldus Frantisek. „Dat is gewoon legaal.” Hij heeft gelijk, beamen experts. De Ceská’s 58 die AFG verkocht zijn omgebouwde wapens. Ze worden ook wel akoestische wapens genoemd: ze zien eruit als een wapen, klinken als een wapen maar er kunnen geen kogels mee worden afgevuurd. En daarom is het volgens Slowaakse interpretatie van de Europese regels geen wapen.

Wapenwet

Nils Duquet kan uren praten over de wapenwetgeving in Europa. De onderzoeker van het Vlaams Vredesinstituut in Brussel houdt zich al jaren bezig met de handel in verboden wapens en pogingen om het wapenbezit in Europa te reguleren. Dat is heel ingewikkeld. De regels voor wapenbezit zijn in ieder land anders. België heeft van oudsher een grote wapenindustrie, vertelt Duquet. „Dat verklaart waarom veel meer Belgen in vergelijking met Nederlanders legaal een wapen bezitten.” Regels voor wapens raken aan de cultuur en identiteit van een volk, zegt hij. „En dat laat zich moeilijk reguleren.”

Dat verhaal gaat terug naar 1991, toen de eerste Europese wapenwet werd ingevoerd. Het hing samen met het ontstaan van de interne Europese markt en de introductie van het vrije verkeer van goederen en personen. Door het wegvallen van de grenzen was een harmonisering van de regels voor het legale bezit en gebruik van vuurwapens noodzakelijk. De nieuwe Europese wet schetste een algemeen kader. Maar nationale wetgeving bleef leidend. Nadat voormalige Oostbloklanden als Polen, Hongarije, Slowakije en Tsjechië en Estland, Letland en Litouwen zich aansloten bij de Europese Unie werden de verschillen groter.

kaartje slowakije2

Dat wordt zichtbaar bij het ‘uit de markt halen’ van wapens, ook wel deactiveren genoemd. In de Europese wapenrichtlijn ontbraken duidelijke regels daarvoor. Duquet: „In sommige landen moeten alle belangrijke onderdelen van een wapen onklaar worden gemaakt. Dat wil zeggen dat de loop wordt dichtgemaakt of het trekkermechanisme wordt vastgelast. Maar in Slowakije, dat in 2004 toe-trad tot de EU, waren de standaarden veel minder hoog.”

Dat probleem werd gerepareerd in 2008. In de aangepaste versie van de Europese wapenwet werden de regels voor het deactiveren van wapens globaal omschreven: alle essentiële delen van een wapen moeten „voorgoed onbruikbaar worden gemaakt”. Bovendien moest ieder land een toezichthouder aanwijzen voor de controle op gedeactiveerde wapens. Probleem opgelost, dachten de ambtenaren in Brussel.

Maar regels invoeren is iets anders dan uitvoeren en naleven. Uit een evaluatie van de wet uit 2008, die eind vorig jaar werd gepubliceerd, blijkt dat er binnen de lidstaten nog altijd verschillende technieken bestaan voor het deactiveren van wapens. De lidstaten waren er ondanks zeven jaar praten niet in geslaagd om gedetailleerde regels op te stellen voor het onklaar maken van wapens.

Bovendien bestaat in Europa nog altijd geen eenduidige definitie van wat die essentiële onderdelen van een wapen zijn. Zo is bijvoorbeeld de onderkast met het trekkermechanisme van een Ceská vz61 Skorpion in alle Europese lidstaten verboden, behalve in Duitsland.

Een derde kwestie betreft akoestische wapens die alleen knallen en waarmee geen kogels kunnen worden afgeschoten. Gewone wapens die worden omgebouwd tot akoestische wapens lijken op de ‘signaalwapens’ die bijvoorbeeld worden gebruikt bij het starten van sportwedstrijden of voor het afschrikken van dieren. Dit soort wapens valt niet onder de Europese wapenwet, omdat je er geen kogel mee kunt afschieten. Maar dat geldt niet voor akoestische wapens die kunnen worden teruggebouwd.

Het is een van de redenen waarom de Ceská’s uit Slowakije nu opduiken in landen als Nederland, België en Frankrijk, zegt wapenexpert Jas van Driel. Hij is geregistreerd als gerechtelijk deskundige en erkend expert als het gaat om de regulering van wapenbezit. „Toen de regels voor het deactiveren van wapens in 2008 zijn aangescherpt”, zegt Van Driel, „is niet goed nagedacht over de vraag wat er gebeurt als gewone wapens worden omgebouwd tot akoestische wapens. Het lijkt een detail, maar omdat de Slowaken de wet op dit punt anders hebben gelezen is West-Europa overspoeld met die Ceská’s.” De wapens zijn in grote getalen opgedoken in Duitsland, Engeland en Frankrijk.

Museum

Een oude Sovjet-tank en een jachtvliegtuig torenen op een sokkel uit boven de eenvoudige huizen aan de rand van het Slowaakse stadje Kolárovo. De tank en de jager zijn de pronkstukken van een verzameling oude legervoertuigen, kanonnen en ander militair materiaal dat staat opgesteld op een terrein in een woonwijk dat is afgezet met een stevig hek. KolArms is een militair museum. Uit de werkplaats van KolArms aan de andere kant van de straat klinkt af en toe het geluid van een slijptol en hamerslagen.

KolArms verzamelt niet alleen oud wapentuig, maar bouwt ook wapens om. Een aanzienlijk deel van de akoestische Ceská’s die AFG Security verkocht, is afkomstig van KolArms. Het bedrijf kocht ze voor een habbekrats van het Slowaakse leger. Het bedrijf uit Kolárovo boorde twee gaatjes – in de loop en in de kast – en sloeg daar pennetjes doorheen. Door deze aanpassing van het wapen konden er geen kogels meer mee worden geschoten, was het idee.

Na deze aanpassing zijn de Ceská’s als akoestische wapens aan de man gebracht. Afhankelijk van type en uiterlijke staat kostte het tussen de 250 en 500 euro. AFG Security, een officiële dealer van KolArms, verkocht de Ceská’s zonder vergunning of registratie. Een gravure van het KolArms-logo in de wapens is het enige teken dat herinnert aan de herkomst. Maar een kenner met een beetje gereedschap kan de akoestische Ceská’s binnen enkele uren weer schietklaar maken, zegt Jas van Driel. En dat geldt ook voor andere wapens die door KolArms zijn omgebouwd. Op de Ceská 58 van Couilibally stond een inscriptie van KolArms.

Nadat duidelijk werd dat terrorist Coulibaly zo’n omgebouwde Ceská heeft gebruikt, is de druk vanuit Europa op Slowakije toegenomen om de eigen regels aan te passen. Sinds de zomer van 2015 is het in Slowakije verboden om deze wapens te exporteren of aan buitenlanders te verkopen. Ook zijn de regels voor deactiveren van wapens nog strenger geworden, door een tussentijdse aanwijzing van de Europese Commissie.

Bij KolArms hebben ze daar last van, vertelt een werknemer die zegt te spreken namens de directeur van het bedrijf. „We hebben grote problemen”, zegt de man in moeilijk verstaanbaar Duits. Hij wil zijn naam niet geven en zegt dat de directeur van KolArms geen vragen wil beantwoorden. „Wij willen niet in verband gebracht worden met terrorisme”, zegt hij. „Akoestische wapens? Nee, dat mag allemaal niet meer. Brussel pakt ons alles af.” Door de aanslagen in Parijs en Brussel en de aanhoudende dreiging van IS in heel Europa heeft de bestrijding van de handel in illegale wapens weer prioriteit gekregen. En dat merken ze in Slowakije.

Nieuwe wet

Europarlementariër Vicky Ford laat er geen twijfel over bestaan: een nieuwe Europese wapenwet moet Slowakije-routes voorkomen. „Europa heeft een robuuste wapenwet nodig”, zegt Ford na een vergadering van de parlementaire commissie die de voorstellen voor beperking van het legale wapenbezit moet goedkeuren.

Vicky Ford – het is dan nog twee weken voor het Brexit-referendum en ze draagt nadrukkelijk een In-button op haar witte vest – is voor Europa en tegen te veel onnodige regels. Een nieuwe Europese wapenwet waar een parlementaire commissie onder haar voorzitterschap over vergadert, is hard nodig. Maar, zo zegt Ford, burgers die zich keurig aan de wet houden moeten niet het slachtoffer worden van de strijd tegen terrorisme en de georganiseerde misdaad.

De Britse Europarlementariër namens de Conservatieve partij verzamelt als rapporteur van het Europees Parlement alle bezwaren en kritiek op de wapenwet die de Europese Commissie eind vorig jaar heeft ingediend. Dat voorstel is controversieel. Jagers, liefhebbers, sportschutters en verzamelaars; allemaal vrezen ze dat hun recht op het bezit en gebruik van een wapen wordt ingeperkt. Er kwamen tienduizenden mails binnen van burgers en er is, zo vertellen ambtenaren in Brussel, heel agressief gelobbyd. Wapenbezit leeft, ook in Europa.

Nu het Europees Parlement afgelopen woensdag heeft gestemd over een eigen, alternatief voorstel voor een nieuwe wapenrichtlijn, kan de volgende fase van het Brusselse wetgevingstraject beginnen: de zogeheten ‘trialoog’ tussen de Europese Commissie, de lidstaten en het Europarlement. Tijdens dat proces gaan alle voorstellen in de Brusselse blender om tot een compromis te komen. Er liggen nog wat verschillen die moeten worden weggemasseerd. Sommige lidstaten willen uitzonderingen voor specifieke situaties, zoals de bewapening van reservisten bijvoorbeeld. En dan zijn er nog veel belangengroepen – van wapenindustrie tot jagers en musea – die wijzigingen willen om te voorkomen dat zij geraakt worden door de aangescherpte wapenwet.

Vooralsnog is het verzet van de Tsjechen en de Slowaken het grootst. Daar weegt het recht van burgers om een wapen te bezitten zwaar. De Tsjechische regering heeft zelf tegen de wet gestemd. De Tsjechen vinden dat iedere burger een wapen moet kunnen dragen voor de verdediging van de landsgrenzen. Omdat de wapenwet met een gewone meerderheid kan worden aangenomen, baart het verzet weinig zorgen. Probleem is wel dat de Slowaken vanaf 1 juli het voorzitterschap van de Unie hebben overgenomen van de Nederlanders. In Brussel vreest men voor vertraging. Dat is, ondanks de aanhoudende dreiging van aanslagen, de Europese realiteit.

Het belangrijkste issue dat er nog ligt betreft verboden automatische wapens die zijn omgebouwd naar semi-automatische wapens. Om te voorkomen dat die ‘semi-automaten’ weer worden teruggebouwd zoals ook gebeurde met de akoestische wapens, wil de commissie een aantal semi-automatische wapens verbieden. Dat treft bijvoorbeeld sportschutters en jagers, en die wil Ford ontzien. „Maar”, zo zegt ze, „we moeten voorkomen dat er nieuwe gaten in de wet ontstaan waar bijvoorbeeld de Slowaken de afgelopen jaren misbruik van hebben gemaakt.”

Terreuraanslagen

Aanscherping van de wapenwet helpt volgens Duquet bij het tegengaan van wapengeweld. Op basis van een analyse van recente grote schietincidenten in Europa concludeert hij dat daarbij heel vaak legaal verkregen wapens zijn gebruikt. Deze conclusie versterkt het beeld dat een beperking van het aantal legaal verkregen wapens helpt bij de bestrijding van vuurwapengeweld.

Daarop is echter een uitzondering, en dat zijn de terroristische aanslagen in Parijs en Brussel. Daarbij zijn wapens gebruikt die in het illegale circuit zijn verkregen. Ondanks de urgentie in Europa weten alle betrokkenen dat de dreiging van nieuwe terroristische aanslagen niet kleiner wordt door strengere wetgeving.

Het moet moeilijker worden om op de illegale markt zware automatische wapens te kopen, zegt Duquet. „Dat kan alleen door prioriteit te geven aan onderzoek naar de handel in illegale wapens.” De vrees is dat meer jonge criminelen het voorbeeld van de Belgische gebroeders El Bakraoui zullen volgen, zegt Duquet. „Deze jongens hebben eerder misdaden begaan met zware wapens en de Belgische justitie gaat ervan uit dat zij hun criminele netwerk hebben gebruikt om IS-terroristen van wapens te voorzien.” Daarom is het goed dat de Nederlandse justitie gaat meewerken aan een onderzoek naar de herkomst van de Ceská’s die zijn gevonden in Nieuwegein, zegt hij. „De volgende keer komen die wapens bij potentiële terroristen terecht.”