Britse onderzoekers meteen na Brexit uit EU-projecten geweerd

foto Istock

De dag na het Brexit-referendum lieten de Nederlandse universiteiten via hun belangenvereniging VSNU weten te blijven samenwerken met de Britse universiteiten – „zoals bij onderzoeksprojecten en de uitwisseling van studenten en onderzoekers.” Voor hen zouden er geen „onmiddellijke consequenties” zijn.

Toch kregen Britse onderzoekers onlangs van Nederlandse wetenschappers te horen dat ze niet langer welkom zijn. Dat blijkt uit een vertrouwelijk rapport van de Russel Group, een samenwerkingsverband van 24 Britse universiteiten. Britse onderzoekers zijn nu al slachtoffer van een „golf van discriminatie”, meldt het dagblad The Guardian over het rapport.

Britse onderzoekers krijgen nu veel geld van de Europese Unie (EU), zo’n 1,2 miljard euro per jaar, mede doordat zij werken bij vooraanstaande universiteiten. Zo is er geen Europese universiteit die zoveel EU-geld krijgt als Oxford, vertelde bestuursvoorzitter Patten onlangs: „Ons onderzoeksbudget zal uiteraard aanzienlijk dalen als we uit de EU vertrokken zijn.”

Of de geldstroom straks echt opdroogt, hangt af van de manier waarop de Brexit zijn beslag krijgt. Door deze onzekerheid kunnen Britten de subsidies voor de doorgaans langdurige projecten in gevaar brengen, vrezen nogal wat EU-onderzoekers.

Vrijwel meteen na het referendum kregen Britse onderzoekers dan ook het verzoek van collega’s om projecten te verlaten en leidinggevende rollen daarin neer te leggen. Het gaat om projecten in de natuurwetenschappen, techniek en sociale wetenschappen. Bij zeker twee sociaal-wetenschappelijke onderzoeken met Nederlandse universiteiten zijn de Britten verzocht op te krassen. „Daar weten wij niets van”, zegt een woordvoerder van de VSNU. „Het laat wel zien hoe belangrijk het is dat er snel duidelijkheid komt over de gevolgen van Brexit.”